analyseNederlandse economie

CBS: krimp economie ‘ongekend’ en ‘catastrofaal’

 De Nederlandse economie is in het tweede kwartaal, tijdens het hoogtepunt van de coronacrisis, met 8,5 procent gekrompen ten opzichte van een kwartaal eerder. Het is de sterkste afname ooit gemeten, aldus het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Er is weinig reden voor optimisme nu corona allerminst verslagen blijkt.

De bloemensector moet het vooral van de verkoop in eigen land hebben, die tijdens de coronacrisis zelfs is toegenomen. Maar het overgrote deel van de export ligt nog steeds plat. Beeld ANP

Hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen van het CBS kent bij wijze van spreken wel duizend woorden om de krimp van de Nederlandse economie tijdens het voorlopige hoogtepunt van de coronacrisis te omschrijven. Hij koos vrijdag voor ‘ongekend’. Om daar later ‘catastrofaal’ aan toe te voegen.

Nog nooit zag het CBS de Nederlandse economie zo door de hoeven gaan als in het tweede kwartaal van dit jaar. Vergeleken met de eerste drie maanden kromp het bruto binnenlands product (graadmeter voor de toestand van de economie) met 8,5 procent. Zelfs tijdens de financiële crisis (toen er op het dieptepunt in 2009 ‘slechts’ 3,6 procent af ging) en de depressie van de jaren dertig ging het minder snel omlaag. Ongekend dus.

Zoals verwacht behoren handel, horeca, vervoer en opslag tot de zwaarst getroffen sectoren. Evenals de uitzend- en reisbureaus. Zelfs de overbelaste zorgsector zag de inkomsten kelderen. Hoewel ziekenhuizen vol lagen met coronapatiënten, werd veel andere zorg uitgesteld of gemeden, aldus het CBS, waardoor de inkomsten per saldo met ruim 20 procent zijn gedaald.

Ook de exportinkomsten verdampten. Er werden minder machines uitgevoerd, minder aardolieproducten (het Europese transportraderwerk stond immers ook stil) en er werden minder diensten uitgevoerd. Onder deze noemer vallen met name de uitgaven van buitenlandse bezoekers, de toeristensector dus, die zijn bron van inkomsten volledig zag opdrogen.

Inktzwarte cijfers

Vrijdag werden louter ‘inktzwarte’ cijfers gepresenteerd (nog een synoniem dat CBS’ hoogste rekenmeester gebruikte), zeker. Maar vergeleken met landen om ons heen vallen ze nog mee, voor zover daarvan sprake kan zijn: het Verenigd Koninkrijk verloor in dezelfde periode ruim 20 procent van zijn bbp, Duitsland meer dan 10 procent, Frankrijk bijna 14 procent. Waarom Nederland het minder slecht doet, is volgens Van Mulligen lastig te zeggen. ‘Mogelijk speelt de intelligente lockdown een rol, maar dat kan niet de hele verklaring zijn’, stelt hij. ‘Want een land als Zweden, dat nauwelijks een lockdown kende, is ongeveer even zwaar getroffen als wij.’

We zijn dus nog goed weggekomen. Dat is een lichtpuntje, ook al weten we niet precies waaraan we dat te danken hebben. Of dit betekent dat Nederland ook in het voorste karretje zit als het herstel zich aandient, valt niet te zeggen, aldus Van Mulligen. ‘In het algemeen kun je zeggen dat hoe dieper je zakt, hoe meer je kunt herstellen’, schetst hij. ‘Wat dat betreft ziet het er voor de Britten óntzettend goed uit.’

Onder al dit cijfergeweld ligt een vraag die niet direct beantwoord kan worden: wat betekent deze daling nu precies? Wat is de werkelijke schade die de economie heeft opgelopen? Zijn sectoren die midscheeps zijn geraakt snel weer uit te deuken? Of maakt de economie al op grote schaal water en dreigen hele bedrijfstakken binnenkort te zinken?

Werkloosheid

Een belangrijke indicator voor de stand van de economie is de werkgelegenheid. Ook hier is het beeld somber. In het tweede kwartaal gingen in Nederland maar liefst 322 duizend banen verloren, ongeveer 3 procent van het totaal. Dit getal is nog geflatteerd, aldus het CBS, omdat in dezelfde periode het aantal gewerkte uren met 6 procent daalde. Dit betekent dat veel mensen thuis duimen zaten te draaien, maar nog wel een baan hadden. Hier heeft de overheidssteun vooralsnog een stuttende werking: bedrijven konden dankzij diverse regelingen personeel in dienst houden, hoewel er tijdelijk geen werk voor hen was.

Wie een vaste baan had, kon zich dankzij overheidssteun doorgaans aardig door de crisis slaan. De klappen werden vooral gevoeld door flexwerkers en werknemers met jaar- en nulurencontracten. Zij verloren op grote schaal inkomsten uit werk. Vooral jongeren en lageropgeleiden betaalden hiermee de prijs van de coronacrisis. Als het herstel, dat zich in augustus voorzichtig lijkt aan te dienen, doorzet, zullen zij vermoedelijk ook weer snel aan de slag komen. Dan is de schade, hoewel immens, nog te overzien.

De voortekenen zijn niet goed. Nederland verkeerde enkele weken in de veronderstelling dat het ergste coronaleed geleden was en trok er na de versoepeling van de maatregelen weer vrolijk op uit. De gevolgen daarvan laten zich nu zien. Hier en elders in Europa neemt het aantal besmettingen weer snel toe. Zo snel, dat mogelijk in september al sprake is van de gevreesde tweede golf, een golf die pas begin volgend jaar werd verwacht.

Dreigende lockdown

Als we niet uitkijken, dreigt mogelijk ook eerder dan verwacht een tweede lockdown, al dan niet regionaal. Als de economie opnieuw op slot gaat, zullen de gevolgen veel groter zijn.

Tot nu toe is een beperkt aantal bedrijven omgevallen, het aantal faillissementen nam afgelopen maand zelfs iets af. Maar veel ondernemingen noteerden de afgelopen maanden rode cijfers, een situatie die niet oneindig kan voortduren. ‘Als ‘corona’ in ernst toeneemt en de overheidssteun eindigt, zullen er zeker meer bedrijven failliet gaan en volgen alsnog veel ontslagen’, waarschuwt Van Mulligen. Een scenario waar we liever niet aan denken, maar dat niet langer denkbeeldig is. De CBS-hoofdeconoom zegt het nog wat stelliger: ‘De vooruitzichten zijn niet gunstig.’

En ook daarvoor bestaan duizend synoniemen.

De belangrijkste kabinetsmaatregelen uit het tweede kwartaal

15 maart: Sluiting horeca, scholen, kinderdagverblijven tot 6 april. Anderhalve meter afstand houden;

23 maart: Tot 1 juni verbod bijeenkomsten en groepsvorming van drie of meer. Kappers, schoonheidsspecialisten en nagelstylisten tot 6 april dicht;

31 maart: Inkomenssteun voor bedrijven en zzp’ers voor maart, april en mei;

21 april: Versoepeling: basisscholen 11 mei weer open, kappers e.d. ook. Strenger: verbod vergunningsplichtige evenementen tot 1 september;

1 juni: Buiten sporten mag, horeca en culturele instellingen beperkt open, mondkapjes in het ov verplicht. Middelbare scholen deels open, basisscholen volledig. Minder streng verbod op groepsvorming;

1 juli: Anderhalve meter blijft. Horeca en cultuur binnen maximaal 100 mensen, buiten 250. Contactsporten weer toegestaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden