Bridgers nooit erg succesvol bij EK

Met een zilveren medaille bij het EK 1966 in Warschau, tijdens de glorietijd van Kreijns-Slavenburg, en het brons van het EK 1995 in Vilamoura, kwam het Nederlandse team er in de 46 vorige Europese kampioenschappen tamelijk bekaaid vanaf....

De voorbereiding was in orde. Met het instellen van Team Oranje, een semi-professionele kernploeg, werden vijf paren in staat gesteld intensief te trainen.

Jan Jansma-Louk Verhees zijn sinds vijf jaar het toonaangevende Nederlandse paar, al degradeerden zij dit seizoen uit de Meesterklasse-viertallen. Bij voorgaande internationale toernooien bleek dit stugge en technische paar in staat de sterkste paren uit de Europese top het hoofd te bieden.

Bauke Muller is de laatste overgebleven speler van het team dat in 1993 de wereldtitel veroverde; hij vormt een creatieve combinatie met de jonge Simon de Wijs. Zij spelen inventief en komen dikwijls met onverwachte plusscores voor de dag. Huub Bertens-Ton Bakkeren zijn een doortastend en optimistisch biedend paar dat enorm kan uithalen tegen de zwakkere broeders.

Non playing captain Toine van Hoof verdeelde het deelnemersveld van 33 landen in drie soorten tegenstanders. Van de toplanden is Italial zes EK's ongeslagen, torenhoog favoriet. Polen, Noorwegen en Zweden zijn sterke kandidaten voor een medaille.

Nederland richt zich op een klassering bij de eerste vijf, goed voor kwalificatie voor het WK. Het dient bij dat streven uit te kijken voor Bulgarije, IJsland, Rusland, Denemarken, Frankrijk en Spanje.

Ook tegen dwergnaties als FaerSan Marino en Letland zal Nederland hoog moeten scoren. De spelers doen er goed aan zich de wijze woorden van Hans Kreijns in de oren te knopen: 'Je dacht toch niet dat ze op de bridgeclub in Vilnius vier slechte bridgers vragen om Litouwen bij het EK te vertegenwoordigen!'

In oefenwedstrijden tegen Bulgarije, Zweden, Belgin Frankrijk scherpten de Nederlandse paren de laatste ruwe kantjes eraf. Ton Bakkeren werkte in diagram 1 tegen Frankrijk handig af.

Bertens-Bakkeren vermeden het dikwijls geboden 3SA dat na een hartenuitkomst volledig kansloos bleek vanwege de ruitenstop in oost. Ook leek vanwege de vier-nul verdeling van de troeven niet te maken; de leider moet twee harten uit zuid in noord troeven en dreigt dan, naast een schoppenslag, twee troeven aan de IV1093 van oost te verliezen.

West kwam tegen uit met KH voor KA in zuid. De leider speelde ruiten naar IH, waarna oost IV109 over had. Harten naar JA en harten getroefd. Klaveren aas en klaveren naar HH gevolgd door een klaverenintroever. De laatste harten uit zuid in noord getroefd gevolgd door H10. Oost gooide harten af en zuid troefde. De leider ging met schoppen van slag en maakte met IAB7 altijd twee troefslagen. Troeft oost H10 voor met I9, dan gooit zuid een schoppen af en verliest daarna niet meer dan troefslag.

Tegen Zweden beoordeelden Bertens-Bakkeren de situatie in diagram 2 voortreffelijk en kwamenmet de enige plusscore in oost-west op de proppen.

Het doublet van west, Bakkeren, op was informatief. Oost, Bertens, wist dat west wel de waarde van een opening had omdat hij door wilde bieden naar driehoogte of meer. Met de singleton KH als goede uitkomst tegen was het tegenspel een prima idee, terwijl het onzeker was of oost-west een manche kunnen maken. Oost ging voor een zekere plusscore.

Oost kwam tegen 3H-gedoubleerd uit met KH en speelde troef na via HV voor HA van noord die HB naspeelde voor HH van west. West vervolgde met KA en een derde schoppen, uit noord een harten weg en oost troefde met H9. Oost nam IA mee en speelde JV voor JA van west, de tweede downslag en +300 voor Nederland terwijl op alle andere tafels down ging.

Bauke Muller kreeg als bijnaam 'de professor'. De oorzaak is gelegen in ellenlange denkpauzes waarmee hij veel tegenstanders en soms ook zijn partner de stuipen op het lijf jaagt. Hij komt dan wel vaak met het juiste bod of de winnende speelwijze. In diagram 3 legde hij tegen Bulgarije een zeldzame en uiterst fraaie speelfiguur op tafel.

Het bieden verdient enige uitleg. De pas van de Bulgaarse oost in de eerste positie gaf een hand aan met acht tot veertien punten en een regelmatige verdeling. De 1SA opening was zes tot elf punten met een regelmatige verdeling. Noord, de Wijs, doubleerde 1SA voor straf waarna oost met het redoublet acht of negen punten beloofde. Zuid, Muller, hoorde een en ander aan en besloot tot 2SA om zo een tweekleurenspel aan te geven met enige manche-interesse. Of deze informatie ook als zodanig bij noord overkwam is lang niet duidelijk, gezien het 3SA-bod. Dat wilde zuid niet spelen en hij liep weg naar zodat uiteindelijk na wat omzwervingen hetzelfde contract was bereikt als op de twee andere tafels. Twee keer ging down met het verlies van HA, een troefslag en twee slagen in ruiten toen beide leiders IA en ruiten naar IV speelden, waarna west IH en I10 maakte.

Muller vond een elegante maakvariant waarvoor behalve de technische bagage ook moed noodzakelijk was.

West kwam tegen uit met HA en speelde harten na. De leider won JA en speelde I8 uit de dummy, I4, I2 en I10 van west die HB vervolgde voor HH in noord. Muller kon zich geen verliezende schoppensnit permitteren omdat oost dan klaveren naspeelt waardoor K10 in west promoveert tot slag. De leider speelde KH en KB, KV en KA in zuid.

Daarna volgde de pointe van het spel. Uit zuid werd IV gespeeld, west dekte met IH voor IA in de dummy; bij oost viel IB zodat de leider geen ruitenslag meer verloor en alleen K10 nog afstond voor tien slagen en een fantastische +620. Zo had de professor werkelijk alles goed gedaan, inclusief de behandeling van de ruitenkleur, bekend als een intra-snit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden