CDA loopt het grootste risico

Het CDA zal een coalitie met de VVD en D66 kunnen domineren, maar Philip van Praag denkt dat een mislukking van het kabinet daarom vooral het CDA zal schaden....

De breed gedeelde opvatting op en rond het Binnenhof is dat D66 een groot risico neemt door een regering te vormen met CDA en VVD. Dat valt nog te bezien. In de twee paarse kabinetten was D66 grotendeels onzichtbaar. De partij had zichzelf de taak gesteld PvdA en VVD bij elkaar te brengen en te houden. In de loop der tijd werd dat bruggenbouwen echter langzaam overbodig. De verhouding tussen de twee grootste regeringspartijen was van dien aard dat een intermediaire rol voor een derde partij niet noodzakelijk was. Beleidsinhoudelijk wist de partij geen stempel op het kabinet en het politieke debat te drukken. Bij het nu in de steigers staande kabinet zal D66 een geheel andere positie kunnen innemen. Als meest progressieve regeringspartij krijgen de democraten meer kansen om zich te profileren dan onder Paars.

D66 neemt ongetwijfeld een gok met de bereidheid om een centrum-rechtse coalitie aan een meerderheid te helpen. Op korte termijn loopt haar geloofwaardigheid een deuk op. Weinig D66-kiezers zullen in januari met hun stem hebben beoogd deze coalitie aan de macht te brengen. Deelname aan deze regering staat ook op gespannen voet met de altijd door D66 nagestreefde duidelijkheid in de politiek. Veel kiezers zullen het D66 op termijn echter vergeven als men een eigen herkenbare inbreng in het kabinet heeft, een inbreng die verder zal moeten gaan dan enkele punten van bestuurlijke vernieuwing. De tragiek van D66, vanaf haar oprichting, is dat veel kiezers haar democratiseringsdoelen wel onderschrijven maar zich in het stemhokje niet laten leiden door deze onderwerpen. Volstaat D66 met het binnenhalen van de voorstellen tot bestuurlijke vernieuwing dan loopt dit avontuur slecht af. D66 zal zich ook op andere, voor progressieve kiezers belangrijke onderwerpen in het kabinet moeten onderscheiden. Juist daardoor zal dit kabinet voor het CDA riskant zijn.

Het CDA heeft er in de tweede week van april bewust voor gekozen geen coalitie aan te gaan met de PvdA. Vanuit een ideologisch perspectief en vanuit een machtsperspectief is dat best te begrijpen en te verklaren. Het CDA heeft de voortgezette samenwerking met de VVD niet voor niets tot inzet van de verkiezingen gemaakt. Getalsmatig is bovendien een coalitie met de VVD en een derde partij gemakkelijker te domineren dan een coalitie met de PvdA. De vraag is wel of de CDA-leiding de gevolgen goed doordacht heeft, of men begin april wel voorzien heeft dat het afbreken van de onderhandelingen met de PvdA zou uitmonden in een driepartijencoalitie waarin D66 de derde partij is.

Op papier kan het CDA deze coalitie domineren, maar het zal de partij in de praktijk moeite kosten om een stempel op het beleid te zetten. Traditioneel heeft het CDA de neiging om zich enigszins rechts te profileren in een kabinet met de PvdA en enigszins links te profileren in een kabinet met de VVD. Als dat niet in het kabinet gebeurt door de CDA-ministers, gebeurt dat wel vanuit de Kamer door de CDA-fractie.

Een dergelijke profilering is veel moeilijker als het CDA de centrumpositie inneemt in een driepartijen kabinet. Ervaring heeft men niet op dit punt, het CDA heeft nog nooit in een kabinet een middenpositie hoeven innemen. De voor het CDA succesvolle kabinetten waren altijd tweepartijencoalities, meestal met de VVD. Als men zich in het komende kabinet wil onderscheiden van de VVD is de vraag hoe. Voor D66 is het noodzakelijk zich in het kabinet enigszins progressief te profileren en zich op financiële en sociaal-economische onderwerpen enigszins te onderscheiden van VVD en CDA. Leden en kiezers verwachten dat zeker van haar, de partij draagt tenslotte niet voor niets het etiket sociaal-liberaal. Het gevolg is dat het CDA veel moeite zal moeten doen om een herkenbaar (sociaal) gezicht te houden in dit kabinet. Lukt dat niet dan zal haar electorale kwetsbaarheid toenemen.

Een flets profiel van het CDA zou gecompenseerd kunnen worden door een overtuigend optreden van Balkenende als minister-president. Het lijkt, afgaande op de wijze waarop Balkenende het afgelopen jaar als premier is opgetreden, twijfelachtig of hij daar in zal slagen. Het succes van zijn voorgangers Lubbers en Kok was gebaseerd op twee zaken. In de eerste plaats een uitgebreide dossierkennis, met name ook grondige kennis op sociaal-economisch terrein. De komende periode zal dat ook van groot belang zijn. Balkenende heeft tot nu toe geen grote indruk gemaakt met zijn dossierkennis, zelfs niet op het terrein van normen en waarden.

In de tweede plaats is het succes van een premier afhankelijk van het gezag dat hij bij de coalitiepartners geniet. Als de premier op moeilijke dossiers knopen doorhakt of in Europees verband namens Nederland optreedt mag dat geen onderwerp meer worden van publieke discussie door de coalitiepartners. Dat gezag bezit Balkenende nog steeds niet. Veelbetekenend is dat Zalm twee weken geleden in Vrij Nederland niet wilde beamen dat Balkenende het in zich heeft om een goede premier te worden. Wrang is dat hij in dat interview aangeeft hoe belangrijk de goede persoonlijke verhoudingen met Kok zijn geweest in Paars.

Als Zalm vice-premier wordt - hij heeft aangegeven daar serieus over na te denken - zal dat de positie van Balkenende niet vergemakkelijken. Zalm is zeker geen groot strategisch talent, maar als vakminister, aannemende dat hij weer minister van Financiën wordt, een zwaargewicht en als vice-premier toch van een andere politieke orde dan Remkes, de huidige VVD-vice-premier.

Er is een derde reden waarom het CDA veel risico loopt met deze coalitie. Dit kabinet wordt een succes als alle drie betrokken partijen daar belang bij hebben. Zeker in het eerste jaar zullen de drie partijen zich daar bewust van zijn en in grote eensgezindheid het regeerakkoord verdedigen. Daarbij mag niet vergeten worden dat zowel VVD als D66 weinig gelukkig zijn met hun huidige zetelaantal. Zalm heeft verscheidene keren duidelijk gezegd dat hij de huidige 28 zetels eigenlijk veel te weinig vindt. D66 kan met zes zetels ook niet zoveel meer verliezen. Feitelijk lopen VVD en D66 niet zoveel risico door deel te nemen aan deze regering.

De cruciale vraag wordt op termijn hoe stabiel het kabinet blijft als het CDA voor langere tijd op verlies staat in de peilingen en VVD en of D66 duidelijk op winst. Door een coalitie met twee 'verliezers' aan te gaan, zou het CDA zich op termijn wel eens grote problemen op de hals kunnen halen. Het mislukken of slechts half slagen van dit kabinet zal in de eerste plaats het CDA worden aangerekend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden