BoekVeertig gemiste kansen in Leidsche Rijn

Aannemers stuiten bij ieder nieuwbouwproject op de rijkdom aan Romeinse resten in de bodem van Nederland. Een nieuwe atlas brengt die in kaart, maar verzuimt aan de kaak te stellen wat we ermee doen: niets....

Het was een spectaculaire vondst in Leidsche Rijn, de grootste nieuwbouwwijk van Nederland. In de grond, bijna bouwrijp, lag een schip uit de Romeinse tijd. Achttienhonderd jaar oud, vijfentwintig meter lang, en wonderbaarlijk goed geconserveerd. Dat was nog maar de eerste van een lange reeks archeologische vondsten – een weg, een wachttoren, een tweede schip en tal van kleine resten – die de bouw voortdurend zou begeleiden. ‘Dit geeft de wijk gratis een eigen identiteit’, juichte staatssecretaris van Cultuur Medy van der Laan, ‘terwijl andere wijken er vaak jaren over doen voor zij een eigen cultuur ontwikkelen.’

Maar daarop heeft Van der Laan zich flink verkeken. In Leidsche Rijn is vrijwel niets te zien van die Romeinse resten. Dat is in Nederland nog steeds gebruikelijk. Archeologische vondsten worden hooguit opgegraven en gedocumenteerd. Daarna gaat al het bouwen door.

De Limes Atlas doet min of meer verslag van deze situatie. Dit boek is helemaal gewijd aan de limes, de grens van het Romeinse rijk die eeuwenlang dwars door ons gebied liep. Nadat de uitbreiding van dit rijk in het jaar 70 stilviel, groeiden de grensposten uit tot heuse steden. Het moeten boeiende plekken zijn geweest, met een rijke mengeling van culturen. Voor de Lage Landen was het een bloeitijdperk waarin het aantal bewoners groeide van dertigduizend tot circa 150 duizend. Maar het duurde kort: nadat de grens in het jaar 411 werd opgegeven, viel het aantal inwoners terug tot het eerste niveau.

Helaas richt de Limes Atlas zich vooral tot ‘ontwerpers, wetenschappers, bestuurders en projectontwikkelaars’ die worden uitgedaagd ‘over het belang van de Limes na te denken’. Dat is een te voorzichtig uitgangspunt. Het leidt ook tot plechtstatige essays, vaak rijk doorspekt met vakjargon. Al is het tekenwerk wel fascinerend. Met een helderheid als waren het eigentijdse ontwerpen zijn alle Romeinse gebouwtypen in beeld gebracht, net als de infrastructuur en tal van stadsplattegronden. Zo zijn er ook veel mooie kaarten.

Maar wat het belangrijkste is, komt er heel mager af: namelijk suggesties hoe je die Romeinse resten herkenbaar kunt houden. Slechts een paar pagina’s achter in het boek zijn hieraan gewijd. De voorbeelden zijn veelal buitenlands. Neem de muur van Hadrianus. Honderdzeventien kilometer lang loopt die door het landschap van Engeland, en wordt daar zorgvuldig in stand gehouden. Of het Teutoburger Woud, waar niet eens fysieke resten aanwezig zijn. Toch roepen moderne middelen een herinnering op aan de grote veldslag die hier in het jaar 9 tussen Germanen en Romeinen plaatsvond. In Xanten, in het Duitse Rheinland, was de vondst van de fundamenten van de Romeinse nederzetting Talpa zelfs aanleiding om deze gedeeltelijk te herbouwen.

Dergelijke inspirerende projecten hadden veel meer aandacht verdiend. Zeker omdat uit de kleine lettertjes in de Atlas wel valt af te leiden hoeveel Romeinse resten er in Nederland gevonden zijn. Vanaf een openluchtheiligdom in Hoogeloon (1987) en een opslagplaats voor graan in Valkenburg tot tempels, amfitheaters, castella, principia (stadhuizen) en steden, zoals het Forum Hadriani uit het jaar 125, in wat nu Voorburg heet.

Wat deden we er mee? Dat wordt in de Limes Atlas niet vermeld. Wel staat er, in een bijna weggemoffeld stukje, precies hoe het ging in Leidsche Rijn. Al voor hier met het stedenbouwkundig ontwerp was begonnen, hadden archeologen op het belang van dit gebied gewezen. Daarom ook waren er vanaf 1993 proefboringen gedaan waarbij men veertig interessante locaties had ontdekt. Slechts tien daarvan zijn in het stadsplan opgenomen, en in de meeste gevallen alleen gemarkeerd door de aanleg van een park. De officiële verklaring luidde dat die plantsoenen ruimte laten voor toekomstige opgravingen. Een bizarre redenering, die onverlet laat dat er nu niets Romeins is te zien.

Met een culturele identiteit heeft het niets van doen. In Leidsche Rijn is juist een kans gemist – wel veertig kansen. Precies zo miste de Limes Atlas de kans om het Nederlandse gebrek aan historisch besef te laten zien – helder, strijdbaar, onomwonden.

Hilde de Haan

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden