INTERVIEW

Bouman: 'Ik maak fouten, maar heb niet gefaald'

'Ik faal niet', zei korpschef Gerard Bouman (63) aan de vooravond van de reorganisatie van de politie. Hij kreeg de afgelopen maanden aan de lopende band kritiek. Toch heeft dat volgens Bouman niets met zijn vertrek te maken.

Gerard Bouman tijdens de 'ambtelijke briefing' van Kamerleden.Beeld anp

Waarom stapt u op?

'Ik vind dat nu een fase is aangebroken dat een ander type leiderschap vraagt. De korpsleiding komt meer op afstand te staan, als een raad van bestuur. Ik bemoei me juist graag met de werkvloer. Dat zit in mijn temperament. Ik kan dingen in beweging zetten. Maar de passie om dat ook af te maken hoort minder bij mij. Dat vergt een ander type.'

Met de kennis van nu, had u die reorganisatie van 26 politiekorpsen naar één Nationale Politie dan anders gedaan?

'Met de kennis van nu zou ik de snelheid waarmee we dingen voor elkaar dachten te kunnen krijgen, absoluut anders hebben gedaan. We leefden te lang met de gedachte dat de wereld snel maakbaar is. Maar zo'n grote organisatie... We zijn de grootste werkgever van Nederland. We hadden, kort samengevat, te weinig mensen, ook van goeie kwaliteit, te weinig geld en te kort tijd om alles voor elkaar te krijgen.'

Had u dat niet zien aankomen?

'De reorganisatieplannen waren van 2010. Ik wist dat ik in mei 2011 230 miljoen zou moeten bezuinigen. Terwijl we niet eens wisten hoe de politie eruit kwam te zien. Op het moment dat ik begon was er niet eens een Politiewet. Ik moest aan de bak om met 26 eigenwijze korpschefs, die de baas waren in hun eigen regio, een Politiewet te maken en een plan schrijven hoe de nieuwe politie eruit moest zien. Uiteindelijk bleef het niet bij 230 miljoen; inmiddels zitten we op een half miljard. Denk je dat je een half miljard kunt besparen zonder dat je dat voelt in een organisatie? Dat is onbestaanbaar.'

(tekst gaat verder onder de foto)

Gerard Bouman (derde van rechts) vol goede moed vlak na zijn installatie als korpschef van de Nationale Politie begin 2013. Links naast hem toenmalig minister van Veiligheid en Justitie Ivo Opstelten.Beeld Julius Schrank

Maar daar was u toch zelf bij? Zei u ooit: dit kan zo niet?

'Ja, meermalen. Maar de spelregels worden tijdens de wedstrijd voortdurend veranderd. Het ene moment denk je dat je alles in de greep hebt, het andere moment komt er ineens een vluchtelingenvraagstuk waarin je geweldig veel moet investeren. En je kunt je geld maar één keer uitgeven.'

U nam deze baan terwijl u geen ervaring had met reorganisaties.

'Deze reorganisatie is zo groot... Niemand in Nederland heeft die ervaring. We hebben er grote organisatieadviesbureaus bij betrokken en vroegen: hoe vaak hebben jullie zo'n complexe reorganisatie meegemaakt? Het antwoord was: nul keer. Het is echt een zoektocht geweest hoe we het allemaal moesten doen.'

Minister Van der Steur zei over uw vertrek dat u zich op tijd heeft gerealiseerd dat u de reorganisatie vanwege uw pensioengerechtigde leeftijd niet kunt afmaken.

'Dat heeft bij mij geen enkele rol gespeeld. Ik ga niet met pensioen en ben daar ook niet mee bezig.'

Waarom zou hij dat dan zeggen?

'Dat moet je de minister vragen. Deze aanstelling was voor zes jaar. Dus ik had tot 66,5 jaar door kunnen gaan.'

Wat de minister zegt klopt niet?

Schouderophalend: 'Hij heeft vandaag ook een zware dag (Van der Steur moet zich verantwoorden voor het onjuist informeren van de Kamer, red). Ik heb eerder ook al met hem gesproken over mijn besluit om te stoppen, maar het woord pensioen is nooit gevallen.'

Boumans woordvoerster: 'De minister gaat dat nog corrigeren.'

(tekst gaat verder onder de foto)

Gerard Bouman.Beeld anp

Hoe is de verhouding tussen de korpsleiding en de top van het ministerie van Veiligheid en Justitie?

'Ik vind dat het al die tijd constructief is geweest. Ik zeg niet dat we het altijd met elkaar eens waren, we hadden soms forse discussies. Maar in essentie is de relatie goed, wat mij betreft.'

Er is veel kritiek op u geweest. Hoe heeft u dat ervaren?

'Als korpschef vind ik dat de politie volstrekt onrecht wordt aangedaan. Het beeld dat het allemaal slecht gaat, verhoudt zich niet tot de realiteit. Als de persoon Gerard Bouman vind ik: die is niet makkelijk te raken.'

Is dat goed of slecht?

'Dat lijkt me goed.'

Je kunt ook denken: Gerard Bouman is ongevoelig voor kritiek, dus hij luistert niet.

'Dat zou je kunnen denken, maar zo is het niet. Maar als iemand niet tegen kritiek kan, dan gaat ie het geen 4,5 jaar volhouden.

Als iemand niet naar kritiek luistert, houdt die het ook niet vol.

'Ik heb het 4,5 jaar volgehouden.'

Onder uw leiding is de reorganisatie mislukt.

'Ik vind het volstrekt misplaatst om over een mislukking te praten.'

Als er een Herijkingsnota van de minister komt, gaat er iets niet goed.

'Er kwam een herijking omdat iedereen zich realiseerde dat er te weinig geld was. We moeten veel meer inleveren waardoor de reorganisatie veel ingewikkelder wordt. Je kunt wel zeggen dat de maakbaarheidsillusie is weggenomen, want zo snel als we dachten, gaat het niet.'

Vindt u dat u iets te verwijten is?

'Ik denk dat wel vaststaat dat wij in die beginfase, maar dan heb je het dus over 2011-12, te positief waren over wat we aankonden. Maar het plan dat we hebben opgeschreven, daar sta ik nog steeds achter. Wat we niet gerealiseerd hebben, zijn de geweldige investeringen die gedaan moesten worden. En de hoeveelheid onderzoeken die we nu naar contra-terrorisme moeten doen. Of de investeringen voor de politie in het vluchtelingenvraagstuk. Dat onttrekt bovendien ook allemaal capaciteit aan de organisatie. En dat het een jaar zou duren voordat we het eens waren over de spelregels voor de personele reorganisatie.'

Is dat waarom veel mensen nog steeds niet weten wat hun functie is of wordt?

'Ja, mede daardoor. Een andere is het landelijk functiegebouw, waarbij we van 12 duizend functieomschrijvingen naar pakweg 92 zijn gegaan. Wij hadden nooit kunnen reorganiseren met die 12 duizend functies.'

Volgens de Inspectie verkeren veel teams qua organisatie, bemensing en huisvesting in opperste staat van verwarring.

'Daar ben ik het niet mee eens. We zitten in de fase dat het op een end loopt en iedereen wil weten waar ie aan toe is. In december krijgen alle 65 duizend werknemers daar een brief over.'

Veel mensen delen die visie van de Inspectie.

'65 duizend mensen worden het nooit eens met elkaar.'

Politiewetenschappers hebben gewaarschuwd dat het te veel, te groot en te snel was.

'Ja, en wat dan nog? Er zijn altijd mensen die er anders over denken.'

Dat zou je kritiek kunnen noemen.

'Dat mag toch?'

Daar was u niet ontvankelijk voor.

'Op de momenten dat we moesten bijsturen hebben we bijgestuurd. Vaststaat dat als je naar het inrichtingsplan kijkt, dat daar weeffouten in zitten. Als je hem nu zou schrijven, dan je hem op onderdelen anders zou maken. Zo'n groot proces, dat moet je blijvend aanpassen. Maar voor verandering sta ik open. Als er een betere oplossing is, dan doen we het anders.'

U vindt niet dat u gefaald heeft?

'Nee. Kijk, een aantal sporen kwam samen. Dat landelijk functiegebouw had niks met de reorganisatie te maken, maar dat liep wel gelijk op. Net als de cao-acties.'

Hoe kijkt u aan tegen de cao-acties van de bonden? De kritiek luidt dat u ze te weinig steunt.

'Met de laatste actie liep ik mee.'

Dus u staat daar volledig achter?

'Ik sta achter een fatsoenlijke cao die recht doet aan een heel moeilijk vak.'

Maar de vraag is of u achter de politieacties staat.

'En dit is mijn antwoord.'

U wilt geen antwoord geven.

'Heb ik geprobeerd de laatste acties te verbieden via de rechter?'

U zou gewoon ja kunnen zeggen.

'Dat zou kunnen, maar dat doe ik niet.'

U zei ooit in een interview met de Volkskrant: ik faal niet.

'Nee. De klus waarvoor ik stond heb ik tot vandaag gemaakt tot waar we nu staan. Ik maak fouten, maar ik heb niet gefaald.'

(tekst gaat verder onder de foto)

Gerard Bouman.Beeld anp

Wat gaat u nu doen?

'Ik stop 1 februari. De minister wil hier 1 januari een opvolger hebben. Tot die tijd ga ik gewoon door. Na 1 februari ga ik even niets doen. Dat heeft er alles mee te maken dat ik in 4,5 jaar geen vakantie heb kunnen afmaken.'

Het was slopend.

'Ja, zonder meer. Er zijn mensen die zeggen: ik maak weken van 80 uur. Dan zeg ik: heb je dat al eens zeven dagen in de week geprobeerd? Dat is hoeveel uren ik maak.'

Met welk gevoel gaat u weg?

'Het was een zware beslissing. Wat ik nu voel, is dat het pijn doet dat ik afscheid neem.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden