Boeren kunnen zich niet afsluiten voor de toekomst

VEEL boeren zijn het zat. Bureaucratie, regels, ondeskundigheid van mensen die de agrarische praktijk niet kennen. Lastig, ja, dat kunnen we ons voorstellen....

Met dat milieu is het, zoals bekend, niet zo goed gesteld. In een groot deel van de grondwatervoorraad onder de hogere zandgronden ligt het nitraatgehalte boven de normen van Europese Unie en de Wereldgezondheidsorganisatie. In 80 tot 90 procent van Nederlandse oppervlaktewateren is sprake van ernstige vermestingseffecten. Het IJsselmeer en de Friese, Utrechtse, Noord- en Zuidhollandse meren staan 's zomers stijf van de algen. Waterplanten, salamanders en stekelbaarsjes, vissen als baars en snoek zijn in veel wateren verdwenen. Zelfs in een enorme waterplas als de Noordzee zijn de effecten van de vermesting merkbaar.

Een belangrijk deel van de meststoffen is afkomstig van de landbouw. Voor fosfaat praten we over een agrarisch vervuilingsaandeel van ongeveer eenderde tot de helft, voor stikstof is dat zelfs zo'n 70 procent.

De agrarische sector had en heeft een achterstand bij de aanpak van dit probleem, dat kan niemand ontkennen. Dat de totale hoeveelheid fosfaat in het oppervlaktewater ten opzichte van 1985 bijna is gehalveerd, is alleen te danken aan de maatregelen op het gebied van de waterzuivering, aan de maatregelen in de industrie en aan de veranderde samenstelling van wasmiddelen.

Toch moet de resterende hoeveelheid fosfaat nòg eens twee keer worden gehalveerd, om van die kroosvelden en 'groene soep' af te komen. En moet er eindelijk een begin worden gemaakt met het terugdringen van de hoeveelheid stikstof.

Natuurlijk hebben boeren de laatste jaren niet stilgezeten als het om terugdringing van de milieuvervuiling gaat. Tot nu toe heeft dat geresulteerd in vermindering van de ammoniakvervuiling en in een geleidelijke afname van de hoeveelheid op het land gebrachte meststoffen.

Ook al rijdt die trein dus al een aantal jaren, het is wel de bedoeling dat we een keer op de eindhalte aankomen. En die eindhalte heet evenwichtsbemesting. Er mag niet meer mest op het land worden gebracht, dan de gewassen kunnen opnemen. Zover zijn we nog niet. Er komen elk jaar nog zo'n tienduizend hectare fosfaatverzadigde gronden bij.

De boeren zijn net als alle producenten verantwoordelijk voor hun gedrag. Maar ze zijn niet als enige verantwoordelijk. Met name de overheid, de Europese gemeenschap en de agrarische industrie zijn verantwoordelijk geweest voor het opjagen van de produktie en de produktiviteit. Dank zij de investeringen in machines en grondstoffen en uiteraard mede dankzij de ervaring en het vakmanschap van de Nederlandse boer, heeft de Nederlandse landbouw de hoogste opbrengst per hectare en konden de prijzen voor landbouwprodukten laag blijven.

Zéér laag vergeleken met de prijsontwikkelingen voor andere produkten. Onverantwoord laag, als je kijkt naar de keerzijde van de medaille. De produktiviteitsexplosie van de 'gangbare' landbouw leidt tot schade aan milieu en landschap en risico's voor de gezondheid.

De kosten daarvan voor de samenleving lopen nu tegen de 500 miljoen per jaar. Dit komt neer op zo'n tweehonderd gulden per huishouden. Let wel, dit zijn alléén de kosten als gevolg van vermesting.

ALS dat bedrag zou worden besteed aan iets duurdere, schoner geteelde agrarische produkten krijgt de consument veel meer waar voor zijn geld: gezondere produkten en tegelijkertijd schoner water en een aantrekkelijker landschap. Wat ons betreft mogen de milieukosten dan ook in de prijs worden doorberekend.

Indien een oplossing in deze richting wordt gezocht, staan boeren en milieubeschermers aan dezelfde kant. Met een pleidooi dat het nu allemaal wel genoeg is, proberen de boeren zich af te sluiten voor de toekomst.

Maatregelen zijn nodig vóórdat de Duitse consument naast de Westlandse tomaat, ook het Friese bintje, de Drentse fabrieksaardappel en de Goudse kaas laat staan, voordat de Nederlandse consument zich daarbij aansluit en voordat buitenlandse producenten het gat in de markt ontdekken.

Paul Vertegaal

Wim Verhoog

Paul Vertegaal is medewerker van het Waterpakt, waarin samenwerken de Werkgroep Noordzee, de Vereniging tot Behoud van het IJsselmeer en de Vereniging tot Behoud van de Waddenzee.

Wim Verhoog werkt bij de Stichting Reinwater.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden