Boos liefdesgedicht in Landgraaf

Tijdens Limburgs literaire festival mag je dichters ook naar het waarom van een woord of een beeld vragen...

LANDGRAAF Je zou het misschien niet direct verwachten, maar Zuid-Limburg heeft een lange traditie van poëziefestivals. Vlak nadat in 1966 in Amsterdam de roemruchte Poëzie in Carré happening plaatsvond, organiseerde Maastricht Rimrammen in de Redoute, vernoemd naar de toenmalige schouwburg. Een naar verluidt stormachtige avond, die later een vervolg kreeg in de nog altijd bestaande Maastricht International Poetry Nights.

Maar ook in Landgraaf luistert men graag naar poëzie. Daar begon uitgever Jo Peters in de jaren negentig met literaire avonden in het plaatselijke raadhuis. Peters overleed in 2001, maar zijn festival is sindsdien alleen maar gegroeid, zeker nu er ook een tweejaarlijkse prijs aan verbonden is voor beginnende dichters.

Deze Jo Peters PoëziePrijs werd afgelopen zaterdag tijdens de Avond van Nieuwe Poëzie in een afgelegen zalencentrum ergens tussen het Pinkpopterrein en het Landgraafse Snowworld uitgereikt aan Edwin Fagel (1973). Fagel debuteerde onlangs bij uitgeverij Nieuw Amsterdam met de bundel Uw afwezigheid. Het juryrapport sprak van een ‘trefzekere toon die subtiele gemoedsbewegingen niet uit de weg gaat’ en van ‘gedurfde helderheid’.

Fagel, naast dichter ook journalist en redacteur, leek nogal verlegen met alle eer. Hij las het titelgedicht uit zijn bundel met gedempte stem voor. Jurylid Marjoleine de Vos vroeg hem vervolgens naar de regels: ‘Ik heb gedroomd dat u/ met doorgesneden keel in mijn armen lag, als een/ gans op de stoeprand ongeveer, maar u was oneindig/ doder.’

De dichter kon zijn keuze voor dit beeld niet echt verklaren, het ging hem om ‘een knik naar achteren, maar ik had ook een ander dier kunnen kiezen’. Het idee om iemand zowel oneindig als dood te verklaren was hem ingegeven door de behoefte om de in de titel genoemde afwezige al schrijvend weer tot een aanwezige te maken, zij het ‘in de wetenschap dat dat een onmogelijkheid is’.

Ook de drie andere genomineerden, Ester Naomi Perquin, Ruth Lasters en Micha Hamel werden geïnterviewd naar aanleiding van het gedicht dat zij voorlazen. Het was een verfrissende vorm, zeker omdat Marjoleine de Vos en collega jurylid Marja Pruis het taboe doorbraken dat stelt dat je de dichters nooit naar het waarom van een beeld of een woord mag vragen.

Het leverde desondanks nogal persoonlijke informatie op, zoals de merkwaardige bekentenis van Perquin dat zij in feite veel langer is dan zij er uitziet of van Lasters die haar gedicht omschreef als ‘een boos liefdesgedicht’, zeker gezien de slotregel ‘Je was als grauwe schimmel door een/ brood.’

Micha Hamel, naast dichter ook een veelgeprezen componist en dirigent, las het gedicht Eindelijk voor uit zijn bundel Luchtwortels die naar eigen zeggen volstaat met ‘doorkakelende monologen en worstachtige kluwen’. Zijn voordracht was opmerkelijk nuchter, wat goed paste bij zijn poging om een godsbewijs te vinden in het feit dat ‘zalm en dille een paar vormen’.

Dat alle genomineerden hun gedicht na het interview nog een keer lazen, was een goed idee. Het publiek kreeg zo nogmaals de kans om zich te verplaatsen in de toch vaak raadselachtige poëzie. Zondag werd het festival afgesloten met een scholierenproject en met optredens van grootheden als Anneke Brassinga en Nachoem Wijnberg.

Peter Swanborn

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden