Bos gebruikt te grote woorden voor de kredietcrisis

Wouter Bos beschreef de kredietcris met termen als ‘onverantwoorde risico’s’ en ‘hebzucht’. Dar zijn nogal grote woorden.

Frank Kalshoven

‘De hele crisis betekent de definitieve teloorgang van een systeem dat is gebaseerd op hebzucht, onverantwoorde risico’s en perverse beloningen’, aldus minister van Financiën Wouter Bos. En hij is bepaald niet de enige die grote woorden gebruikt. ‘Implosie van het kapitalisme’, kopte de Volkskrant bijvoorbeeld. Een onsje minder mag ook wel. Juist in roerige tijden is het zaak het hoofd koel te houden.

Wat is er aan de hand? Volgens mij gaat het om drie dingen die weliswaar met elkaar samenhangen, maar toch uit elkaar gehouden moeten worden.

Dalingen

Eén: dalende beurskoersen (wereldwijd) en dalende huizenprijzen (in een aantal landen), in gang gezet na het begin van de huizencrisis in de VS. Dat is – periodiek – business as usual. Zeepbellen spatten nu eenmaal uiteen. Omdat burgers hierdoor hun vermogen zien slinken, consumeren ze minder, wat een rem zet op de economische groei. Bedrijven die gespecialiseerd zijn in het voor eigen rekening en risico beleggen – het rijtje New Yorkse zakenbanken voorop -- gaan failliet of worden voor een appel en een ei overgenomen. De voormalige eigenaren zitten (grotendeels) op de blaren, zoals het hoort.

Liquiditeitsproblemen

Twee: banken hebben liquiditeitsproblemen, vooral omdat ze elkaar nauwelijks geld durven uitlenen. Deze onwil hangt samen met onzekerheid over de waarde van beleggingen waarvan de markten zijn opgedroogd. De banken reageren hierop door steeds hogere rentes te bieden op spaarrekeningen; en door de tarieven voor mensen en bedrijven die geld willen lenen te verhogen, vaak ook nog met strengere eisen. Hun marges lopen op. Ook het afremmen van de kredietverlening doet de economische groei geen goed. De centrale banken helpen een handje met liquiditeitsinjecties. Die helpen tijdelijk, maar lossen het echte probleem niet op.

Als gevolg hiervan betaalt iedereen een hogere prijs voor geld, maar de ‘slachtoffers’ van de kredietrantsoenering zijn vooral mensen en bedrijven die gewoon zijn zeer scherp (met veel geleend geld) te financieren. Durfkapitalisten, hedgefondsen, projectontwikkelaars krijgen hun zaakjes niet meer (makkelijk) geregeld en zitten op de blaren. Risico genomen en verloren -- niets op tegen.

Intussen is het lastige probleem dat banken geen ‘tegenpartij’ hebben om (slechte) effecten mee te verhandelen. Vandaar het plan van de Amerikaanse minister van Financiën Henry Paulson om, via een staatsfonds, als tegenpartij op te gaan treden. Als banken slechte risico’s kunnen verkopen, ontstaat in de bankensector weer liquiditeit en vertrouwen. Dat hoeft de Amerikaanse belastingbetaler trouwens helemaal geen 700 miljard dollar te kosten; als de liquiditeit is hersteld, en er weer prijzen gevormd worden, kan Paulson de effecten terugverkopen aan de banken – misschien zelfs met winst. Ongebruikelijk is zijn actie zeker – maar het is een mooi voorbeeld van een helder hoofd in verwarrende tijden.

Systeemrisico's

Drie: systeemrisico’s. Geld is altijd staatszaak geweest en dat kan ook niet anders. Kleine banken en financiële instellingen mogen failliet gaan maar grote niet. Die vormen een zogeheten ‘systeemrisico’: de val van de ene bank veroorzaakt die van de volgende. Om dat te voorkomen worden grote banken en verzekeraars overeind gehouden, liefst met een tijdige overname door een sterkere bank of verzekeraar en als dat niet lukt door de overheid. Het voorkomen van moral hazard – de winsten zijn voor de private aandeelhouders, de verliezen voor de belastingbetaler – is hierbij geboden.

Omgaan met dalende beurskoersen, liquiditeitsproblemen in de bankensector en het voorkomen van systeemrisico’s – het zijn allemaal nare maar toch bekende vraagstukken, in elk geval voor monetaire autoriteiten. Ja, het is een tikje veel, alles bij elkaar. Ja, het gaat om veel geld. Ja, het is vervelend dat de drie problemen elkaar versterken. Het is ruig weer. Maar wie nu het einde der tijden voorspelt, overdrijft nogal. De economische groei valt terug, dat wel.

Met alle grote woorden over ‘onverantwoorde risico’s’ en ‘hebzucht’ lopen de heethoofden nogal vooruit op een discussie die vooral gevoerd moet worden als het lek boven water is (de liquiditeit in de banksector is hersteld). Beloningssystemen, de structuur van de financiële sector, toezicht, vermogenseisen – natuurlijk moet dat allemaal zorgvuldig onder de loep genomen worden. Voorkomen is beter dan genezen, tenslotte. Grote woorden helpen daarbij niet.

null Beeld

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden