Bring The Noise!

Gijsbert Kamer

Heb genoten dit weekend in Rotterdam op het Motel Mozaique festival. Twee optredens sprongen er wat mij betreft uit: A Place To Bury Strangers en Health. Compromisloos herrie maken dus. Over A Place TBS schreeft ik hier al eerder. Hun optreden was vooral beter dan een paar maanden terug in het voorprogramma van MGMT omdat het twee keer zo lang mocht duren, en de grote zaal van Watt bleek ook niet te groot voor hun monumentale noise.

Health stond een dag later in de kleinere Basement van Watt en bleek een revelatie. Ik zag ze vorig jaar in De Helling in Utrecht en vond het een alleraardigst herrie-bandje, zoals die de laatste tijd wel vaker uit Los Angeles tot ons komen.

Nu was ik verbijsterd door de mathematische precisie van de ritmesectie en de fysieke inspanningen van de muzikanten. De zanger/gitarist heeft behalve zijn gitaar ook nog een batterijk pedalen te bedienen en de drummer krijgt regelmatig steun van de andere muzikanten die ook regelmatig met drumstokken in de weer zijn.

Ik moest aan diverse postpunk-bands denken, in het bijzonder aan PIL ten tijde van Flowers Of Romance. Even bezwerend, op het hysterische af, en toch ook dansbaar. Ideaal om je hoofd even op leeg te zwaaien, deze muziek. Eenmaal buiten voel je je een gelouterd mens. Meesterlijk ook de toegift. 'We doen nog 1 liedje. 46 seconden tegendraadse gitaarherrie later waren ze weer van het podium verdwenen.

De enige band die een soortgelijk gevoel van opwinding vermengd met verwarring wist te bewerkstelligen was vorig jaar My Bloody Valentine. De reunietour wordt dit voorjaar weer hervat, ze staan onder meer ook op Pukkelpop, meen ik. Inmiddels is Nederland het enige beschaafde land dat door de band niet wordt aangedaan. Waarom niet, is me een raadsel, zal wel weer een geldkwestie zijn.

Hoe dan ook, het geluid van My Bloody Valentine is weer helemaal terug. Je hoort ze in A Place To Bury Strangers, maar ziet ze niet, want anders dan het immer statische MBV beweegt APTBS volop. Nog net geen topsport als de muzikanten van Health lieten zien, maar shoegazen kon je het ook bepaald niet noemen.

Dat is, denk ik, ook meteen het verschil met de nieuwe shoegaze-golf: bands als Deerhunter en The Horrors (ja, echt hun nieuwe plaat kan hier in een adem bij genoemd worden). Ze hebben wel de sound van bands als Jesus And Marychain, Slowdive, Swervedriver etc, maar niet de houding. Hooguit staan ook zij het liefst in het donker te spelen en is hun muziek volledig gedepersonaliseerd.

Waarmee we terug zijn in het Engeland van Margaret Thatcher in de jaren tachtig. Gistermiddag tussen twee avonden Motel Mozaique in, las ik heerlijke special van The Guardian: The Thatcher Years. Niet alleen een buitengewoon venijnige afrekening met Thatcher door Germaine Greer maakte voor even een einde aan het langzaam oprukkende idee, dat ze ook wel goed geweest is voor het politiek-culturele landschap. Ook allerlei andere cultuurvorsers lieten zich even leeglopen.

De slotzin van Greer loog er al niet om: It is justice of the most poetic kind that Thatcher's now the evil empire and Thatcherism a dirty word.

Interessant vond ik ook de constatering van (pop)journalist Jon Savage die stelde dat er in haar tijd veel meer weerstand tegen haar was in culturele kringen dan we nu willen toegeven. Het beeld van een jaren tachtig die gedomineerd zouden worden door leeghoofdige popbands als Spandau Ballet, klopt niet.

Dat is waar. Er was ook in de popmuziek een groot verzet tegen de door Thatcherism aangemoedigde celebrity cultus. Beroemd en succesvol zijn, dat leek onder Thatcher misschien de enige drijfveer voor muzikanten als Howard Jones, Spandau Ballet en Duran Duran. En het was ook zo dat met de opkomende videoclip-cultuur altijd dezelfde gecoifuurde kapsels en geparfurmeerde koppen het (popnieuws) bestierden, maar er was wel degelijk een tegencultuur.

Die reactie kwam van de (bewust) volkomen gezichtsloze shoegazers. Zij wilden met soms loodzware doemmuziek, gespeeld in een rookgordijn of in het donker een tegenwicht geven aan alle opgelegde vrolijkheid.

War On The Bullshit met keihard snerpende feedback. Popmuziek hoefde niet gezellig te zijn. Het ging niet om de personen maar om de muziek, en die was vaak groots en meeslepend.

Dat zie je nu weer gebeuren. Misschien hebben we in de huidige kredietcrisis even genoeg van al die blije jongens en meisjes uit de vorige Britpop-golf. Wat heeft het ook eigenlijk opgeleverd? Dat de concerten van het heropgerichte Blur in het Londense Hydepark zo snel uitverkocht waren komt omdat bands als Kaiser Chiefs hun belofte niet hebben waargemaakt. Dan maar weer gewoon zwelgen in nostalgie. Blur was echt veel beter, dat heeft Kaiser Chiefs in elk geval bewezen. Waarom nog luisteren naar surrogaat Blur als de real thing eindelijk weer te zien is. Nooit verkocht Blur zoveel concertkaartjes als nu.

Maar dat is nostalgie. Verder: weg met al die olijke la-la-la pop. Jullie hebben je kansen gehad. De crisis komen we er niet mee door. Er is muziek nodig om jezelf even echt in te verliezen. Bring The Noise!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden