Bloedzakken voor Rabo's kopmannen

Minimaal twaalf bloedzakken bezorgde Stefan Matschiner de kopmannen van Rabobank in drie jaar Tour de France. Het leidt bijna tot de eindzege van Michael Rasmussen.

Wielrenner Michael Rasmussen in het hokje van de dopingcontrole Beeld ANP
Wielrenner Michael Rasmussen in het hokje van de dopingcontroleBeeld ANP

2005: vier bloedzakken, twee renners. Twee afgeleverd door een vriend van mij, twee door mijzelf.

2006: drie bloedzakken, twee renners. Allemaal door mij persoonlijk aan de renners afgeleverd.

2007: vijf bloedzakken, twee renners. Allemaal door mij persoonlijk aan de renners afgeleverd.

Stefan Matschiner heeft per mail de rekening opgemaakt van drie jaar Tour de France voor de wielerploeg van Rabobank. Totale kosten: gemiddeld zo'n 1.000 euro per bloedzak plus de gemaakte reiskosten. Totale opbrengst: zeker 4 ritzeges, 9 dagen gele trui en twee keer de bolletjestrui voor beste klimmer. Een koopje.

'Het is tijd om te stoppen met liegen', zegt Matschiner, in de jaren 2005-2007 de vaste dopingleverancier van de toprenners bij de Nederlandse wielerploeg. 'Het is tijd voor een nieuw begin.'

Stefan Matschiner Beeld ANP
Stefan MatschinerBeeld ANP

Spelen 2004
Het begint allemaal bij de Olympische Spelen van 2004. Tegenover elkaar zitten Michael Boogerd en Simon Vroemen, ze behoren tot de elf ambassadeurs van het Nederlands olympisch team. Het gesprek tussen de bekendste wielrenner van Nederland en een atleet die tot de wereldtop op de steeplechase behoort, komt op Humanplasma, een bloedbank in Oostenrijk die dan als het dopingwalhalla voor vele topatleten geldt.

Vroemens manager is Stefan Matschiner, een Oostenrijker met een atletiekverleden, net als hij. Via zijn contacten in de wintersport heeft Matschiner het bestaan van Humanplasma leren kennen. Vroemen is de eerste Nederlander die toegang krijgt tot het gebouw aan de Alserbachstrasse 18 in Wenen. Daar laten sporters in het grootste geheim hun bloed afnemen en bewaren, om er later tijdens wedstrijden van te profiteren.

Boogerd hoort het verhaal van zijn Nederlandse gespreksgenoot geïnteresseerd aan. In de Rabobankploeg waarvoor hij fietst, is onvrede ontstaan over de prestaties in de Tour de France van dat jaar. De renners bleven in 2004, net als in 2003, verstoken van een ritzege. De bank vindt de negende plaats van Levi Leipheimer in het klassement niet genoeg.

Michael Boogerd op de finish van zijn klimtijdrit naar L'Alpe d'Huez. Armstrong was de snelste. Boogerd was de beste Nederlander, met een 67ste plaats Beeld ANP
Michael Boogerd op de finish van zijn klimtijdrit naar L'Alpe d'Huez. Armstrong was de snelste. Boogerd was de beste Nederlander, met een 67ste plaatsBeeld ANP

Podium in de Tour
In 2002 en 2003 heeft de sponsor bij monde van directeur Smits en opvolger Heemskerk zijn nieuwe ambities van de daken geschreeuwd: het podium in de Tour. Het toenmalige management vindt het plan onrealistisch. Manager Jan Raas stapt onverwachts op.

Renners ervaren de druk van die veeleisende doelstellingen. Leipheimer heeft het gevoel dat hij niet meer aan de verwachtingen kan voldoen. De ploegleiding laat te zeer haar oren hangen naar het oordeel van de media, vindt hij. Leipheimer vertrekt naar het Duitse Gerolsteiner.

Op de achtergrond spelen andere motieven. Het gebruik van epo bij Rabobank, iets dat Leipheimer vorig jaar toegaf, is niet genoeg meer om met de allerbesten mee te doen. 'Je had bloedtransfusies nodig', zegt een voormalige renner van de ploeg. 'Ze wisten bij Rabobank dat, als ze hogerop wilden, er twee dingen nodig waren: de juiste renners en het juiste systeem.'

Volgende stap
Het is, kortom, tijd voor de volgende stap. Ploegarts Geert Leinders besluit zijn licht op te steken buiten Nederland en zijn vaderland België. Hij is op zoek naar een veilige plek om bloed van zijn renners te laten afnemen en het te laten bewaren. In Madrid is dopingarts Eufemiano Fuentes dan al begonnen toprenners op een vergelijkbare manier te behandelen.

Leinders kan terecht in de buurt van het Zwitserse Montreux en ook ergens in Duitsland, zo vertellen ingewijden. Maar de ploegarts komt, dankzij het gesprek tussen Boogerd en Vroemen in Athene, zijn gedroomde plek op het spoor.

Het duurt niet lang voordat Leinders en Boogerd hun eerste bezoek aan Wenen afleggen. In november 2004 regelt én betaalt het reisbureau van de Raboploeg het vliegticket van Leinders en waarschijnlijk ook van Boogerd, blijkt uit onderzoek van de Volkskrant.

Geld voor dopingdoeleinden
Daarmee wordt geld van de bank direct aangewend voor dopingdoeleinden. Leinders betaalde als lid van de directie van de ploeg nooit zijn eigen vliegtickets. 'Het secretariaat regelde dit altijd', zegt voormalig ploegdirecteur Henri van der Aat. Ook de renners die de Volkskrant sprak, zeggen nooit een cent aan reiskosten te hebben betaald.

Stefan Matschiner bevestigt het bezoek van Leinders aan de bloedbank: 'Hij is er een keer geweest om te zien hoe de procedure in zijn werk ging. Dat hebben de dokter daar (van Humanplasma) en anderen me verteld. Ik heb hem daar nooit in persoon ontmoet.'

Leinders is enthousiast over de mogelijkheden die Humanplasma biedt. Hij adviseert renners contact te zoeken met Boogerd. Die speelt vervolgens het nummer van Matschiner aan hen door. Zo krijgt de dopinghandelaar er nog eens drie klanten van de Rabobank bij: Denis Mentsjov, Michael Rasmussen en Thomas Dekker.

Van de vier is Dekker de enige die de bloedbank nooit bezoekt. Hij ondergaat alleen transfusies bij Matschiner thuis, als Humanplasma na de Winterspelen in 2006 wordt opgerold. Hetzelfde doet Dekker bij de Spaanse dopingarts Eufemiano Fuentes, tot ook diens netwerk in mei van dat jaar wordt blootgelegd.

Voormalig ploegart Geert Leinders Beeld ANP
Voormalig ploegart Geert LeindersBeeld ANP

Raboploegleiding is op de hoogte
De Raboploegleiding is volgens Matschiner op de hoogte van de praktijken. De renners betalen de doping. Zaken met de teamleiding heeft Matschiner naar eigen zeggen nooit gedaan, behalve toen hij ploegarts Leinders in 2005 een bloedzak overhandigde.

'Ik heb Dekker, Rasmussen en Boogerd een rekening gestuurd', zegt hij. Dat het bij Dekker en Rasmussen om doping ging, daarover is hij duidelijk: na hun dopingbekentenis voelt hij geen reserves meer om hen te beschermen. Over Boogerd zegt hij: 'Ik wil dat hij zelf naar voren stapt. Hij moet ophouden met liegen.'

De gang naar Humanplasma is de laatste trede van de ladder naar de top die de Raborenners voor zichzelf hebben gebouwd. Met bloedzakken heb je geen epo meer nodig, is de opvatting. Al in 1976 laat Joop Zoetemelk een zak met eigen bloed in zijn aderen leeglopen. Mede door de opkomst van epo, in de jaren negentig, boet die methode aan populariteit in.

Vanaf 2000 gebeurt met epo juist het tegenovergestelde. Als bij de Olympische Spelen een test op het middel beschikbaar wordt, is de angst om ontmaskerd te worden gestegen. Dus heroveren de bloedtransfusies terrein, ook in het belangrijkste wielerevenement van het jaar. Het inbrengen van eigen bloed valt niet op bij de dopingcontroleurs.

Rabobank wielrenners Thomas Dekker (L) en Michael Boogerd voor de start van het Nederlands kampioenschap 2007 Beeld ANP
Rabobank wielrenners Thomas Dekker (L) en Michael Boogerd voor de start van het Nederlands kampioenschap 2007Beeld ANP

Tour de France
Het is een komen en gaan van artsen, koeriers en andere bekenden in de Tour de France. In de US Postalploeg van Lance Armstrong vinden transfusies plaats, dopingarts Fuentes bedient op dezelfde wijze renners als Ivan Basso, Jan Ullrich en Jörg Jaksche.

Rabobank vertrouwt op de diensten van Matschiner. Hij zal naar eigen zeggen de daaropvolgende jaren ook nog opduiken bij de Amstel Gold Race, het WK en de Giro d'Italia, maar maakt in de Tour voor het eerst zijn opwachting in 2005. Vier bloedzakken voor twee Rabobankrenners komt hij afleveren, laat de Oostenrijker per mail weten. 'Twee zakken leverde een vriend van mij af, de andere twee bracht ik zelf.'

Ook Rasmussen ontvangt die Tour een bloedzak. Het is bloed dat hij niet in Oostenrijk, maar elders heeft laten aftappen. Wel rekenen zijn ploeggenoten Boogerd en Mentsjov op bezoek van Matschiner.

Als die na de zevende etappe Rabodokter Leinders ontmoet bij het hotel van de ploeg in Karslruhe, heeft de Oostenrijker twee bloedzakken bij zich. Maar Mentsjov is niet tot een transfusie in staat: hij is ziek geworden. Het toevoegen van extra, eigen bloed zou leiden tot een hematocriet van boven de 50, hetgeen opvalt bij een dopingcontrole. Wel betaalt Leinders voor de ongebruikte zak bloed. Matschiner: 'Ik heb dat ding weggegooid in Italië, op weg naar huis.'

Dat er bij Rabobank wordt gewacht met bloedtransfusies totdat Duitsland is bereikt, is geen toeval. De ploegleiding wil geen risico nemen en durft zulke handelingen niet aan op Frans grondgebied. De reputatie van de Franse agenten is gevreesd, zeker als doping in het spel is.

Veilig
In Karlsruhe waant het team zich veilig. Het is Leinders die het bloed bij Boogerd, Mentsjov en Rasmussen inbrengt. Dat gebeurt altijd in het hotel van de ploeg en onafhankelijk van elkaar. Twee dagen later wint Rasmussen de heuvelachtige etappe naar Mulhouse. Hij toont zich in de ronde ook de beste klimmer.

Een jaar later wordt de weg voor Matschiner bij Rabobank definitief vrijgemaakt. De ploegleiding is tevreden over het experiment in 2005 en gooit haar laatste schroom overboord. De Oostenrijker mag renners op hun kamers bezoeken, want de ploegartsen willen hun vingers niet meer aan de transfusies branden. Matschiner bevestigt dit.

Ook durft Rabobank de bloedtransfusies vanaf 2006 ook op Franse bodem aan. De frequentie ervan wordt bovendien opgevoerd: Rasmussen laat niet één, maar twee bloedzakken in zijn aderen stromen, waarvan een voor de start van de ronde. De andere Raborenner die Matschiner bedient, is zo goed als zeker Michael Boogerd. 'Ik had drie bloedzakken bij me, voor twee Raborenners. Ik heb ze rechtstreeks bij de renners bezorgd', wil Matschiner er slechts over kwijt.

Ook in de Tour van 2007 krijgen twee Raborenners vers bloed van Matschiner. Boogerd krijgt één zak. Bij Rasmussen sorteren drie transfusies (een voor, twee tijdens de ronde) en een dosis dynepo een groot effect: de Deen overvleugelt Rabokopman Mentsjov en is vervolgens een klasse apart, net als de Spanjaard Alberto Contador. Eensgezind en vol overtuiging verdedigt hij met zijn steunpilaren de gele trui. Elf jaar na de oprichting is Rabobank eindelijk de beste wielerploeg ter wereld geworden.

Architecten van Rabosucces
Matschiner ziet het gebeuren. In zijn maatpak en huurauto is hij een van de medearchitecten van het Rabosucces geworden. Hij regelt niet alleen bloedtransfusies voor sporters. Hij verkoopt ook dynepo, groeihormonen en designersteroïden. Dynepo is niet op te sporen. Pas in 2008 testen de eerste atleten positief op de epo-afgeleide.

Angst om betrapt te worden is er in 2007 nog lang niet. Dekker en Rasmussen gebruiken dynepo tijdens de Tour de France, zoals ook uit hun recente bekentenissen duidelijk is geworden. Rasmussen bestelt het bij Matschiner, Dekker kiest voor een andere 'bron', zo vertelde hij vorige maand in de NRC. Ook Boogerd neemt in die ronde, bovenop zijn bloedzak, dynepo die hij via Matschiner krijgt geleverd.

Jan Ullricht (r) feliciteert Lance Armstrong met zijn zesde Tourzege (2004) Beeld EPA
Jan Ullricht (r) feliciteert Lance Armstrong met zijn zesde Tourzege (2004)Beeld EPA
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden