Column

Botervette anekdotes over W.F. Hermans

De een onthoudt zus, de ander niks.

W.F. Hermans.Beeld Wikipedia

Ik at een sateetje met Stephan Enter, die ik omwille van de privacy Stephan E. zou kunnen noemen, of Steve Harde Return, zodat het een sleutelcolumn wordt, maar wel een erg melige sleutelcolumn, zeg - Harde Return zal wel denken, dus ik hou het maar gewoon op Enter, de schrijver van Grip en het vooralsnog onvolprezen Compassie.

Welnu, Stephan Enter dus, trakteerde me op een stel botervette anekdotes over gedeelde kennissen die ik, als ik dat zou willen, met een theelepel Dreft uit mijn hersenpan zou kunnen schrobben, maar ik kijk wel uit, ik wil ze juist onthouden, in de hoop ze ooit eens te gebruiken als Enter ze ongemoeid laat, want ze zijn natuurlijk van hem - in die zin heb je weinig aan etentjes met collega's.

Wachten tot Enter de pijp uitgaat, meer kan ik niet doen, en ondertussen slapen in een zuurstoftank.

Het kwam op W.F. Hermans. Mooi was het vuur waarmee Enter opgaf van Het behouden huis, hij was gewoonweg jaloers op de plot, zo volmaakt, waarvan hij de constructie zo krachtig uiteenzette dat de novelle me 's avonds in bed een beetje tegenviel. Zelf bleek ik vrijwel alles vergeten, een schokkende constatering, en ondertussen moest ik vaststellen dat Enter de plot beter had onthouden dan Hermans hem had uitgewerkt.

'Geweldig is', zei Enter, 'dat Hermans die partizaan in bad laat gaan; die kerel betreedt die verlaten villa en gaat in bad. Hij zit naakt in dat bad, en juist dán laat Hermans die Duitse officier binnenkomen. En omdát die vent naakt is, ziet die nazi niet dat hij de vijand is - een vondst, natuurlijk, een prachtige vondst. Dus wat doet die partizaan, die trekt een van de Duitse uniformen aan die in dat huis rondslingeren, waarna hij zich zal moeten redden met het aardige Duits dat hij gelukkig spreekt...'

Slim bedacht, ja. Door Enter. In Het behouden huis meldt die mof zich namelijk pas veel later. Eerst komt de partizaan uit bad, vindt in een kast een gewoon pak, trekt het aan, scheert zich, eet soep, rookt. De deurbel gaat. Hij doet de Duitser open, en zegt dat hij de bewoner van de villa is.

Twee dagen na het sateetje sta ik bij de Kringloop op de Polijsterweg, ik loop er altijd binnen nadat de tandarts me te grazen heeft genomen. Even uitkwijlen bij de tweedehandsboeken.

'Jij lijkt op Tommy Wieringa', zegt een pensionado in een bodywarmer - ik verzin het niet, ze zien me steeds vaker voor Wieringa aan. (Héb ik eigenlijk wel haar, begin ik me af te vragen, of is het een waan?)

'Ik lijk op Buwalda.'

'De thrillerschrijver', zegt hij. Om het allemaal erger te maken begint de bodywarmer de 'geniale plot' te produceren van zijn 'favoriete thriller', een lor van ene... Olsen?

Niet verstaan.

'... en dus dwaalt die parachutist door nazi-Duitsland en springt op een trein, en dat blijkt een hospitaaltrein met gewonde SS'ers te zijn. Dus trekt die vent zijn uniform uit en gaat naakt in zo'n bed liggen. Dat is geniaal. Die arts ziet namelijk niet...'

'Dat hij de vijand is?'

'Precies. Waarna die kerel een...'

'SS-uniform aantrekt?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden