Brexit legt nieuwe scheidslijnen in Engelse politiek bloot

Politieke vrienden druiven uit elkaar en politieke vijanden worden bondgenoten. Het gevecht over de Brexit in Groot-Brittannië is er een tussen de gevestigde orde en populisten.

Beeld afp

'Immigratie is een complex probleem. Je moet kijken naar de cijfers.' Als een strenge juf sprak Amber Rudd, de Conservatieve minister voor Energiezaken, de kiezers donderdagavond toe tijdens het eerste echte televisiedebat over het EU-referendum.

Vervolgens wendde ze zich tot Boris Johnson, het gezicht van het Brexit-kamp. 'Maar het enige nummer waar Boris in is geïnteresseerd is Nummer 10,' wijzend op de ware ambitie van haar partijgenoot, het premierschap. In het vervolg van het debat kreeg Johnson steun van collega-Brexiteers: de bedeesde sociaal-democrate Gisela Stuart en zijn partijgenoot Andrea Leadsom, nota bene staatssecretaris onder Rudd.

Het was een typerend moment in de campagne waar politieke vrienden uit elkaar drijven en politieke vijanden elkanders bondgenoten worden. In dit postpolitieke theater doen tegenstellingen als links en rechts niet meer ter zake. Het is een strijd geworden tussen de gevestigde orde en populisten.

In het eurogezinde kamp strijden Goldman Sachs, de vogelbescherming, de vakbonden, David Cameron, Shell, de Anglicaanse kerk en de Schotse nationalisten zij aan zij, terwijl in het rebellenkamp Boris Johnson en Nigel Farage gezelschap hebben gekregen van Donald Trump, Formule-1 baas Bernie Ecclestone, Downton Abbeys Julian Fellowes en Labour-veteraan Dennis Skinner, een ex-mijnwerker.

Het lijkt op een herhaling van de boerenopstand van 1381, toen boze horigen uit Kent en Essex naar Londen trokken. Saillant detail: deze graafschappen behoren nu tot de meest eurosceptische.

De Conservatieve Partij verkeert thans in een staat van oorlog, waarbij Cameron en Johnson de aanvoerders van beide kampen zijn. Eerstgenoemde, de regent, geniet de steun van het partijkader, laatstgenoemde, de opstandeling, die van de achterban. De een is een politieke nazaat van de pragmatische oud-premier Harold Macmillan, die de Britten eind jaren vijftig tevergeefs aanmeldde bij de EEG, de ander van de avontuurlijke opportunist Winston Churchill, de man die altijd de oceanen verkoos boven het continent. Cameron ontpopt zich daarbij als de ware conservatief, zoals omschreven door filosoof Michael Oakeshott, iemand die het zekere voor het onzekere neemt.

Beeld afp

Gove, Johnson en Priti Patel, de staatssecretaris voor Werkgelegenheid, presenteren zich als de Drie Brexiteers, luisterend naar de zorgen van 'de gewone man'. Tijdens een toespraak in Preston ging Johnson, de Old Etonian, tekeer tegen de eurogezinde bestuursvoorzitters van beursgenoteerde bedrijven 'die 150 keer zoveel verdienen als gewone werknemers'. Leon Trotski had het niet beter kunnen verwoorden. Rond dezelfde tijd had het Conservatieve kamerlid Nadine Dorries geschreven dat deftige politici, vervreemd van hun kiezers, baat hebben bij immigratie, doelend op Cameron en diens trouwe vazal George Osborne, de minister van Financiën.

Het beladen i-woord is de laat uitgespeelde troefkaart van de Brexiteers. Waar Cameron wil spreken over de economie, daar willen kiezers het hebben over de vraag hoe het land als lid van de EU immigratiestromen kan controleren. Tijdens een schaduwdebat met Nigel Farage kreeg Cameron de wind van voren van een kiezer, een zoon van Indiase immigranten, die klaagde over de druk die immigratie legt op zorg en huisvesting. Het probleem van het Blijf-kamp is meteen duidelijk: economische voorspellingen zijn abstract; onrust over immigratie is concreet. Het is een debat waarbij beide kampen geheel langs elkaar heen praten.

Labour kijkt met plezier naar de Blue-on-Blue gevechten. 'Het meest sexy deel van de campagne,' oordeelde oud-partijleider Ed Miliband. Maar de arbeiderspartij verkeert in een ander soort crisis. Leider Jeremy Corbyn is een linkse euroscepticus die onder druk van zijn partij moet pleiten voor het lidmaatschap. Anders dan zijn partijgenoten Harriet Harman en de Londense burgemeester Sadiq Khan weigert hij pertinent het podium te delen met de door hem verafschuwde Cameron. Hij is vooral tegen het neoliberale karakter van de Europese Unie, gesymboliseerd door het omstreden en stervende handelsversdrag met de Verenigde Staten.

Hij is evenwel vóór immigratie, en dat onderwerp is juist de achilleshiel van de oppositiepartij. Negen van de tien Labour-kamerleden zijn overtuigde eurofielen, maar uit onvrede met het vrij verkeer van personen sjokt een derde van de eigen kiezers juist naar een Brexit. 'Labour is te veel Hampstead en te weinig Hull,' zo bracht Labour-prominent Andy Burnham het probleem onder woorden, verwijzend naar het kloppende hart van het salonsocialisme en een typische noordelijke arbeidersstad. Het Brexit-debat legt de nieuwe scheidslijnen in de Engelse politiek bloot. Het gaat niet alleen over de euro- en migrantencrisis, maar ook over de identiteitscrisis in Westminster.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden