Boeiende (en beetje beleefde) bossanova's

muziek


Vinicius Cantuaria & Bill Frisell


Liedjes van Vinicius Cantuaria speel je zachtjes strelend - adembenemend, maar soms raak je ook een beetje kriegel.

Amsterdam - Arme Marivaldo Dos Santos. De percussionist sjouwt zijn immense instrumentarium heel Europa door, maar het zit er woensdag, in het Amsterdamse Bimhuis, niet in om er lekker op loos te gaan. De grote bassdrum die hij achter zich heeft opgesteld blijft de hele avond onbespeeld. Zachtmoedige strelingen van bekkens en het voorzichtig beroeren van andere klankopwekkers volstaan vanavond.


De bossanova's van gitarist/componist/zanger Vinicius Cantuaria gedijen immers het best in een zo zacht mogelijke begeleiding; het zijn hooguit de schurende noten van de tweede gitarist deze avond, Bill Frisell, die voor enige dynamiek zorgen.


Maar erg veel ruimte neemt Frisell, naast Marc Ribot een van de meest productieve New Yorkse gitaristen van de laatste decennia niet. Ook in het Bimhuis staat zijn dromerige spel volledig in dienst van de zachtmoedige gespeelde liedjes van Cantuaria - áls hij met zijn pedaal een enkele keer een noot elektronisch vervormt is het echt even schrikken. Het lijkt wel alsof de drie muzikanten hebben afgesproken zo zacht mogelijk te spelen.


Maar het werkt. De omfloerste zang van Cantuaria is fluisterzacht maar mooi, net als zijn gitaarspel. Hij tekent met fijne penseelstreken de melodielijnen die door Frisell van ornament worden voorzien. Hun blikken blijven twee sets lang geconcentreerd op elkaar gericht, want de samenwerking moet nog even groeien.


Ze hebben immers sporadisch al op elkaars platen gespeeld maar pas eind deze maand verschijnt het eerste album van hen samen, Lacrimas Mexicanas (Mexicaanse tranen). Dat belooft een mooie melancholieke plaat te worden, ervan uitgaande dat het gros van de gespeelde nummers ervan afkomstig is.


Erg duidelijk waren beide heren niet, sterker nog, los van een plichtmatig voorstellen kon er geen woordje vanaf, terwijl het publiek zeer aandachtig luisterde. Die haast autistische presentatie doet toch een beetje afbreuk aan het bij vlagen adembenemende optreden. Als Cantuaria en Frisell elkaar vinden ontstaat er vaak echt iets moois, al hoop je na ergens halverwege de tweede set dat Frisell ontspoort. Van zoveel voorzichtigheid raak je op den duur namelijk ook een beetje kriegel. Maar Frisell blijft keurig in het gareel zoals Cantuaria, de onbetwiste leider in het trio, dat graag ziet.


Even permitteert Frisell zich een grapje door een paar noten Beatles te spelen. Het lijkt ook in dit Here Comes the Sun alsof de snaren niet door vingers maar door een zacht lentebriesje worden beroerd.


Vinicius Cantuaria en Bill Frisell, Bimhuis Amsterdam, 5/1.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden