Blowers stichten in Amsterdam hun 'vredeshuis'

De Noorse ambassadeur keek vreemd op toen hij de nominatie in handen kreeg. Ben Dronkers, koffieshop-eigenaar en oprichter van het Hasj en Marihuana Museum, als kandidaat voor de Nobelprijs voor de Vrede?...

MARK VAN DRIEL

Frans Bronkhorst lacht. Hij overhandigde de nominatie van Dronkers enkele maanden geleden aan de ambassadeur. Met zijn tweelingbroer Adriaan wist hij honderd handtekeningen van ministers, parlementariërs en hoogleraren te vergaren; het vereiste aantal voor een voordracht bij het Nobelcomité. Uit Oslo (de vredesprijs wordt niet in Zweden maar in Noorwegen uitgereikt) kregen ze een keurig bevestigingsbriefje. Veel kans heeft Dronkers niet, dat geeft Frans Bronkhorst toe. Maar de Nobelprijskandidatuur is de eerste stap in het masterplan van het Drugs Peace House. Wereldwijde legalisering van soft drugs is het einddoel.

De gebroeders Bronkhorst zijn de drijvende krachten achter het Drugs Peace House. Sinds vorig jaar proberen ze vanuit een voormalig theatergebouw in de Amsterdamse Spuistraat de 'ideologische tegenhanger van de Amerikaanse War on Drugs' te zijn. Ze prediken de geneeskundige effecten van marihuanagebruik, komen op voor drugsgebruikers die achter de tralies zijn beland en proberen de cocaboeren in het Zuid-Amerikaanse Andesgebergte te steunen.

Vooral het lot van de cocaboeren gaat Bronkhorst aan het hart. Hij trok jaren geleden naar Peru, nadat hij in Canada 'een beetje last met cocaïne' had gekregen. Hij besloot de bron van het goedje op te zoeken en ondekte dat het cocablad in Peru tot het 'nationale erfgoed' behoort. 'Cocabladeren hebben de indianen eeuwen de kracht gegeven om te overleven. Amerika wil de plant uitroeien, maar daarmee gaat de hele indianencultuur ten gronde.'

Tien jaar woonde Bronkhorst in Peru. Hij leefde van het bouwen van back-gammonspelen. Een burgeroorlog maakte een einde aan het idyllische bestaan. Hij ging naar Brazilië, waar hij zich aan de universiteit inschreef om de 'religieuze oorsprong van drugsgebruik' te bestuderen. Specialisatie: Indianen en cocaplanten.

Op een van zijn studiereizen door het tropisch regenwoud maakte Bronkhorst kennis met ayahuasca, een drankje dat uit lianen is bereid. Na een paar slokken vielen 'de schellen hem van de ogen'. Plotseling doorzag hij het leven. Letterlijk. Hij keek dwars door bladeren heen, dieren werden transparant: alleen stenen weerstonden zijn penetrerende blik. 'Maar ik heb sjamanen meegemaakt die dwars door stenen heen keken.' Op een nacht, terwijl hij onder een boom lag, openbaarde het universum zich. 'Ik keek dwars door hemel. Ik zag miljoenen sterren en tussen die sterren hingen allemaal draden. Het was alsof ze met slingers verbonden waren en samen een geheel vormden.'

Hij besefte dat hij iets met zijn kennis moest doen. Het drugsgebruik uit het internationale verdomhoekje halen, dat werd zijn missie. Korte tijd later was het Drugs Peace House geboren.

De boodschap van het vredeshuis wil echter nog niet aanslaan. Zelfs niet in eigen kring. De bezoekers van de relaxruimtes en de boekhandel wijden zich niet vol overgave aan het debat. Ze zingen liever onder het blowen. En de vrijwilligers die de boel draaiende houden, tonen evenmin veel belangstelling voor discussie. Ze verdienen liever een centje bij met de softdrugshandel.

Bronkhorst heeft nog een lange weg te gaan en dat beseft hij: 'Gebruikers hebben niet de behoefte zich politiek te manifesteren. De politiek is echter wel benieuwd naar de gebruikers. Dat gat proberen wij te dichten. Het mag best een beetje moeite kosten, want wij strijden voor de goede zaak.'

De winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede wordt in oktober bekend gemaakt.

Mark van Driel

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden