Buxtehude en Pachelbel in Orgeltuin

Eigenlijk is het orgel een uit de hand gelopen blaasinstrument. Het behoort dan ook tot de zogenoemde aërofonen, leren we in het orgelmuseum in Elburg....

ROLF BOS

Dan is er nog het Nationaal Historisch Orgel Museum, enigszins weggestopt in de Rozemarijnsteeg, in een paar pandjes waar niet toevallig ook de Stichting tot Behoud van het Nederlandse orgel is gevestigd. We zijn vandaag waarschijnlijk de eerste bezoekers, en speciaal voor ons wordt een stemmige orgelplaat opgezet - is het een fuga van Bach, of toch van Buxtehude?

Het orgel als blaasinstrument. In de vitrines van het museum ligt een panfluit, 'een voorloper' van het instrument. Wordt bij de panfluit de mond gebruikt om de toon te zetten, bij het orgel doen blaasbalg en wind het werk. Of water. Oude kranteknipsels in het museum doen kond van een Romeins orgel, dat ergens in Hongarije werd gevonden. Deze Hydraulis, een waterorgel, van Gaius Julius Viatorinus uit 228 bleek na het opgraven nog bespeelbaar.

Het natte orgel van de Romeinen werd gevonden in Aquincum nabij Boedapest, en zou tot aan de zesde eeuw gebruikt zijn. Daarna raakte het in onbruik: christenen vonden het instrument te werelds. Het portatief, het draagbare orgel, werd namelijk vooral gebruikt bij feesten en partijen. Dat is grappig, gezien de status die het orgel in latere eeuwen in de kerken zou krijgen.

Dan praten we over de twaalfde eeuw, waarin het orgel schoorvoetend in de geloofshuizen werd aanvaard. Het instrument was in die jaren vooral een hulpmiddel om de toon aan te geven voor de cantor. Pas in de zestiende eeuw kreeg het instrument een meer autonome rol en gingen ook componisten zich op het orgel werpen.

Namen van buitenlandse componisten (Bach natuurlijk, Couperin, Frescobaldi, Pachelbel en Franck) worden in het Elburgse museum ook genoemd, maar de meeste aandacht gaat toch uit naar Nederlandse grootheden als Samuel de Lange, Hendrik Andriessen en, vooral, Jan Zwart (aan wie de hele bovenverdieping in het museum is gewijd).

Er waren 'markante persoonlijkheden' bij, zoals de blinde Zutphense organist Cor Bute; 'zijn voorspelen werden door een ander geschreven', schreef Trouw bij zijn overlijden in 1980. A. Pompen, de organist van de Lutherse kerk aan het Amsterdamse Spui, was ook al blind. Toch schreef hij het Gebed des Heeren, voor eene middenstem. We blijven lang stil staan bij het portret van Quirinius Gerbrandt van Blankenburg (1654-1740), die vooral bekend is vanwege zijn De Verdubbelde Harmony. Slechts de helft ervan werd 'genoteerd': 'De tweede helft speelt men door het muziekblad onderste boven te zetten.' Daar kunnen we ons even niets bij voorstellen.

Nederland heeft een rijke orgelcultuur. Niet voor niets wordt het land wel de 'Orgeltuin van Europa' genoemd. Nergens ter wereld zijn zoveel historische orgels te zien en te beluisteren. In het museum wordt in het bijzonder lang stilgestaan bij de periode uit het begin van deze eeuw. Ambachtelijke orgelbouwers passeren de revue, hun gereedschap ligt uitgestald. Orgels bouw je met rishaak, tandschaaf, normaallat, schrobzaag en strijkbout. Daarnaast gebruikt de bouwer ook nog winddrukmeter en ventielklem.

Van beroemde organisten zijn in het museum opnamen te beluisteren. De al eerder genoemde Jan Zwart, in oude publikaties ook wel 'orgelist' genoemd, was een van de belangrijkste voortrekkers van de Nederlandse orgelcultuur. Voor de Tweede Wereldoorlog (hij stierf in 1937) gaf hij druk bezochte concerten en was hij de eerste Nederlandse radio-organist. Vanaf 1929 speelde Zwart elke maandagmiddag anderhalf uur voor de NCRV-microfoon. Hij bracht dan bijvoorbeeld de door Hendrik de Vries getoonzette gedichten van Guido Gazelle ten gehore: het begin van Tot de Zonne 'met veel klankweelde', het eind 'hartstochtelijk'.

Nationaal Historisch Orgel Museum, Rozemarijnsteeg 9-11, Elburg, telefoon 05250-84220. Open zomer- en herfstvakantie, di-za 10-12.30 en 13.30-17 uur, ma 14-17 uur. Buiten vakanties di 10-12 en za 14-17 uur. Toegang drie gulden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden