Bubis beschuldigt critici van latent antisemitisme

De Duitse sociaal-democraat Klaus von Dohnanyi heeft gisteren excuses verlangd van Ignatz Bubis, de voorzitter van de Centrale Raad van de Joden in Duitsland....

Van onze verslaggever

André Roelofs

BONN

Von Dohnanyi noemt het interview van Bubis zo ongehoord dat het hem moeite kost te reageren. In het Spiegel-interview zei Bubis dat hij bij Walser 'tussen de regels door' antisemitisme bespeurt. Bij Von Dohnanyi was dat 'nog duidelijker'.

Op de tegenwerping dat noch Walser noch Dohnanyi er ooit van verdacht zijn antisemieten te zijn, antwoordde Bubis: 'Dat is juist. Maar diep in zichzelf denken ze zo, heeft Fassbinder het genoemd.'

Het debat werd uitgelokt door de rede die Martin Walser, schrijver van de autobiografische roman Ein Springender Brunnen, op 11 oktober in Frankfurt hield toen hij daar de Vredesprijs van de Duitse boekhandel kreeg. In die dankrede keerde Walser zich tegen de 'instrumentalisering' van Auschwitz voor allerlei hedendaagse politieke doeleinden en betoogde hij dat het geweten bovenal een persoonlijk doorleefde zaak moet zijn.

Von Dohnanyi viel hem daarin bij. Volgens Bubis poogden beiden daarmee de historische betekenis van de massamoord op de Europese joden, en het besef van de Duitse verantwoordelijkheid daarvoor, te verkleinen.

Er volgde een reeks van ingezonden stukken en toespraken waarbij de toon steeds venijniger werd. Het slotstuk is de veronderstelling die Bubis nu in het Spiegel-interview uit. Daarin suggereert Bubis dat Von Dohnanyi's optreden voortkomt uit verbittering over een civiele rechtszaak waarin hij 'door een joodse advocate slecht behandeld' was. Over deze uitlating is Von Dohnanyi ontzet. In zijn antwoord vertelt hij welke zaak dit was.

Het ging om zijn poging het ouderlijk huis terug te kopen. Dit huis behoorde aan zijn vader, die door de nazi's - omdat hij joden had geholpen naar het buitenland te vluchten - in een concentratiekamp werd opgesloten en daar werd doodgeslagen.

De aankoop mislukte door toedoen van de (niet met name genoemde) advocate voor wier optreden de joodse gemeente in Berlijn zich destijds verontschuldigde. Von Dohnanyi vindt dat Bubis een 'het spijt me' moet laten horen. 'Anders moeten we concluderen dat Bubis zijn gevoel voor verantwoordelijkheid kwijt is.'

Los van deze minder verheffende wending komt vooral naar voren dat het debat in feite 'de nieuwe normaliteit' van Duitsland tot achtergrond heeft. In een bijgaande beschouwing noemt Der Spiegel de huidige discussie daarom het eerste grote debat in de overgang naar de 'Berlijnse republiek'.

'Er tekent zich een langzaam groeiende normaliteit in Duitsland af, ook in de relatie tot het verleden. Een nieuwe generatie van 40- tot 50-jarigen is daarvan de vertegenwoordiger. Zij bevolkt de regering, zit in de hoofdredacties van de grote media en leidt theaters, universiteiten en wereldconcerns.'

Uit het Spiegel-interview blijkt dat Bubis er grote moeite mee heeft dat deze nieuwe generatie soevereiner en minder verkrampt met het verleden omgaat. Niet alleen bij Walser en Von Dohnanyi, maar ook bij Hans Magnus Enzensberger, Botho Strauss en bij 'vele linkse intellectuelen' signaleert hij een betreurenswaardige 'nationale trek'. Ook uitlatingen van bondskanselier Gerhard Schröder vallen bij hem in slechte aarde.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden