CD Recensies

Racen naar grote hoogten Willem van Otterloo In olie en boter gebraden Richard straussHartverwarmende soul David Binney

Klassiek: Willem van Otterloo ****

Willem van Otterloo

The original recordings 1951-1966.

Challenge Classics

Willem van Otterloo (1907-1978) is de dirigent die na een Haagse ochtendrepetitie in zijn bolide sprong, naar Wenen sjeesde, en daar op tijd arriveerde voor een avondconcert. Tussen het racen door stuwde hij het Residentie Orkest op. Zo hoog zelfs, dat de collega's van het Concertgebouworkest er in de jaren vijftig nerveus van werden.

Niet verwonderlijk, zo bleek in 2005, toen componist Otto Ketting een 13-delige cd-box samenstelde met plaatopnamen uit het Philips-archief. Nu verschijnt deel twee: zeven cd's die de jaren 1951-1966 documenteren. Behalve het Residentie Orkest dirigeert Van Otterloo het Concertgebouworkest, de Wiener Symphoniker en Berliner Philharmoniker.

César Francks enige symfonie opent met de broeierigheid van een verloren gegane Wagner. In Rachmaninovs Eerste en Tweede pianoconcert bewijst solist Cor de Groot z'n ritmische genie.

Klassiek: Richard Strauss ****

Richard Strauss: Der Rosenkavalier. Rotterdams Philharmonisch Orkest o.l.v. Edo de Waart

rpho.nl

Parooljournalist Hans Vogel was er in 1976 bij, toen de eerste studio-opname van een opera in Nederland plaatsvond. De reportage staat afgedrukt in het boekje bij Der Rosenkavalier, het stuk van Richard Strauss waarin een jeugdige Edo de Waart het Rotterdams Philharmonisch Orkest dirigeert. Vogel zag hoe de Marschallin (sopraan Evelyn Lear) tussen de bedrijven door zat te breien. Hij sprak met een Octavian (mezzosopraan Frederica von Stade) die de Nederlandse klus 'verrukkelijk' vond. José Carreras liep hij helaas mis. De aanstormende ster vloog voor zijn enige bijdrage, de Italiaanse pronkaria, op en neer vanuit Londen. Strauss liet ooit weten dat hij zijn partituur wilde braden in 'olie en boter'. Akkoord, dacht Edo de Waart, maar dan gebruiken we wel de light-variant. Hij koos verstaanbare stemmen en liet het orkest laveren tussen draufgängerisch en weemoedig - de essentie van Der Rosenkavalier.

Klassiek: Chopin ***

Chopin: pianoconcerten Daniel Barenboim (piano), Staatskapelle Berlin o.l.v. Andriss Nelsons

DG

Morgen krijgt pianist en dirigent Daniel Barenboim in Scheveningen de Edison Oeuvreprijs Klassiek.

Barenboim kwam onlangs naar het Concertgebouw om prinses Máxima te feliciteren met haar 40ste verjaardag. Rommelig Lisztspel deed toen vermoeden dat de vingeroefeningen een tijdje waren verwaarloosd. Van slordigheid is in de twee pianoconcerten van Chopin weinig te merken. Al klinkt Barenboim ook nu niet ideaal. Voornaamste bezwaar: een bitse hoogte, die het dolce van een melodie ontkracht. Anderzijds laat Barenboim in de langzame delen horen hoe je noten zo oprekt, dat ze terechtkomen in een zwaartekrachtloze buiteling.

Jazz: David Binney ****

David Binney: Barefooted Town.

Criss CrossJazz/Challenge

David Binney beschikt over een verschrikkelijk strakke altsaxsound. Wat je hoort is heel veel studie en speelervaring die gelukkig niet hebben geleid tot een saaie ik-kan-alles-maar-klink-nergens-naar-geluid. In zijn foutloze spel hoor je identiteit, wat vooral tot uitdrukking komt in het laatste nummer. Op de ballad Once, When She Was Here blaast Binney met een ongelooflijke precisie hartverwarmende soul. Dat klinkt tegenstrijdig en dat maakt het zo spannend.

In de andere zes stukken staat vooral de structuur centraal. Hierin valt de dynamiek op. Altijd ritmisch in beweging, vol tempocontrasten en veelal behoorlijk gelikte thema's die veel telwerk vereisen om ze te kunnen doorgronden. Soms swingt het als een beest, dan klinken weer onbegrijpelijke breaks; Binney houdt je graag voor de gek.

Wereldmuziek: Teofilo Chantre ***

Teofilo Chantre: Mestissage

Lusafrica

Teofilo Chantre werd aanvankelijk bekend als leverancier van liedjes voor Cesaria Evora, vooral voor haar hitalbum Miss Perfumado, maar de sinds zijn 13de in Frankrijk wonende Kaapverdiaan Teofilo Chantre heeft inmiddels ook een succesvolle solocarrière. De zanger-gitarist vermengt al langer de melancholieke morna's en dansante coladeira's van zijn geboorteland met Franse chansons, en op zijn laatste cd voegt hij daar wat scheuten Braziliaanse bossa nova aan toe.

Dit is niets-aan-de-handmuziek met een ondertoon van saudade, Portugese weemoed, die echter nergens in de ziel snijdt. Aangename, onnadrukkelijke zang, smaakvol omlijst met mooi gitaarspel en hier en daar wat blazers of strijkers; soms is er een uitschieter wat melodische originaliteit betreft, zoals het ook tekstueel rake bannelingenlied Au Restau de l'Exil. Vaak is er alleen maar sprake van degelijk en integer vakwerk zonder verrassingen.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden