Boeken lezen

'Wie een taal spreekt die zijn moedertaal niet is, wordt naar beneden gedrukt, onherroepelijk.' W. F. Hermans...

Kader Abdolah

Met een Perzische schrijver uit het vaderland die tijdens de boekenweek een lezing in Amsterdam houdt, zat ik in een café aan de gracht en hij was benieuwd naar mijn ervaring met de Nederlandse taal.

Toen ik serieus aan het vertellen was, zag ik dat hij glimlachte.

'Wat is er?'

'Niets ga maar door.'

Achteraf besefte ik dat ik niet echt Perzisch praatte, ik vertaalde mijn Nederlandse gedachten in de Perzische taal zodat het grappig in zijn oren klonk.

Ik dacht altijd dat ik één van de weinigen was die zijn moedertaal zuiver gehouden had. Eenmaal thuis pakte ik meteen Sandbadnamé, een boek uit de oude vaderlandse literatuur, om mijn contact weer levend te maken. Het is te vergelijken met de vertellingen van duizend-en-één-nacht van Sharzad.

Hier een samenvatting van een hekajat uit het boek:

Er leefde eens een boer die gelovig en godvrezend was, maar zijn vrouw was wellustig. Op een dag gaf die boer haar een muntje om rijst te gaan halen en ze ging naar de kruidenier op de bazaar. Ze gaf hem het muntje en zei verleidelijk: 'Geef me rijst voor dit bedrag.'

De man wist meteen wat voor vrouw zij was. Hij woog de rijst, deed het in haar tas en zei: 'Gatoen, mevrouw, ik werd gevangen door je schoonheid en verloor mijn hart. Loop mee naar mijn berging dan geef ik je wat suiker.'

Ze zei: 'Voor je suiker heb ik geen geld.'

'Jouw lippen gelden voor mij als suiker, je hoeft verder niets te betalen', zei de kruidenier.

'Je hebt zo veel suiker, waar heb je mijn lippen dan nog voor nodig?'

'Wat heb ik aan die suiker', zei de kruidenier, 'maar aan jouw lippen zuig ik eeuwig leven.'

De vrouw liep naar zijn berging en ging liggen in het donker en de kruidenier sliep met haar.

De knecht die de kruidenier pas geleden had aangenomen was ondeugend. Toen hij zag dat ze druk bezig waren, maakte hij de tas van de vrouw open, pakte de rijst, deed er wat aarde voor in de plaats en verdween.

Zodra ze klaar waren, pakte de vrouw haar tas en snelde meteen naar buiten.

Eenmaal thuis zette ze haar tas voor haar man neer: 'Hier, de rijst.'

De man keek in de tas en zei verbaasd: 'Vrouw, ik zie geen rijst, alleen maar aarde.'

Zodra de vrouw de aarde zag, wist ze meteen waar die vandaan kwam. Ze snelde naar de schuur, haalde een zeef, deed de aarde er in en begon te zeven.

'Vrouw, wat ben je aan het doen?' vroeg haar man.

'Mijn goede man, ik heb net ernstige ongeluk in de bazaar overleefd. Een wilde, dolle kameel sloeg me hard op mijn rug. Ik viel en verloor het muntje. Volgens mij omdat jij zo gelovig en godvrezend bent, spaarde god mij voor jou. Anders had die kameel me plat gereden. Hoe lang ik daar ook naar het muntje zocht, ik kon het niet vinden. De bazaar was druk daarom deed ik die aarde in mijn tas en ik denk dat het muntje er in moet zitten, daarom zeef ik.'

Tranen sprongen in zijn ogen: 'Lieve vrouw, laat die zeef maar. Hier een nieuw muntje. Ga maar rijst halen en wees heel voorzichtig.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden