Burgemeester van Den Haag Pauline Krikke pakt huiselijk geweld aan. 'Ik wil ook vrede en recht achter de voordeur'

Ze formeert een 'doorbraakteam' voor weerbarstige casussen

Bijna een jaar is Pauline Krikke burgemeester van Den Haag. Ze houdt van de tak-tak-tak-humor in de stad. Ze wil huiselijk geweld hard aanpakken - en desnoods een keer 'nat gaan' bij de rechter. 'Ik vind het buitengewoon stoer als slachtoffers hulp durven te vragen.'

Bij de opening van de nieuwe tramhaltes op station Hollands Spoor bestuurt burgemeester Pauline Krikke een tram van de HTM. Foto Freek van den Bergh/de Volkskrant

Toen Pauline Krikke in februari 2017 werd voorgedragen als burgemeester van Den Haag, maakte ze met haar man een afspraak: zij koos de stad, hij zou een 'levendige wijk' uitkiezen om een huis te kopen. Maar ze wonen nog steeds in het pied-à-terre dat ze had als Eerste Kamerlid voor de VVD, hartje centrum. 'Ron heeft al veel huizen bezichtigd, maar we blijken erg verknocht geraakt aan deze plek, op loopafstand van het stadhuis en het Binnenhof. Je voelt hier de harteklop van de stad.'

En dan is er de zee. Krikke (56), tussen 2001 en 2013 burgemeester van Arnhem, ontdekte dat alle Hagenaars je 'tot op de minuut' kunnen vertellen hoe lang ze onderweg zijn van hun huis naar het strand. 'Het heeft me verrast hoezeer de inwoners vergroeid zijn met de zee. Voor mij is Kijkduin 23 minuten met de bus en Scheveningen 14 minuten per tram. Ik neem het ov, anders is onze hond al moe bij aankomst.'

En wat vindt u van de Hagenaars zelf?

'Ik hou van de tak-tak-tak-humor. Mensen wisselen spitsvondigheden met elkaar uit, ook als ze elkaar niet kennen en ook richting de burgemeester. In de humor zit altijd een boodschap die ik in mijn oren knoop. En ze schrikken er niet van als ik iets directs terug zeg.'

Het is wel een stad van gescheiden werelden: de arme Schilderswijk versus de rijke Archipelbuurt, expats versus migranten, Hagenaars versus Hagenezen.

'Zand en veen, dat is de klassieke tegenstelling. Laatst sprak ik een mevrouw die al 32 jaar in het chique Benoordenhout woont. Ze was voor het eerst van haar leven op de fiets naar de Haagse Markt gegaan, op de grens van Transvaal en de Schilderswijk. Ze vertelde dat het helemaal niet eng was. Dan kan ik twee dingen zeggen: 'Dat werd tijd ook na 32 jaar.' Of: 'Wat goed dat u bent gegaan.' Ik ben meer van het tweede antwoord.

'Ik gun Den Haag dat we meer één stad worden. Ik doe veel wijkbezoeken en na afloop lunchen of borrelen we met iedereen die ik heb ontmoet. Dan blijkt telkens dat veel buurtgenoten elkaar niet kennen. Zo breng ik ze met elkaar in gesprek.'

Valt Den Haag wel te besturen met vijf partijen in het college en zestien fracties in de raad?

'Jawel, want gemeentepolitiek is toch vooral praktisch. Ook een fel raadsdebat over toeslagen in de bijstand lijkt ideologisch, maar gaat uiteindelijk over praktische problemen van mensen. Kijk, in een ideale wereld hadden tegenpolen als de Haagse Stadspartij en de VVD niet voor elkaar gekozen. Maar de vijf collegepartijen hebben in 2014 goede afspraken gemaakt en dat werkt. Een coalitie met slechts twee partijen is trouwens ook geen garantie: het vorige kabinet van VVD en PvdA bewandelde een tamelijk hobbelige weg.

'Mijn zorg zijn de afsplitsingen. Deze raadsperiode zijn vier raadsleden een eenmansfractie begonnen of overgestapt naar een andere partij. De meeste mensen komen in het kielzog van hun lijsttrekker in de raad. Als je in onmin raakt met je eigen partij, moet je je zetel teruggeven. Kiezers hebben voor een partij gekozen, dan moet je niet met je zetel aan de haal gaan. Alleen als je genoeg voorkeurstemmen hebt gehaald, ligt het anders.'

Wat kunt u doen tegen die zetelroof?

'Nul. Maar ik heb het wel aangekaart bij de Kiesraad en tijdens de formatie. Zo ingewikkeld is het niet om de regels te veranderen.'

U maakt van huiselijk geweld uw speerpunt als burgemeester. Waarom ligt dat u zo na aan het hart?

'Toen ik in 1994 raadslid werd in Amsterdam, maakte een bezoek aan een blijf-van-mijn-lijfhuis diepe indruk op me. Huiselijk geweld, waar partnergeweld, ouderen- en kindermishandeling onder valt, is fnuikend. Je moet je in je eigen omgeving en binnen je relatie veilig kunnen voelen. Het tast je zelfbewustzijn en je zelfvertrouwen aan. Dat geldt ook voor kinderen die er getuige van zijn. Ze worden wakker, luisteren boven aan de trap en krijgen alles mee.

'Kinderen die zelf zijn mishandeld, geestelijk of lichamelijk, houden daar vaak een groot schuldgevoel aan over. Ze denken dat ze het aan zichzelf te wijten hebben, wat natuurlijk niet waar is. Het gebeurt geregeld dat slachtoffers van huiselijk geweld later zelf daders worden. Dat is hoe ze hebben geleerd te communiceren. In dat geval is de dader zelf dus ook slachtoffer, zonder dat ik er een verzachtende omstandigheid van wil maken.'

U formeert in Den Haag een 'doorbraakteam' voor weerbarstige casussen. Er gebeurt al veel: preventie, bewustwording, signalering, nazorg. Waar schort het aan?

'Laat ik een voorbeeld noemen. Een mevrouw is het geweld van haar man zat en gaat naar de politie. Meneer vindt dat het goed gaat, hij ontkent de beschuldigingen. Toch blijkt zij wel degelijk mishandeld. Hij krijgt een huisverbod en er komt hulpverlening op gang.

'Het lijkt weer goed te gaan, na verloop van tijd wonen ze weer samen. Maar na anderhalve week heeft meneer haar weer toegetakeld. Weer volgt een huisverbod en komt er hulp. Mevrouw doet weer aangifte: ze wil wel dat het geweld stopt, maar niet de relatie, vanwege haar kind. Maar voortdurend een huisverbod opleggen is uiteindelijk geen oplossing. Het doorbraakteam moet dan een structurele interventie verzinnen, anders gaat het van kwaad tot erger.'

Wat kan zo'n interventie zijn?

'Dat zal per geval verschillen. De politie moet vaker naar zaken zelf ambtshalve onderzoek doen, dus ook als er geen aangifte wordt gedaan. Zo'n zaak moet sneller naar het Openbaar Ministerie. Als burgemeester heb ik in de driehoek contact met politie en justitie, dus ik zal er ook mijn burgemeesterlijk gewicht achter zetten. Het aantal huisverboden de laatste jaren is gedaald in de vier grote steden. Ik vind dat raar. Zo'n verbod bevriest de situatie en brengt hulpverlening op gang.'

Reageren de instanties nu te traag?

'Ik ben overtuigd van de inzet en de oprechte pogingen van alle betrokken organisaties. Toch stopt het huiselijk geweld niet. Sterker nog: ik denk dat we alleen het topje van de ijsberg zien. Het moet stoppen, maar ik verwacht dat de cijfers rond huiselijk geweld eerst nog zullen stijgen door de extra aandacht. Dan is het taboe kennelijk doorbroken.

'Ik ken een casus van een succesvolle vrouwelijke advocaat die met grote regelmaat door haar man in elkaar werd geslagen. Hij dronk te veel Franse wijn - heel goede, dat wel - en ging vervolgens door het lint. Zij schaamde zich daar zó verschrikkelijk voor, maar heeft toch hulp gezocht. Ze zijn uiteindelijk uit elkaar gegaan.

'Veel slachtoffers schamen zich diep. Ik hoop dat het helpt dat ik me hierover uitspreek, dat mensen dan een extra kracht voelen en dat ze daardoor eerder hulp durven vragen. Ik hoop dat mensen een extra kracht voelen. Ik vind het buitengewoon stoer als ze dat durven.'

Pauline Krikke, burgemeester van Den Haag. Foto anp

Riskeert u niet met forse maatregelen de wettelijke grenzen te overtreden?

'Den Haag is de stad van vrede en recht, met het Vredespaleis en talloze internationale instituties. Dan wil ik ook vrede en recht achter de voordeuren. Ik ga liever een keer nat bij de rechter dan dat we huiselijk geweld op zijn beloop laten. Dit onderwerp is geen politiek vluggertje, het raakt me al jaren. De focus zal er tijdens mijn hele burgemeesterschap blijven.'