'Cassatie voor licht vergrijp moet afgeschaft'

De stroom strafzaken bij de Hoge Raad moet worden ingedamd. Daarom moet cassatieberoep worden uitgesloten voor zeer lichte overtredingen, de zogenoemde bagatelzaken....

Van onze verslaggever

DEN HAAG

Deze voorstellen doet de Commissie Werkbelasting Strafkamer Hoge Raad in een donderdag uitgebracht rapport. De commissie werd geleid door mr. W. Haak, vice-president van de Hoge Raad. Namens de zieke minister Sorgdrager van Justitie werd het rapport in ontvangst genomen door secretaris-generaal Borghouts. Hij verwacht dat de minister de aanbevelingen zal omarmen.

De strafkamer van de Hoge Raad kampt met een toenemende werklast. Het aantal cassatieberoepen steeg tussen 1985 en 1995 van 1333 tot 2770. Verwacht wordt dat dit jaar de grens van 3000 zaken wordt bereikt. Dit is exclusief de cassatieberoepen voor eenvoudige verkeersovertredingen. In deze zogenoemde Wet Mulder-zaken werd in 1993 434 maal cassatieberoep bij de Hoge Raad ingesteld; naar verwachting dit jaar 850 maal.

'Als maatregelen uitblijven, zal het grote aantal zaken een bedreiging vormen voor een goede en vlotte werking van de cassatierechtspraak', aldus de commissie.

Een verdere uitbreiding van het aantal rechters bij de Hoge Raad is volgens de commissie-Haak geen reële optie, omdat de Hoge Raad de taak heeft om de eenheid binnen het recht en ook binnen zijn eigen rechtspraak te bewaken. De afgelopen jaren is al een aantal organisatorische en wettelijke maatregelen genomen om de werklast te remmen.

De commissie adviseert om voor de allerlichtste overtredingen waarvoor slechts een boete van maximaal honderd gulden is opgelegd, zowel hoger beroep als cassatie uit te sluiten. Voor overtredingen die zijn bestraft met een boete tussen de honderd en vijfhonderd gulden wil de commissie wel hoger beroep mogelijk maken. Pas in zaken met een boete van meer dan vijfhonderd gulden zal de weg naar de Hoge Raad openstaan.

De commissie noemt de toevloed van zaken die eenvoudige verkeersovertredingen betreffen, ronduit zorgwekkend. De invoering van de Wet Mulder heeft voor de strafkamer van de Hoge Raad de instroom van zaken met meer dan 25 procent vergroot. Voor dit soort zaken bestaat niet de mogelijkheid in appèl te gaan; wel is daarvoor nu nog cassatieberoep mogelijk.

Als belangrijkste oorzaak van de toename van Mulder-beroepen constateert de commissie dat de justitiabele het gevoel heeft niet aan zijn trekken te komen en het daarom hogerop zoekt. Plegers van Mulder-overtredingen wordt eerst een transactie aangeboden. Daartegen kan een bezwaarschrift worden ingediend bij de officier van justitie. Als dat wordt afgewezen, kan de zaak aan de kantonrechter worden voorgelegd en uiteindelijk aan de Hoge Raad.

Maar een aanzienlijk deel van de cassatieberoepen in Mulder-zaken betreft klachten van feitelijke aard, waarover de Hoge Raad zich niet kan uitlaten. De Hoge Raad mag uitsluitend beoordelen of de lagere rechter het recht heeft geschonden of essentiële vormen heeft verzuimd.

De commissie adviseert met spoed wettelijk te regelen dat een tweede feitelijke instantie voor Mulder-zaken wordt gecreëerd en deze zaken van cassatie worden uitgesloten. Appèl zou echter gereserveerd moeten zijn voor veroordelingen tot boetes boven de honderd gulden. Wie honderd gulden of minder boete krijgt, kan met zijn zaak niet verder komen dan tot bij de kantonrechter.

De commissie adviseert verder om in cassatiezaken procesvertegenwoordiging door een advocaat verplicht te stellen op straffe van niet-ontvankelijkheid. In het huidige stelsel hoeft een verdachte slechts zijn wens om in cassatie te gaan kenbaar te maken.

De voorgestelde maatregel dwingt de verdachte zijn bezwaren tegen de bestreden uitspraak te beargumenteren. Van de advocaat mag worden verwacht dat hij de verdachte adviseert van beroep bij de Hoge Raad af te zien als hij geen gronden voor cassatie aanwezig acht. Een belangrijk voordeel voor de Hoge Raad is dat het college zich meer dan nu kan concentreren op essentiële rechtsvragen.

De commissie heeft berekend dat het effect van haar voorstellen kan zijn dat het aantal zaken met 50 procent daalt. De werklast kan met ongeveer 20 procent verminderen.

De verplichte procesvertegenwoordiging zal de kosten voor de gefinancierde rechtsbijstand met ongeveer driehonderdduizend gulden doen stijgen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden