Interview

Breed, blond en een beetje narcistisch

Hij mag het uiterlijk hebben van een romantische prins, zelf ziet danser Marijn Rademaker zichzelf vooral als 'niks'. De Volkskrant sprak en volgde hem, op zoek naar het geheim van de nieuwe eerste solist van Het Nationale Ballet.

Danser Martijn Rademaker.Beeld Robin De Puy

Marijn Rademaker danst op gympen. Op witte Converse All Stars. Hij heeft een modieuze trainingsbroek en bodywarmer aan. Zo moet dat in Live, het ballet van Hans van Manen dat door Het Nationale Ballet vanaf morgen weer wordt opgevoerd. Samen met drie andere dansstukken is het de komende maand te zien onder de titel Hans van Manen Live.

Bij de wereldpremière van Live in 1979 werden de hoofdrollen gedanst door Coleen Davis en Henny Jurriëns - de danshelden van toen. Nu is die eer weggelegd voor Igone de Jongh en Marijn Rademaker. De donkere De Jongh en de blonde Rademaker als man en vrouw in een van Van Manens beste dansstukken. Een duet over verleiding, verstoting, verzoening en afscheid. Het verslag van een relatie, vastgelegd door een cameraman en gecomprimeerd tot 27 minuten.

Rademaker: 'Ik weet niet meer zeker of ik Live ooit in de zaal heb gezien of op video. Maar ik weet wel dat ik er toen helemaal niets aan vond. Ik was er waarschijnlijk nog te jong voor. Nu ervaar ik het als een geniaal stuk. Het gaat over een relatie en het breekpunt daarin. Voor mij is het een iconisch stuk, met zoveel perspectieven en rijkdom, het is heel bijzonder dit nu te mogen dansen.'

Star appearance

Begin dit jaar kwam Marijn Rademaker (33) als eerste solist, de hoogste rang in een dansgezelschap, bij Het Nationale Ballet. Daarvoor had hij vijftien jaar gedanst bij het Stuttgarter Ballet, dat geldt als het interessantste gezelschap van Duitsland en ook internationaal faam geniet. Op zijn 18de begon hij daar in het corps de ballet en klom daarna op tot eerste solist. Hij danste grote klassieke rollen in Othello, Onegin en La Dame aux Camélias, maar ook in modern werk. Een Hollandse jongen werd in Duitsland een sterdanser. Met hem heeft Het Nationale Ballet nu eindelijk weer een Nederlandse eerste solist in huis - eentje met star appearance bovendien.

'Het was een geweldige tijd in Stuttgart. Ik vind het mooi zoals ze daar met de dans en dansers omgaan. Heel erg internationaal en met een eigen identiteit - persoonlijk, verhalend, een mooie mix van grote klassieke balletten en moderne dans. Bijna alle grote namen komen er vandaan: Kylian, Forsythe, Neumeier. Ik zal altijd blijven zeggen dat ik een Stuttgart-danser ben.'

De Stuttgart-danser is intussen thuisgekomen in Amsterdam. Op een ellenlange avondrepetitie is Van Manen zelf in het theater aanwezig om met de dansers, de cameraman (zijn partner Henk van Dijk), de productieleiders en de technische crew te repeteren. Live lijkt eenvoudig, maar is technisch buitengewoon lastig. Al ver voordat het gebruik van video in het theater en de dans algemeen werd, maakte Van Manen een ballet waarin de vrouw voortdurend door de camera op de huid wordt gezeten, tot en met het einde aan toe, waarin ze door het theater de donkere stad in loopt.

Intiem

Hans van Manen Live is een dansavond met vier balletten waarin bestaande stukken van Van Manen worden samengevoegd. Naast Live (op muziek van Franz Liszt) wordt bij Het Nationale Ballet voor het eerst ook Two Gold Variations (1999, op muziek van Jacob ter Veldhuis) gedanst, een stuk dat Van Manen destijds maakte voor het Nederlands Danstheater in Den Haag. Het programma wordt gecompleteerd door Metaforen (1965, op muziek van Jean-Yves Daniël-Lesur) en Twilight (1972, op muziek van John Cage, met geprepareerde piano).

Onderliggende spanningen

De Jongh en Rademaker repeteren stukje bij beetje. Tussendoor zijgen ze neer om in een hoekje armen, benen en voeten te strekken - het lichaam moet voortdurend warm en in beweging blijven. Geduld, wachten, afwachten - dat is dansen voordat de voorstelling er is.

Rademaker: 'Live is geen vrolijk ballet. Die twee mensen houden van elkaar, hun relatie is sensueel en gevaarlijk, maar ze hebben het er erg moeilijk mee. Mijn personage kan zijn gevoelens niet echt toelaten en speelt daarom een spelletje met haar. Macht, seks, wie is de sterkste - het is een powergame. Aan het einde loopt de vrouw weg: misschien komt ze ooit terug, misschien komt hij ooit terug. Of niemand. Ik denk trouwens niet dat Hans er zo over denkt, Hans houdt niet van verhaaltjes.'

Rademaker is een groot liefhebber van Van Manens dansstijl, die ogenschijnlijk simpel en helder is. Zelf is hij ook een danser zonder poespas, recht toe recht aan. Niet in your face, maar clean, zuiver. Mathematisch, wordt de danskunst van Van Manen vaak genoemd, en de choreograaf zelf 'de Mondriaan van de dans'. Rademaker: 'Ik vind die typering onzin. Ik krijg geen gevoel bij Mondriaan, ik zie lijnen en vlakken, meer niet. Bij Hans zijn er voortdurend onderliggende spanningen. Hij is de meester van de Nederlandse dans en weet wat hij wil. Maar een diva is hij niet. Een paar jaar geleden zag ik hem nog bij Henk achterop de fiets zitten, met een sigaretje. Ik dacht: o, wat is dat fantastisch.'

Meer dan welkom

Ted Bransen, directeur Nationale Ballet: ‘Jaren geleden heb ik Marijn al gespot tijdens een dansfestival in Shanghai en gevraagd of hij misschien bij ons wilde komen. Maar hij zat in Stuttgart en had het daar goed, dus kwam hij ­alleen zo nu en dan als gast. Twee jaar geleden kwam hij zelf met de mededeling dat hij erover dacht naar Nederland terug te komen. Ik heb hem meteen gezegd dat hij hier meer dan welkom is. Marijn is behalve danser ook een theaterpersoonlijkheid, gedreven, intelligent, muzikaal en ook nuchter. Hij is veelzijdig, danst net zo goed in De Notenkraker als in een modern stuk van Marco Goecke. Eigenlijk is Marijn te bescheiden over zichzelf, heel relativerend.

‘Voor Het Nationale Ballet is hij een visitekaartje. Niet voor niets staat hij op de cover van onze jaarbrochure. Hij ziet eruit als een blonde engel, maar heeft ook een duivelse kracht. Hij is niet pretentieus, maar wel ambitieus. Meer zelf­bewust dan ijdel. Hij gaat de hele wereld over, van Tokyo naar Los Angeles, danst op allerlei ­internationale festivals, maar blijft zichzelf. Hij is een voorbeeld voor de andere dansers, omdat hij een ongelooflijk harde werker is. Een diva? Helemaal niet, dat zouden de anderen ook niet van hem pikken, niemand gedraagt zich hier zo.’

Lieflijk blond en gevaarlijke onrust

'Godverdomme, dat kan toch niet?! Dat is toch een levensgevaarlijk trapje? Moeten er soms doden vallen?' Hans van Manen haalt op de repetitie flink uit als de cameraman in zijn loopje vanaf het podium bijna struikelt. Iedereen is er even stil van. Maar er moet worden doorgewerkt en even later wordt in de hal van het theater een heftig afscheidsduet gedanst. Rademaker met ontbloot bovenlijf, op stoere gympen: een combinatie van lieflijk blond en gevaarlijke onrust;

De Jongh ongenaakbaar in een minimalistisch jurkje.

Even later valt de accu van de camera steeds uit en wordt de maestro weer boos. Ook is er gedoe over de kabel en hoe die straks door het hele theater moet worden gesjouwd. Rademaker blijft rustig glimlachen. Even later danst hij een vurige pas de deux waarin hij zijn partner fel tegen een pilaar duwt.

'Je bent erg goed, hoor!', zegt Van Manen na afloop tegen hem. En meteen daarna: 'Goh, ik heb er een droge bek van gekregen'.

'Zal ik wat voor je halen?', vraagt Igone de Jongh bezorgd. 'Nee, schat, we gaan souperen.' Het is even na elf uur 's avonds.

Beeld Robin De Puy

Nijmeegse Billy Elliott

Een dag eerder werd er gerepeteerd in de balletstudio. Zonder Van Manen, maar met balletmeester Rachel Beaujean. Overal in het lokaal spiegels; het valt op dat dansers voortdurend naar zichzelf kijken.

Rademaker: '24/7 hangt er een spiegel voor ons. Wij kijken voortdurend naar wat er niet goed is. Eigenlijk ben je nooit happy en soms moet je jezelf pushen om tegen jezelf te zeggen: ja, dat heb ik goed gedaan! Daarbij zijn we allemaal een beetje narcistisch, dat moet ook wel in dit vak. Het is zwaar, je bent heel vaak moe, hebt weinig vrije tijd. Overdag trainen om het lichaam in conditie te houden, repeteren, 's avonds voorstelling. Maar dan de voordelen: je wordt verrijkt met heel veel mooie muziek, je bent altijd aan het werk met allerlei kunstenaars en met je collega's, en je kunt dansen!'

Dansen deed Marijn Rademaker al vroeg, als jongetje bij zijn ouders in de huiskamer in Nijmegen. Hij was een voetballertje en hij tenniste, maar hij kwam ook huilend de keuken in omdat hij op de radio zulke mooie klassieke muziek had gehoord. Sport, muziek, gym - hij had net zo goed een Epke Zonderland kunnen worden, maar hij ging als 8-jarige naar balletles. Eerst één keer per week naar een amateur-dansschool, daarna elke zaterdag naar de Nationale Balletacademie en vervolgens naar de Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem.

'Ik de Nijmeegse Billy Elliot? Nee hoor, Billy had het heel wat moeilijker dan ik. Maar ik had het er niet graag over dat ik danste, omdat ik dacht dat men dat raar zou vinden. Toen ik later een video terugzag waarin ik in de schoolmusical een dansact had in een maillot en verwijfd deed met een sjaaltje, dacht ik wel: goh, ik heb wel lef gehad. Later, op de middelbare school in Arnhem, riepen ze wel dingen als 'Hé ballethomo, in je maillot.' Leuk was het niet, maar ik heb er geen trauma van opgelopen of zo.'

Vier balletten

Hans van Manen Live is een dansavond met vier balletten waarin ­bestaande stukken van Van Manen worden samengevoegd. Naast Live (op muziek van Franz Liszt) wordt bij Het Nationale Ballet voor het eerst ook Two Gold Variations (1999, op muziek van Jacob ter Veldhuis) gedanst, een stuk dat Van Manen destijds maakte voor het Nederlands Danstheater in Den Haag. Het programma wordt gecompleteerd door Metaforen (1965, op muziek van Jean-Yves Daniël-Lesur) en ­Twilight (1972, op muziek van John Cage, met geprepareerde piano).

Opnieuw beginnen

Na een reeks audities werd hij op zijn 14de aangenomen op het Conservatorium in Den Haag. Op zijn 18de studeerde hij daar af en was hij professioneel danser. Hij had naar de aspiranten van Het Nationale Ballet in Amsterdam kunnen gaan of naar Antwerpen, maar het werd Stuttgart. 'Het waren allemaal leuke opties, maar ik wilde weg uit Nederland. Er waren hier een paar nare dingen gebeurd, ik had een relatie met een leraar van mijn school en dat lag allemaal erg moeilijk. Toen besloot ik helemaal weg te gaan en opnieuw te beginnen.'

In Duitsland groeide hij vervolgens uit tot wat hij nu is: een topdanser. Niet alleen eerste solist bij Het Nationale Ballet, maar ook veelgevraagd gast bij internationale festivals en gala's. Dat hij dit jaar de overstap van Stuttgart naar Amsterdam maakte, heeft te maken met de zekerheid die hij hier heeft over zijn toekomst. Want hij wil nog minstens tot zijn 40ste blijven dansen.

Marijn Rademaker ziet er goed uit: knap gezicht, mooi lichaam, de ene keer lijkt hij een romantische prins, dan weer heeft hij iets ondeugend sensueels.

'Het helpt vandaag de dag zeker als je mooi bent, daar kun je niet omheen. Dat is gewoon zo. Dat is biologie. Ik heb lange armen en veel mensen zeggen dat ik mooie handen heb op toneel. Maar ik heb geen perfecte benen. Als ik collega's zie met van die mooie benen en voeten, ben ik hartstikke jaloers. Van die sabelbenen, weet je wel, dat je de knie bijna niet ziet en die voet nog helemaal naar onder gaat. Mijn directeur in Stuttgart zei een keer: jij moet echt aan je voeten werken, anders gaat het niet lukken. Ik heb er keihard aan gewerkt.

'Een goed danser moet altijd een goed acteur zijn'

Hans van Manen, choreograaf: ‘Hij was echt een ster in Duitsland. Toen hij in Stuttgart afscheid nam, duurde het slotapplaus 20 minuten. Hij werd overladen met bloemen en de kranten stonden er vol van. Ik kan goed met hem werken: hij is ook een goed acteur – een goede danser moet altijd een goed acteur zijn. Ik vind hem absoluut een Van Manen-­danser, want behalve dat hij een geweldige ­techniek heeft, is hij ook muzikaal. Bovendien is hij ­betrouwbaar en kan hij tijdens de repetities echt plezier hebben. Fysiek maakt hij een lekker brede indruk. Hij heeft een blonde erotiek ja, maar dat is weer iets anders dan een donkere erotiek, begrijp je? Of zijn lichaam danstechnisch helemaal klopt, interesseert me niet. Ik ben niet zo van de ­details. Ik let er alleen op of ze iets kunnen toevoegen. Ze kloppen of ze kloppen niet. Marijn klopt. Igone en hij zijn dol op elkaar, daarom is het zo fijn met hen te werken. Zij zegt altijd dat als hij geen nicht was, zij haar man on­middellijk ontrouw zou zijn. Leuk, hè? Voor mij doet het er niet toe of ze homo of hetero zijn, als het maar goede dansers zijn. Ook hetero’s kunnen schattig tegen me zijn.’

Geen label

'Ik haat het trouwens als men mij vanwege mijn uiterlijk alleen maar ziet als de romantische held. En ik wil ook niet de sexy hunk zijn. Ik wil geen label opgeplakt krijgen, ik zie mijzelf als niks. Ik vind het juist sterk als je geen specifieke stijl hebt, zodat je je kunt aanpassen aan elke stijl.'

Waar dansers ook altijd mee bezig zijn: blessures. Tijdens de repetities van Live kreeg Marijn last van zijn knie. In zijn beginjaren in Stuttgart heeft hij vijf knieoperaties gehad, hij is vaak door zijn enkels gegaan en heeft zijn voet gebroken. 'Dat kwam doordat ik er toen 200 procent voor ging. Later leer je hoe je met je lichaam moet omgaan, je leert hoe je dat moet fixen. Ja, je wordt ouder, de sloop is al een beetje begonnen. Ik heb nu knieproblemen vanwege overbelasting, dat hoort er allemaal bij.'

De carrière van een mannelijke danser stopt meestal rond zijn 40ste. Daarom ook is Rademaker zo serieus en geconcentreerd met zijn vak bezig: er is geen tijd te verspillen. En daarna?

Igone de Jongh eerste soliste het Nationale Balle

'Marijn is voor mij de partner op wie ik al heel lang heb gewacht: wij hebben een connectie die moeilijk is te omschrijven. Het gaat om het vertrouwen dat we in elkaar hebben, meestal duurt het jaren voordat je dat voelt. Marijn kan alles dansen, dat maakt zijn talent zo groot. Hij kan zich erg goed inleven en aanpassen aan de choreograaf en partner. En hij heeft de gave om er meteen zijn eigen aandeel aan toe te voegen. Hij is een toneelbeest: als hij op het toneel staat, wil het publiek eigenlijk alleen maar naar hem kijken. Hij heeft iets magnetisch, door zijn uitstraling, maar ook door zijn innerlijke kracht die hij heel goed fysiek weet te gebruiken.'

Coachen

'Het lijkt mij ontzettend leuk om dansers te coachen, iets van ervaring door te geven. Ik heb deze week lesgegeven aan de Junior Company van Het Nationale Ballet - erg waardevol is dat. Ik zou ook graag een eigen restaurant of kroeg beginnen. Toen ik in Stuttgart een paar maanden geblesseerd was, heb ik in een bar gewerkt. Ik heb iets met restaurants en cafés - tafels mooi dekken, het verzorgen van de gasten. En ik dagdroom ook weleens over acteren. Het zou gaaf zijn om met Gus van Sant te werken, ik vind zijn films zo mooi. Maar het ligt natuurlijk meer voor de hand dat ik iets in de dans blijf doen. Die keuze heb ik eigenlijk al gemaakt toen ik 8 was.'

De avondrepetitie is voorbij. De Jongh en Rademaker ploffen neer op de rode stoelen van het theater. Voor maestro Van Manen is inmiddels een taxi besteld. Hans gaat op weg naar het enige restaurant in de stad dat op dit tijdstip nog open is.

Hans van Manen Live, première 12/9 in Nationale Opera & Ballet Amsterdam. Daar t/m 4/10.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden