interview paul depla

Bredase burgemeester Paul Depla: ‘Waarom zou ik xtc moeten verbieden?’

Al die alcohol die vrijelijk vloeit in zijn stad, terwijl hij als burgemeester van Breda wel moet optreden tegen – ‘ik praat de deskundigen na’ – het minder schadelijke xtc. Geef mij één argument waarom, zegt Paul Depla.

Paul Depla, burgemeester van Breda: ‘Van de lessen die we met wiet hebben geleerd, moeten we nu gebruikmaken.’ Beeld ANP

 ‘Wie zijn wij, generatie van de vijftigers, om te mogen stellen dat het gebruik van xtc en cannabis erger is dan alcohol? Waarom zou ik als burgemeester xtc moeten verbieden, terwijl ik overal in de stad alcohol toesta? Terwijl ik weet dat de effecten van alcohol op de gezondheid ernstiger zijn? Is dat niet hypocriet?’

Paul Depla (53), burgemeester van Breda, is sociaal-democraat van Brabantse, katholieke herkomst. Er moet gestreden worden, maar joyeuzer dan ze boven de rivieren bij machte zijn. Men kan zeggen dat Depla een bestuurder is in drugszaken. Eerder was hij burgemeester in Heerlen, lange tijd vereenzelvigd met heroïnejunkies. Breda is een stad van deejays en dance, waarmee het slikken en snuiven hecht verbonden is.

Vanuit zijn kamer in het Stadskantoor van Breda heeft de burgemeester een riant uitzicht op het Holland ­Casino. Elke keer realiseert hij zich de zegening: gokken kan ontwrichtend zijn, het kan hele gezinnen slopen. Maar een overheid die het verbiedt schiet in de eigen voet. Daarom is voor de goklustigen een legaal casino opgetrokken, om het gokken zo goed en zo kwaad als dat kan te controleren en in elk geval de uitwassen aan te pakken.

Video: Als het aan GroenLinks ligt, wordt xtc uit het criminele circuit gehaald en gaat de overheid de regie nemen over de productie ervan. 

Met de cannabis is een fout gemaakt, stelt Depla vast. Het begin lag bij het popfestival in het Kralingse Bos, 1970. Het was het Nederlandse antwoord op het Amerikaanse Woodstockfestival van het jaar daarvoor: hoogtepunt van flowerpower. De wiet dampte zo duchtig boven Kralingen dat de autoriteiten zich met een mengeling van schrik en berusting realiseerden dat de doos van Pandora was geopend. Welke gezondheidsrisico’s zaten eigenlijk aan dat drugsgebruik? En wat had de regering te doen?

Niet van harte en niet uitbundig ging de regering om redenen van volksgezondheid de komst van coffeeshops begeleiden. Straathandel en vermenging van soft- en harddrugs konden zo vermeden worden. Wiet kopen werd gedoogd, maar waar het spul vandaan moest komen, daarvan wilde de overheid niet weten. Het was kennelijk mentaal een brug te ver.

Depla: ‘En zo is een illegale markt ontstaan die nu eenmaal altijd gedomineerd wordt door criminelen. Zo is de poort geopend voor de drugscriminaliteit in Nederland.’ Na jaren van aarzeling lijken nu experimenten met gelegaliseerde, althans gereguleerde wietproductie van de grond te komen, als voorportaal van een uiteindelijke regeling vanuit de overheid.

Lessen

Depla: ‘Van de lessen die we met wiet hebben geleerd, moeten we nu gebruikmaken. Volgens mij heb je als overheid de plicht ook het gebruik van xtc goed te organiseren. Ik heb liever dat ik als overheidsfunctionaris op feesten de kwaliteit van de pillen laat controleren, vanuit mijn zorgplicht voor de volksgezondheid, dan dat ik suggereer dat op de festivals in mijn stad die pillen niet worden gebruikt. Dan maak ik de jonge bezoekers afhankelijk van een illegale markt waarvan de criminelen extreem profiteren. Daarnaast zijn de gezondheidsrisico’s veel groter dan wanneer ik het spul zelf controleer.

‘Eigenlijk steek ik mijn kop in het zand voor het drugsgebruik op die festivals en in de cafés. Dat vind ik hypocriet als overheid. Ik wil af van de grote leugen.’

Het gebruik van xtc is genormaliseerd, wijd en zijd. Het is een party­drug die de wereld tijdelijk mooier, intenser maakt. Nederland is topproducent van xtc en amfetamine (speed). Het overgrote deel van de productie is bestemd voor de export. Internationaal loopt de straatwaarde van deze illegale activiteit op tot ten minste 19 miljard euro per jaar.

Met alleen controle op de kwaliteit van pillen ben je er niet, onderkent de burgemeester. Als de overheid de productie van xtc uit het criminele circuit de pas wil afsnijden, in elk geval voor de binnenlandse markt, is meer nodig. Depla: ‘De overheid zal de xtc-productie gaan vergunnen aan bedrijven die onder toezicht staan. Dat lijkt me een logische stap. Als je zou volstaan met controle op wat de illegale markt produceert, geef je de criminelen als het ware een legitimatie. Dat is het laatste wat je moet willen.’

Alcohol en nicotine

Hij heeft veel rapporten gelezen over de schadelijke werking. Er is geen eensluidendheid, maar wel valt hem telkens op: ‘Alcohol en nicotine zijn gevaarlijker voor de volksgezondheid en ondermijnen je functioneren meer dan heel veel drugs die we nu aan het criminaliseren zijn.’ Hij herinnert aan het beeld van de heroïnejunks die in de jaren zeventig en tachtig voor oud vuil op de stoepen en in de portieken lagen. Depla: ‘Dat hebben we gelukkig achter ons. Met Lou Reed is de laatste internationale junk gestorven. Geef mij één argument waarom alcohol vrij verkrijgbaar is en xtc verboden moet zijn? Ik praat de deskundigen na. Die zeggen mij: xtc is minder schadelijk dan alcohol.’

Toch, er is een alternatief voor een beleid van gereguleerde toelating: ontmoediging en straf optreden. Weersta het gebruik. Depla: ‘Een drugsvrije wereld is mijn ideaal. Helaas, ik zal het niet meemaken. Als pragmatisch bestuurder kies ik voor second best met als centrale doelstelling de bescherming van de volksgezondheid.’

Pleidooien voor zero tolerance ­rekent hij tot ‘stoere praat’. Hij zegt: ‘Want we weten toch allemaal wat er gebeurt in de horeca? We weten toch allemaal wat er gebeurt op de Amsterdamse Zuidas? We weten toch allemaal wat er gebeurt in de voetbalstadions?’

Yogasnuivers

Justitieminister Ferdinand Grapperhaus hamert bij herhaling op de medeverantwoordelijkheid van de gebruiker voor het bestaan van een criminele miljardenindustrie: ‘Achter een pil of lijntje schuilt een wereld van keiharde criminaliteit: liquidaties, witwassen, corruptie, fraude en milieucriminaliteit.’ De chef van de nationale politie, Erik Akerboom, spreekt van ‘yogasnuivers’: hedonisten die door de week een veganistisch bestaan leiden en in het weekeinde cocaïne en pillen nemen. Wilbert ­Paulissen, chef van de landelijke recherche, is ervan overtuigd dat de overheid de strijd tegen drugscriminaliteit niet zal winnen als de gebruiker zich geen rekenschap geeft van de ontwrichting die de drugsindustrie met zich meebrengt.

Een optreden van dj David Guetta in Amsterdam. Depla: ‘Eigenlijk steek ik mijn kop in het zand voor het drugsgebruik op die festivals en in de cafés. Dat vind ik hypocriet als overheid. Ik wil af van de grote leugen.’ Beeld Foto ANP

Depla: ‘We jagen op gebruikers, terwijl we moeten jagen op criminelen. Zo’n term als de yogasnuiver is leuk gevonden, maar denk je nou echt dat het helpt in de strijd tegen de criminaliteit? Je hebt eerst als overheid alles toegestaan, jarenlang toegestaan, niet eens oogluikend, we geven zonder probleem vergunningen af voor feesten en festivals waarvan je weet: daar wordt volop geslikt. Xtc is genormaliseerd. Wees eerlijk als overheid: hoeveel xtc wordt hier op feesten en in de cafés gebruikt? En nu zeggen de minister en de politiechefs: ja, wij hebben het toegestaan dat u slikt, maar intussen bent u wel verantwoordelijk voor liquidaties en witwassen. Dan ben je ineens een schakel in de criminele industrie. Dat is toch ongerijmd? En onverstandig bovendien. Zo krijg je nooit de maatschappelijke steun die nodig is om de drugs­criminelen terecht aan te pakken.’

Drugsromantici

Net zo min als Depla de opvattingen deelt van Haagse autoriteiten voelt hij zich verbonden met wat hij ‘de drugsromantici’ noemt. Het zijn de gebruikers die de drugsscene als de Hof van Eden beschouwen. Depla: ‘Het zijn de lui die roepen dat de overheid zich nergens mee moet bemoeien en dat de verhalen over georganiseerde criminele netwerken overdreven zijn. Als ik tweet over een drugslaboratorium dat we hier in de stad hebben opgerold, krijg ik terug: wat een geouwehoer, heb je niks beters te doen?

‘Ze sluiten de ogen voor het barre feit dat die wereld in handen is van harde criminelen. Liquidaties, afvalstortingen, witwassen, een schaduwmaatschappij waarin men zijn eigen gang gaat – de romantici lijken er niet van te willen weten. Ze kijken weg of bagatelliseren de zaak. Maar die criminelen trekken zich geen moer aan van mens en natuur. Asociale gasten zijn het, asociale gasten. Juist degene die voor een liberaal drugsbeleid is, laadt de dure plicht op zich om de criminaliteit zo hard mogelijk aan te pakken.’

Video: Zo werkt het enorme drugsnetwerk in Nederland

Nederland, drugsland? Daar lijkt het wel op. Niet alleen poederen we zélf graag de neuzen tijdens een feestje, ook het buitenland maakt gretig gebruik van onze drugshandel. Vorig jaar alleen al werden er 972 miljoen xtc-pillen geproduceerd. Tel daar nog eens 614 miljoen gram speed bij op, en we zitten aan een omzet van 19 miljard (!) euro. Daar moet een strak netwerk achter zitten, zou je denken. Maar is dat ook zo? Dat zie je in deze video.

Xtc staan twaalfde op de ranglijst RIVM

Negentien genotmiddelen zijn gerangschikt op een schaal van schadelijkheid voor de volksgezondheid. De lijst is in 2009 opgesteld door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, RIVM. Crack en heroïne staan op 1 en 2, gevolgd door alcohol en tabak. De hallucinogene middelen qat, lsd en paddo’s zijn relatief onschuldig. Hetzelfde geldt voor xtc; het staat op de twaalfde plaats. Cannabis staat hoger, op plek 10.

Vast staat dat xtc, dat een intens euforisch gevoel geeft, niet verslavend is. Toch maakt het Trimbos-instituut zich zorgen. Het constateert een toename van het aandeel gezondheidsincidenten als gevolg van xtc-gebruik. Ehbo-posten op festivals melden vaker dan voorheen dat bezoekers niet aanspreekbaar zijn wegens (sub)comateuze toestanden of ­geagiteerd gedrag.

De verslavingszorginstelling Jellinek bericht minder zorgelijk over het gebruik van xtc. Het is ‘niet zonder risico’s’– er kan sprake zijn van oververhitting – maar de risico’s zijn ‘beperkt’ voor wie niet vaker dan enkele keren per jaar een ecstasypil slikt.

Volgens de Nationale Drug Monitor waren er in 2016 meer dan zevenhonderd ziekenhuisopnamen als gevolg van het gebruik van xtc of amfetamine. (Voor alcoholaandoeningen lag het cijfer op bijna 4.700 opnamen, waarbij de kanttekening hoort dat alcohol veel meer wordt gebruikt dan xtc).

Het Trimbos-instituut vermoedt dat vooral de hoge dosering mdma in Nederlandse xtc-pillen gebruikers in het ziekenhuis doet belanden. Mdma is de werkzame stof in ecstasypillen. Tegenwoordig is een pil ongeveer twee keer zo sterk als tien jaar geleden.

Liesbeth Reneman, hersenonderzoeker bij het AMC, schreef onlangs in een opinieartikel in NRC dat xtc zeker niet ­‘relatief onschuldig’ is. De Nijmeegse hoogleraren Kramers en Verkes reageerden in eerste instantie bevestigend: ‘Xtc veroorzaakt nu en dan een dode en je krijgt er hersenschade van.’ Niettemin: ‘Wij pleiten wel voor reguleren. Wekelijks nemen honderdduizenden jongeren xtc tot zich. Reguleer dat, met een betrouwbaar productieproces en een duidelijke hoeveelheid werkzame stof.’

Tot 2002 konden bezoekers van dancefeesten hun drugs op locatie laten testen. Dat testen kan nu alleen (anoniem) op een aantal vaste plekken in het land (zie drugs-test.nl), bijvoorbeeld bij kantoren van de GGD. Instellingen voor verslavingszorg vinden dat op kantoor meer gelegenheid bestaat voor zorgvuldige analyse en voor gesprekken over risico’s van gebruik. Begin vorig jaar nam de Tweede Kamer een motie aan die aandringt op de terugkeer van het testen op festivals. De staatssecretaris van Volksgezondheid heeft laten weten dat hij tal van juridische, financiële en praktische bezwaren ziet. 

Staan verdragen in de weg? 

De belangrijkste internationale afspraak over drugsgebruik is het Enkelvoudige Verdrag inzake verdovende middelen uit 1961, opgesteld door de Verenigde Naties. Het bestaat uit vier lijsten waarop in klimmende mate van schadelijkheid verdovende middelen staan. De Wereldgezondheidsorganisatie WHO adviseert over wijzigingen. Wiet staat nog op de hoogste lijst, net als trouwens xtc. Het gebruik is alleen toegestaan voor medische of wetenschappelijke doelen. De bij de VN aangesloten landen worden geacht de lijsten te respecteren. Toch is in landen als Canada, Uruguay, Spanje en nu ook Luxemburg tot voor de rechter teelt, handel en gebruik van cannabis toegestaan. De VN-verdragen blijken desgewenst van elastiek: landen mogen zichzelf tot uitzonderingsgeval verklaren ‘indien bestraffing niet strookt met het nationale rechtsstelsel’. Het is dus een politieke keuze om bepaalde drugs te reguleren dan wel te legaliseren, zij het dat een beschaafd land bij voorkeur in de pas loopt met internationale verdragen.

Lees ook:

Moet de overheid zich ontfermen over de productie van xtc? GroenLinks vindt van wel
GroenLinks wil dat de productie van xtc onder regie komt van de overheid, en daarmee uit het criminele circuit wordt gehaald. Nederland moet het initiatief nemen om strenge VN-verdragen over verdovende middelen te wijzigen, vindt de partij.  

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.