Brutale burgers, bange politici, beknelde ambtenaren

De ontvoogde burger laat zich niets meer wijs maken. Hij kijkt verveeld naar het gedoe op het Binnenhof, maar is op zijn hoede en komt meteen in actie als op eigen erf gevaar dreigt....

Op het eerste gezicht lijkt Nederland een tevreden natie. We wentelen ons behaaglijk in onze welvaart en hebben het goed met onszelf getroffen. In het buitenland verkopen we onze overlegeconomie als het Dutch Miracle. Dit Hollandse mirakel is vooral een banenwonder: door een combinatie van loonmatiging, lastenverlichting en begrotingsdiscipline streven we onze buurlanden voorbij.

Maar onder de oppervlakte van de zelfgenoegzaamheid borrelt het onbehagen. Stakende scholieren, stakende huisartsen en stakende machinisten staan tegenover gedemoraliseerde leraren, ongedurige patiënten en boze treinreizigers. Marokkaanse jongeren dagen niet alleen de politie uit, maar ook de grenzen van de tolerantie.

Getergde veeboeren vechten tegen de ME en proberen geleden MKZ-schade te verhalen op de gemeenschap. De genetische revolutie zaait paniek en zet aan tot redeloze acties. Na de rampen in Enschede en Volendam eist het volk de koppen van de gezagsdragers. Burgers, boeren en buitenlui stellen de politiek op de proef.

Het openbaar debat bloeit op. Vraagstukken die tot voor kort in de taboesfeer lagen, worden in alle vrijmoedigheid besproken. Het gaat over hoofddoekjes in de rechtzaal: hoe verhoudt onpartijdigheid zich met het recht op het uitdragen van de eigen levensovertuiging? Het gaat over de monarchie: is Beatrix meesteres of dienares van de Kroon? Het gaat over sociale integratie: laten we immigranten en arbeidsongeschikten aan hun lot over of durven we eisen aan hen en aan onszelf te stellen? Het gaat over Cor Boonstra, Nina Brink en Bram Peper: over de vrijheden en morele verplichtingen van de elite.

Dit aanzwellend rumoer in de maatschappij laat de politiek niet onberoerd. Types als Jacques de Milliano, Henk Westbroek, Pim Fortuyn en Jurriaan Kamp dagen met wisselend succes het politiek establishment uit. Dit regentenkartel was onder supervoorzitter Wim Kok gewend door middel van compromissen in de coulissen het volk voor voldongen feiten te stellen. Die vlieger zal in dit verkiezingsjaar niet langer opgaan, daarvoor zit het ongenoegen te diep.

Kortom: het wordt weer spannend in Den Haag. Door het vertrek van moderator Kok is de ban gebroken. Voortzetting van Paars is verre van vanzelfsprekend, er zijn allerlei politieke combinaties mogelijk. Maar laten we onszelf niet voor de gek houden. Die opwindende jaren zeventig, waarin het persoonlijke onbehagen naadloos kon worden vertaald in politieke ideeënstrijd, zullen nooit meer terugkomen. Om nog maar te zwijgen van de jaren vijftig: de jaren waarin de verzuilde kiezer zich kon identificeren met zijn geliefde leidslieden.

De politicus is van zijn voetstuk gevallen, net als de onderwijzer, de agent en de verpleegster. De ontvoogde burger laat zich niks meer wijs maken. Hij kijkt met een verveeld gezicht naar het theater van het Binnenhof. De politiek beschouwt hij allang niet meer als een uitdrukking van zijn eigen aspiraties.

Integendeel, de burger ziet politici als functionarissen van een vreemde mogendheid: als vertegenwoordigers van een wereld die los staat van zijn eigen beleving. De behoedzame burger houdt een oogje in het zeil, zoals ouders van kleine kinderen aan de rand van het zwembad. Zij lijken passief, maar ze zijn voortdurend op hun hoede. En ze komen meteen in actie als op hun erf gevaar dreigt.

De burger is assertief, maar ook selectief: hij heeft geen brede kennis van staatszaken, maar hij weet wel waar hij de informatie moet halen om zijn eigen zaakjes te regelen. In plaats van afdelingsvergaderingen van een partij te bezoeken of verkiezingsprogramma's met elkaar te vergelijken, komt hij in actie als zijn belang in het geding is. Politiek is verengd tot zelfvertegenwoordiging: de ouderraad, het buurtcomité, de stap naar de bestuursrechter, een proteststem in een gemeentelijk referendum.

De politicoloog Jos de Beus slaat de spijker op z'n kop: het geheim van het Nederlands bestel is dat de burger altijd een tweede kans krijgt. Ons stelsel heeft zoveel uitlaatkleppen en obstructiemogelijkheden, dat de ontevredenen niet hoeven te kiezen voor een echte politieke afweging. De kiezer kan op tal van manieren de wil van de meerderheid beïnvloeden. Hij maakt gebruik van allerlei rituelen van inspraak en zeggenschap.

Als hij in de fase van de het beleid zijn zin niet krijgt, krijgt hij een nieuwe kans bij de uitvoering. Hij heeft legio mogelijkheden zich aan democratisch genomen besluiten te onttrekken. Door ruime gedoogzones en gebrekkige controle, maar ook door bezwaarschriften en de rechter kan hij hinderlagen opwerpen tegen de wetgever.

Daardoor gaat het beleid rafelen en scheuren. De heldere doelstelling verandert eerst in een compromis, en vervolgens wordt de uitvoering verbogen, gefrustreerd en gesaboteerd. De politiek, de integrale afweging van tegengestelde belangen, heb je als burger niet meer nodig. Maar de eenheid van bestuur kalft af, en daarmee de geloofwaardigheid van de hele publieke sector.

Die erosie van de kwaliteit van het bestuur wordt versterkt door de houding die de 'tegenpartij', de staat, inneemt. Tegenover de brutale burger staat de bange politicus. Hij zit vast aan de tucht van partij en fractie. Maar hij kijkt onophoudelijk om zich heen, reageert voortdurend op de buitenwereld. Hij let op de toon van het debat, op de stemming onder de kiezers, de opstelling van belanghebbenden en activisten, de beeldvorming in de media, de inbreng van deskundigen en ambtenaren. Geen leiderschap, geen initiatief, maar spreiding van risico's is zijn devies.

De gekozen politici zijn uitvoerende ambtenaren geworden, de ongekozen politici: consultants, beleidsambtenaren, adviescommissies, opiniemakers, doen het echte politieke werk. Zij bakken het compromis, dat vervolgens als onvermijdelijk voldongen feit in de politieke arena dood neervalt.

Wanneer er zich onverhoeds onverwachte gebeurtenissen voordoen, zoals de ontploffing van een vuurwerkfabriek, raakt de politicus zodanig in paniek dat hij allerlei beloften gaat doen die hij helemaal niet kan waarmaken. Hij bekent onmiddellijk schuld, waardoor hij van de echte ramp een bestuurlijke ramp maakt. Hij belooft een 'culturele revolutie' van zijn falende overheidsapparaat. De ambtenaar die gisteren nog vrij buiten kon spelen in het kader van de eigen verantwoordelijkheid, wordt vandaag bedolven onder regels en controles die bij voorbaat elk eigen initiatief onmogelijk maken. Gisteren was het nog 'co-productie van beleid' en 'interactief bestuur', vandaag is het opeens zero tolerance en afgelopen met het gedogen. De marktwerking is nog maar net in gang, of de politiek eist haar zeggenschap weer terug.

Zo ondermijnen de politici het laatste restant van hun gezag. De overheid komt in een neerwaartse spiraal. De organen van de democratie - denk aan de gemeenteraad, de provinciale staten, de Eerste Kamer, de colleges van wethouders en van gedeputeerden - verzwakken in hoog tempo. De tweede garnituur maakt plaats voor de derde, de kieslijsten komen moeizaam vol, de afdelingsbesturen vergrijzen.

De dienaren van de publieke zaak voelen zich in het nauw gebracht. Huisartsen haken af, onderzoekers vluchten naar het buitenland, het ziekteverzuim onder leraren, verpleegsters en conducteurs rijst de pan uit. Geld is er genoeg, maar het kan niet worden uitgegeven: werken voor de publieke zaak is vuil en onaangenaam werk geworden. Je wordt er ziek en overspannen van en als dank krijg jij de schuld van het zwakke presteren van de overheid.

Eens waren dokters en wetenschappers, onderwijzers en kunstenaars, agenten en rechters trotse beoefenaren van een professie die in aanzien stond. Want ze waren de publieke zaak in eigen persoon. Nu hebben ze zichzelf gedegradeerd tot verongelijkte ambtenaren. Ze klagen dat ze in de hoek zitten waar de klappen vallen, in plaats van op te staan en er zelf op los te slaan.

Gebrek aan zelfrespect - dat is het grote probleem van de publieke sector. Hoe nerveuzer de politicus zich laat maken, hoe zieliger de ambtenaar en de leraar zich voordoen, des te groter is de minachting die hen van de kant van de burger ten deel valt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden