Brood

JEAN-PIERRE GEELEN

Ze wilde haar vader leren kennen. Van vóór de tijd dat hij beroemd was. 'Zoveel weet ik niet van hem. Fans weten zóveel meer', zei Lola Brood in de eerste aflevering van Lola zoekt Brood, elke vrijdag bij de AVRO.

Toegegeven: mijn argwaan was gewekt. Had de dochter van 's lands 'enige echte rock 'n roll-ster' Herman Brood niet eerst even te rade kunnen gaan bij haar moeder, die vast nog wat fotoalbums heeft liggen? Had ze wel het verzamelde werk gelezen van Brood-chroniqueur Bart Chabot? En waarom moesten er zo nodig camera's meesnorren bij zo'n strikt particuliere, misschien wel therapeutische onderneming, dubbelzinnig aangekondigd als 'een trip om nooit te vergeten'?

Al gauw bleek Lola (25, tekent, werkt in een kroeg en woont in het tuinhuisje van haar moeder) niet heel veel meer dan een kapstok om Brood-herinneringen aan op te hangen. Een binnenkomer voor de AVRO en mede-presentator Art Rooijakkers wellicht ook bij de vroegere vrienden van haar vader.

Op de website van het programma verzamelt de AVRO anekdotes van mensen die Brood hebben ontmoet. Ook zijn er vele tekeningen en briefjes te zien die de zanger/kunstenaar achterliet. Broodjes voor het volk. Het moet allemaal uitmonden in een tentoonstelling - een opleving van Brood-herdenking. Precies tien jaar nadat de zieke zanger van het Amsterdamse Hilton naar beneden sprong. Medialogica: de wet van de ronde getallen.

Begrijpelijk: weinigen zijn een mediagenieker onderwerp dan de veelkleurige Brood, die het liefst 24 uur per dag camera's op zich gericht zag. Vrienden te over, die hem stuk voor stuk zijn rotstreken vergaven. Zelfs de abrupt ontslagen Bombita's spraken nog vol liefde over Herman.

Van de jonge Herman rees al snel het beeld van 'een verlegen, zachtaardige jongen', 'een beetje gezet ventje' dat gepest werd om zijn brilletje wegens scheelheid. Die paradoxaal genoeg verslaafd was aan aandacht, en als kleine jongen op de camping van Callantsoog met zijn piemel uit z'n broek van zijn indianenpak liep. 'Compensatie', aldus 'tante Beppie'.

Een bijzonder kind, dat tekende en zijn eerste rock 'n roll-nummer zelf aanleerde, met de tekst: 'Er zit een vogel in de boom die kan niet kakken/ Er was een veertje aan z'n poepertje blijven plakken.'

Maar ook van 'een egocentrische narcist', zoals menig junk. Die kant wordt maar summier belicht, en soms zelfs toegedekt.

Wat rest zijn vermakelijke, en soms onthullende anekdotes en beelden. Zwart-witfilmpjes van de jonge Herman, strakgekapt in pak met stropdas. Brood eet banaan. Herman met hippiehaar in Israël, waar hij met een vriend in een kopermijn werkte. Zijn jeugdvriend die tegen de meisjes (die ze deelden) moest zeggen dat Herman heel goed kon tekenen. Zijn grijze en kale makkers van de band The Moans, waarbij hij zijn eerste pilletje slikte om wakker te blijven.

Lola hoorde het af en toe ontroerd aan. Of ze zoveel wijzer werd, weet ik niet. Als kijker word je ook niet veel wijzer van Lola, noch is haar vierdelige serie de definitieve biografie. Maar de rijkdom aan verhalen en beelden wekken ook tien jaar na zijn zelfgekozen dood de weemoed op naar het fenomeen.

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden