Brabantse ASML maakt wafersteppers, 'dingen die het bijna niet doen' Een goeie artiest moet hongerig zijn'

Het Brabantse ASM Lithography is wereldwijd op twee na de grootste fabrikant van 'wafersteppers', machines voor de fabricage van halfgeleiders ofwel chips, 'gigantische toverlantaarns' die zo geavanceerd zijn 'dat ze het bijna niet doen'....

HENK BLANKEN

Van onze verslaggever

Henk Blanken

VELDHOVEN

De wereld van Willem Maris is uiterst overzichtelijk. Met ASM Lithography is hij op twee Japanners na de grootste fabrikant in zijn branche, en tegelijkertijd is hij wereldwijd de kleinste. De handel waarin Maris zich beweegt, kent slechts drie spelers en honderd klanten die samen zo'n vijftienhonderd machines per jaar bestellen. Alleen die machines zijn ingewikkeld. 'Dingen die het bijna niet doen', zegt Maris.

Net als de Japanse marktleiders Nikon en Canon, beide vooral bekend van fotocamera's, maakt ASML wafersteppers. Technologisch geavanceerde machines die gebruikt worden door fabrikanten van halfgeleiders als Siemens, Intel, Samsung en NEC. De vraag naar 'chips' en naar de apparaten om ze te maken is zo groot dat het trio fabrikanten de steppers niet aangesleept kan krijgen. Dat maakt de positie van bestuursvoorzitter Maris nogal comfortabel.

Nadat ASML in 1992 nog bijna failliet ging (Maris: 'Ik heb toen peentjes zitten zweten'), moet de onderneming er nu vooral voor zorgen dat de omzet, die vorig jaar met 72 procent toenam tot 918 miljoen gulden, verder kan groeien. Het bedrijf is een afsplitsing van Philips, dat sinds de beursgang van ASML vorig jaar ruim 50 procent van de aandelen houdt. Deze maand maakte Philips bekend opnieuw een pakket af te stoten. Tegelijkertijd verkoopt ASML zelf ook 1,5 miljoenen aandelen om met de opbrengst de expansie te financieren.

Bestuursvoorzitter Maris, een gewezen Philips-veteraan, is dezer dagen op roadshow, eerst in Europa, daarna in de VS waar zijn aandelen genoteerd staan aan de schermenbeurs Nasdaq. Maris moet beleggers vertellen dat het goed gaat met ASML en dat het wellicht nog beter kan gaan. Hij kan zich beroepen op een omzetgroei van 50 tot 70 procent de afgelopen vier jaar, op een jaarwinst over 1995 (138,9 miljoen) die hoger was dan zelfs de grootste optimist verwachtte, en op een industrietak die volgens het Amerikaanse onderzoeksbureau Dataquest tot de eeuwwisseling nog in omvang verdubbelt.

Met het al even on-Nederlandse softwarehuis Baan kan ASML rekenen op veel belangstelling van hightech-beleggers. Hightech is in, vooral in de VS waar het koersverloop van chips- en softwarefabrikanten grillig is. Maris: 'Het wappert op en neer. Dan krijg je een telefoontje uit Amerika. Wat is er met ASML gebeurd? Niks, zeg ik dan, maar wat is er met u gebeurd? Je ziet dat het verschrikkelijk beïnvloed wordt door de laatste verhalen.'

Amerikanen, zegt Maris, zijn anders. 'Een Amerikaan wil geld verdienen. Een Europeaan wil geen geld verliezen. Wat niet zo gek is, want wij hebben onze sociale voorzieningen. Wij zorgen ervoor dat we straks nog wat hebben, terwijl een Amerikaan, als hij niets doet, straks ook helemaal niets heeft. In Amerika praten ze voortdurend over koersen. In Nederland praat je over het weer.

'Analisten in de VS gaan veel intensiever om met een bedrijf als dit dan Europeanen. Ik word elke dag twee of drie keer gebeld door investors in Amerika die vragen hoe het nu is. Dat is interessant, omdat zij net hebben gesproken met klanten van ons, of concurrenten. Je hoort dan de laatste marktroddel.'

Tijdens zijn toernee langs beleggers zal Maris vooral gevraagd worden wat hij verwacht van de toekomstige marktgroei. De vooruitzichten zijn zonnig, maar 'ups en downs zullen er ook nog komen', zegt Maris. 'Tot nog toe zeggen onze klanten dat ze graag meer willen. Maar je moet zelfs niet pretenderen dat je weet wat de markt in 1997 gaat doen. Je moet een beeld hebben. Wij willen een minimum-capaciteit hebben, en een laag break-even-punt.'

ASML zal de opbrengst van de emissie (circa 120 miljoen gulden) gebruiken om de produktiecapaciteit te vergroten. Het bedrijf in Veldhoven, onder de rook van Eindhoven en Philips, heeft een nieuw pand in aanbouw en zoekt naar nog meer vierkante meters. Eind vorig jaar had ASML capaciteit voor 250 wafersteppers per jaar. Eind dit jaar moet dat 450 zijn. Nikon wil de produktie opvoeren van 600 tot zo'n 1000 steppers. Canon groeit van 300 tot 600.

De vraag naar steppers is betrekkelijk eenvoudig in kaart te brengen, omdat de chipsproducenten lang van te voren aankondigen welke nieuwe fabrieken ze gaan bouwen: tot aan de eeuwwisseling zijn zo'n 175 nieuwe fabs aangekondigd. Maris voorziet dat de markt dit jaar goed is voor zo'n 1500 tot 1600 machines. Dat zal nog groeien, 'maar het wordt niet ineens 2500, zoals het ook niet naar 1000 zal zakken'. Volgend jaar, denkt hij, zal er wat overcapaciteit gaan ontstaan.

ASML moet dan gaan profiteren van zijn vrij algemeen erkende technologische voorsprong - die opweegt tegen duidelijk hogere prijzen - en zijn relatief sterke positie buiten Japan. Want het aantal nieuwe fabrieken, met elk gemiddeld zo'n dertig machines, daalt vooral in Japan, een markt die door Nikon en Canon wordt afgeschermd. Ook in Korea kon ASML tot een jaar geleden niet binnenkomen, maar inmiddels heeft Samsung, 's werelds grootste fabrikant van geheugenchips, zich als klant gemeld.

Samsung koopt jaarlijks zo'n 70 steppers. 'Ze kopen bij Nikon, maar ook bij ons. Dat is fijn, omdat Samsung een leidende klant is. Een concurrent als Hyundai kijkt er tegen op. Als Samsung het doet, kan het zeker niets slecht zijn. Samsung vraagt altijd meer dan je kan. Dat is goed, want je moet iemand hebben die je opduwt. Een goeie artiest moet hongerig zijn. Je moet de klant hebben die wil dat je maakt wat er nog niet is. En dat het er morgen is.'

Concurreren op prijs, zegt Maris, is niet zo belangrijk omdat een klant geen risico wil lopen als hij een nieuwe fabriek van anderhalf miljard dollar opbouwt rond de steppers van één leverancier. 'Je zit op de rand van de technologie. Als een machine het goed doet, willen ze best wat meer betalen. Als je technologisch beter bent, ben je voor die prijsdaling wat minder gevoelig. Maar het zal best kunnen dat er wat prijsdruk komt, want het is nu natuurlijk te mooi om waar te zijn.'

De top bemoeit zich met de aankoop van steppers, zegt Maris. 'Toen een bedrijf in Singapore bij ons machines wilde kopen, kreeg ik een telefoontje of ik met de president wilde komen praten. Die wil eerst zien wie je bent, die wil in je ogen kijken. Want als zijn stepper-leverancier een truc met hem uithaalt, heeft hij een echt probleem. Een andere spoelbak koopt-ie wel, maar een andere stepper niet.'

Zo overzichtelijk als de markt is voor ASML, zo complex is de waferstepper. Maris omschrijft die machine als 'een gigantische toverlantaarn', vanwege de lens in het hart van het apparaat, een stuk glas dat een meter hoog is en 280 kilo weegt. Door die lens valt licht waarmee op een plak silicium uiterst kleine schakelingen worden aangebracht. Uit die plak, de wafer, worden chips gesneden.

Anders dan Nikon en Canon moet ASML ('Wij zijn een atelier, maken geen onderdelen zelf', zegt Maris) zijn lenzen inkopen, voor een miljoen gulden per stuk. Het bedrijf doet dat bij Zeiss in Duitsland. De onderlinge afhankelijkheid is volmaakt: Zeiss levert de lenzen alleen aan ASML dat zelf geen andere leveranciers heeft. Toen Zeiss vorig jaar de snelle groei in Veldhoven niet kon bijbenen, leidde dat prompt tot problemen. Die zijn opgelost door bij Zeiss robots in te zetten.

De relatie met Zeiss - dat dit jaar verwacht 265 lenzen te leveren - is geen gewone. Het Duitse bedrijf is zo belangrijk voor ASML dat de samenwerking nauwelijks in contracten te regelen valt, zegt Maris. 'We zetten wel wat op papier omdat ik geen misverstanden wil hebben. Maar ik heb geen contract waarin staat dat Zeiss een penalty moet betalen als het niet levert. Wat heb ik daaraan?'

Vier maanden per jaar is Maris op reis. Zo onderhoudt hij met klanten 'een lat-relatie'. 'Je moet elkaar goed kennen. Je mag best eens ruzie maken, maar je moet de problemen samen oplossen. Als je elkaar een keer pakt, loopt die verhouding niet meer. Ik praat met alle managers van de bedrijven waar wij aan leveren. Ken ze allemaal. Er zijn maar honderd of tweehonderd klanten in de wereld, en maar vijftig belangrijke. Die kan ik bellen. Ik weet wie wie is, wat hun problemen zijn, in het bedrijf en soms ook thuis.'

Omdat de markt in Japan slinkt maar in de rest van de wereld bijna stabiel blijft, denkt ASML de komende jaren marktaandeel te kunnen veroveren. Maris hoopt te profiteren van het feit dat Nederlanders zich met groter gemak op de westerse markt bewegen dan Japanners. 'De cultuurverschillen zijn voor hen heel lastig. Wij begrijpen die Japanners niet, maar zij begrijpen ons ook niet. De wereld buiten Japan is gelukkig groter dan de wereld binnen Japan. Dat is voor ons gunstig.'

Nikon is nu nog marktleider met een aandeel van 52 procent. Canon heeft 25 procent, ASML 18 procent. Die verdeling is de laatste jaren gelijk gebleven, maar Maris is niet van zins zich erbij neer te leggen. Om een dip in de markt te kunnen opvangen, moet ASML zich tussen Nikon en Canon wringen. Maris: 'Daar willen we naartoe. We hoeven niet nummer één te zijn, maar twee wel. Als je 33 procent hebt, ben je per definitie tweede. Als de markt 1500 machines is, moet je er dus 500 van hebben.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden