Bondsrealist en pionier van het polderen

Donderdag overleed Frans Drabbe, oud-secretaris van de FNV. Terwijl Herman Bode de arbeiders mobiliseerde, bewaakte Drabbe de verhoudingen met de sociale partners.

'De vakbeweging moet elke dag laten zien waar ze voor staat. Anders zoeken leden hun heil ergens anders', zei Frans Drabbe in zijn afscheidsinterview van de FNV in de Volkskrant, eind 1985


Frans Drabbe was secretaris en tweede vicevoorzitter van de FNV, maar iedereen kende hem in de jaren zeventig en tachtig als 'de loondeskundige'. Veelvuldig stond zijn naam in de tweede regel van de openingen van de nationale en regionale bladen. Drabbe eist 2,5 procent. Drabbe tegen nieuwe loongolf.


Drabbe, die 22 september op 85-jarige leeftijd overleed, behoorde samen met voorzitter Wim Kok en Herman Bode tot wat toenmalig minister De Koning 'de drie musketiers' noemde. Zij gaven de bond na de fusie van NVV en NKV in 1976 meteen een gezicht. Drabbe was de strateeg naast de intellectueel Wim Kok en Herman Bode, de man van de werkvloer. Op zaterdag zat hij als loondeskundige vaker dan wie dan ook in het veelbeluisterde radioprogramma In de Rooie Haan waar hij zijn visie gaf op de cao's waarover toen altijd wel werd geruzied. 'Als er iemand van ons niet in dat programma zat, was het op maandag een discussiepunt.' Een jaar na de oprichting van de FNV leidde hij de eerste grote actie 'De FNV gaat niet opzij' die meteen een groot succes werd.


Drabbe was een kleine donkere Zeeuw die met een ambachtsschool-diploma begon als leerlingbankwerker bij de scheepswerf De Schelde in Vlissingen. In 1958 werd hij districtsbestuurder van de NVV-bond Algemene Bedrijfs Centrale voor de drie zuidelijke provincies. Hij leidde namens het NVV de cao-onderhandelingen, waarbij niet werd geschroomd looneisen van meer dan 10 procent te stellen. Hij verwierf nationale bekendheid als actieleider bij de bezetting van de met sluiting bedreigde kunststoffabriek Enka in Breda in 1972. Een jaar later werd hij vicevoorzitter van het NVV en nam hij ook zitting in de Sociaal-Economische Raad, het symbool van het toenmalige Nederlandse overlegmilieu.


In 1976 kwam hij als secretaris in het bestuur van de nieuwe vakcentrale FNV. Hij ontwikkelde zich daar tot de realist die inzag dat grote loonstijgingen tot grote stijgingen van de werkloosheid leidden. Hij durfde als eerste FNV'er openlijk de automatische prijscompensatie ter discussie te stellen.


In 1982 was hij de naaste medewerker van Kok bij de totstandkoming van het zogenoemde Akkoord van Wassenaar, waarbij met de VNO afspraken werden gemaakt over loonmatiging. Het zou de basis worden voor het polderen. 'We hadden dat echt niet in ons hoofd. We maakten ons alleen ongerust over de snel stijgende lonen en de stijgende werkloosheid.' Na 1982 werd hij de belangrijkste pleitbezorger voor de 36-urige en later ook 32-urige werkweek.


Drabbe was een vasthoudend onderhandelaar maar had altijd oog voor goede verhoudingen met de sociale partners. Hij hekelde in een interview met de Volkskrant in 1984 het bezuinigingsbeleid van het duo Lubbers en Ruding, maar zei diplomatiek: 'Ze liegen niet, maar ze verzwijgen wel zaken'.


Hij zou tot 1984 SER-lid blijven. Een jaar later ging hij met pensioen. Vlak voor zijn pensionering, op zijn 60ste jaar, had hij een gevaarlijke vaatziekte gekregen waardoor zijn voet dreigde te moeten worden geamputeerd. Hij bleef tot zijn 72ste jaar nog allerlei functies vervullen, zowel voor commissies binnen de FNV als bij de Postbank en de ING.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden