Canti van alle kanten

Het schurende stemgeluid van de Siciliaanse broers Enzo en Lorenzo Mancuso is net zo'n smeltkroes als Sicilië zelf. 'We kunnen geen noot lezen en moeten dus alles uit het hoofd leren.'

Terwijl de Sardijnse zangkunst, vertegenwoordigd door groepen als de Tenores di Bitti en de Tenore e Cuncordu de Orosei, internationaal veel aandacht en erkenning krijgt, moet Sicilië het meestal doen met kitscherige ad-hocproducties als Musica della mafia, een muziektheatervoorstelling die enkele jaren geleden met de nodige tamtam door het land trok, maar die eigenlijk vooral een karikaturaal beeld gaf van de Siciliaanse volksmuziek. Wie daarentegen kennis maakt met de muziek van de broers Enzo en Lorenzo Mancuso (samen het duo Fratelli Mancuso) beseft meteen: dit is andere koek. Hun bezwerende samenzang, het ene moment zoetgevooisd en lieflijk, het andere schurend en snerpend, lijkt vanwege zijn exotische karakter verwant aan andere eilandklanken als de Sardijnse en de Corsicaanse. Maar klopt dat ook?


Enzo Mancuso, met 54 de jongste van het tweetal, schudt zijn hoofd: 'Je kunt Sicilië niet vergelijken met Sardinië en Corsica. Die hebben allebei een homogene cultuur, dankzij eeuwen van relatief isolement. Sicilië is eigenlijk nauwelijks een eiland en heeft dan ook een meer continentaal karakter. Bovendien is het al duizenden jaren lang een smeltkroes van invloeden: in de oudheid Grieks, vervolgens Byzantijns, Arabisch, Normandisch en Spaans. Ik noem het wel eens de smidse van de Italiaanse geschiedenis, zowel politiek als literair en zeker ook muzikaal. Dat onze muziek soms doet denken aan de Sardijnse, komt door het archaïsche karakter van de stemmen, iets dat we met hen gemeen hebben. Maar bij de Sardijnen speelt tragiek nauwelijks een rol, terwijl die bij Sicilianen diep zit ingebakken, niet eens zozeer vanwege de vaak armoedige leefomstandigheden van de afgelopen honderd jaar, maar al sinds de Griekse oudheid.'


Lorenzo (59): 'Onze muziek is net zo'n smeltkroes als Sicilië zelf. Het schelle stemgebruik dat zo kenmerkend is voor onze stijl, hebben we zelf ontwikkeld om onze stemmen te projecteren en onze samenzang rijker en voller te maken, meer te laten klinken als een koor. Toch blijft onze muziek ten diepste Siciliaans, want we zijn opgegroeid met de lamentazioni, de klaagliederen van de arme plattelandsbevolking en met de canti alla carrettiera, liederen die hoorden bij het beroep van transporteur en die tijdens het werk werden gezongen. Onze bronnen zijn steeds traditioneel, maar daaruit hebben we zelf een eigen stijl ontwikkeld. We springen vrij om met de traditie en schrikken niet terug voor het experiment, maar we blijven wel altijd trouw aan de Siciliaanse ziel van de muziek.' Was die stijl, waarin de samenzang veelal verloopt in parallelle tertsen, perfect synchroon uitgevoerd ondanks de vele langgerekte, bijna metrumloze glissandi, niet heel lastig om aan te leren?


Enzo: 'Voor ons niet, maar wij zijn ook broers en voelen elkaar blindelings aan. Eerlijk gezegd geloof ik niet dat je dit kunt leren. Wat ook helpt, is dat we allebei over een absoluut gehoor beschikken en dus zonder hulp van instrumenten kunnen inzetten.'


Die instrumenten zijn er wel, vaak afkomstig van ver buiten Sicilië. Zo bespelen de broers naast gitaar, viool en harmonium de oude, middeleeuwse draailier, de Turkse baglama (langhalsluit) en allerhande trommels die tijdens buitenlandse tournees werden aangeschaft.


Al sinds het begin van hun muzikale carrière, halverwege de jaren '80, werken de Mancuso's regelmatig samen met jazzmusici. Inmiddels doen ze dat ook met twee Siciliaanse componisten, Marco Betta en Salvatore Sciarrino. Hoe verloopt die samenwerking? Enzo: 'Zij zijn vooral gefascineerd door het tijdloze karakter van onze stemmen, waarin je iets middeleeuws kunt herkennen, maar ook iets van de bel canto en misschien zelfs iets avant-gardistisch. Voor ons is het vooral een forse uitdaging, want we kunnen allebei geen noot lezen en moeten dus alles uit het hoofd leren.'


The Talented Mr. Ripley

Naast een muziekcarrière, hebben de gebroeders Enzo en Lorenzo Mancuso ook een korte loopbaan als acteur gehad. Regisseur Anthony Minghella koos voor zijn film The Talented Mr. Ripley (1999) niet alleen enkele liederen van hun cd als onderdeel van de soundtrack, de broers maakten ook een opwachting in de film.


Fratelli Mancuso. 17 juni, Bimhuis, Amsterdam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden