Blijven aankloppen, elke dag weer

Veel ernstige psychiatrische patiënten zitten niet in inrichtingen, maar worden thuis behandeld. Daarbij is sprake van een wankel evenwicht, dat dreigt te worden verstoord door de eigen bijdrage die ze moeten gaan betalen.

'Hoe is het met Roeland?', vraagt psychiater Cathrien Hoff. 'Die is schreeuwend op straat aangetroffen in alleen een overjas', zegt een verpleegkundige.


'En Orlando? Hoe gaat het met hem?', zegt de psychiater.


'Die is zomaar in elkaar geslagen door een buurman. Hij aaide een katje en toen kreeg hij klappen. We gaan ervan uit dat het waar is.'


'Gerard?'


'Hij beweert bij hoog en bij laag dat hij nu écht goed gaat op crack en coke. Hij gebruikt lang niet zo veel meer als voor zijn opname. Hij is ongelooflijk geschrokken toen hij hoorde dat hij binnen afzienbare tijd blind zou kunnen worden.'


Het is half negen 's ochtends in Alkmaar. Welkom bij de ochtendbespreking van het FACT-team van de psychiatrische instelling Noord-Holland-Noord. De psychiater en de verpleegkundigen zitten achter hun plastic bekertjes met koffie. Ze slaan hun agenda's open en kijken naar 'het bord', een scherm met namen, pillen en diagnoses.


In totaal behandelen ze zo'n 180 ernstig psychiatrische patiënten, maar die staan niet allemaal op het bord. Om op het bord te komen, moet het niet goed met je gaan. En dat is nog zacht uitgedrukt voor de veertig patiënten die in het komende uur worden besproken.


'Pieter?'


'Ik ga er vandaag langs', zegt sociaal-psychiatrisch verpleegkundige Joris Hanraads.


'Hij is flink psychotisch', zegt de psychiater. 'Hij zit alleen maar op zijn kamer en doet weinig. We hebben hem nu eindelijk zo ver dat Joris één keer in de week mag langskomen. Op zich mooi, maar hij wil nog steeds geen pillen. Gezien zijn toestand is dat nu echt het allerbelangrijkst. Dus daar moeten we nu echt op inzetten.'


Het bijzondere is: vrijwel al deze patiënten wonen thuis in plaats van in de kliniek. Alleen als het echt niet meer gaat, worden ze opgenomen op de crisisafdeling.


Het team werkt volgens een methode die FACT wordt genoemd, Functie Assertive Community Treatment. Deze intensieve thuisbehandelingen voor zware psychiatrische patiënten werden in 2002 geïntroduceerd en verspreiden zich de laatste jaren als een olievlek over Nederland. Ook minister Schippers van VWS wil dat er meer op deze manier wordt gewerkt. Inmiddels zijn er 130 FACT-teams actief.


De methode betekent boven op de patiënt zitten. Vrijwel elke patiënt wordt één of meerdere keren per week bezocht. Er wordt contact onderhouden met familie, buren, politie. Als het uit de hand dreigt te lopen, wordt iedereen ingeschakeld. Als het beter gaat, worden ze vooral niet losgelaten. Ze verdwijnen van het bord, maar niet uit het zicht. Als het nodig is, komen er ze er weer op.


De meeste patiënten van het FACT-team in Alkmaar lijden aan schizofrenie en psychoses: 70 procent. Velen zijn verslaafd. Zo'n 20 procent is manisch-depressief, 10 procent heeft een persoonlijkheidsstoornis.


Het zijn moeilijke klanten, zoveel is duidelijk. Hun behandeling is een wankel evenwicht. Telkens moeten ze worden verleid om medicijnen te slikken, in behandeling te blijven. Zelf vinden ze vaak dat ze helemaal niet ziek zijn. Of ze hebben gewoon geen zin in bemoeienis.


Maar de teams blijven aankloppen. Elke dag weer. Net zo lang tot er vertrouwen is.


Maar sinds een paar maanden maakt psychiater Cathrien Hoff zich nog grotere zorgen om hen dan ze normaal al doet. Reden: de eigen bijdrage.


Psychiatrische patiënten moeten vanaf 2012 jaarlijks 200 euro per jaar zelf gaan betalen aan hun behandeling. Minister Schippers van VWS wil zo bezuinigen op de geestelijke gezondheidszorg, waar de kosten stijgen en waar ook patiënten met burn-out en depressies worden behandeld. Het bedrag komt boven op het eigen risico van de ziektekostenverzekering.


Op het eerste gezicht lijken de bedragen misschien niet eens zo hoog. Maar voor wie twee dagen meeloopt met deze zwaarste groep patiënten in de psychiatrie, wordt al snel één ding helder: voor deze categorie patiënten zijn deze bedragen wel hoog. Althans, als ze al begrijpen waar het over gaat. Geschat wordt dat er 160 duizend ernstige psychiatrische patiënten zijn.


'Mijn beste patiënten klagen over deze bijdrage', zegt verpleegkundige Joris Hanraads. 'Mijn slechtste patiënten hoor ik er niet eens over.'


Het is simpel, zegt psychiater Hoff. 'Als je denkt dat je niet ziek bent, dan ga je toch geen eigen bijdrage betalen?'


'Jaaaa..., die bijdrage', zegt Francine vaag.


Stilte.


Ze is een van de patiënten die Hanraads vandaag bezoekt. Per week heeft ze naar schatting 40 euro te besteden. Zojuist heeft ze koffie gebracht, zo sterk dat Hanraads er de vorige keer misselijk van werd. Buiten is het 25 graden, maar in Francines huiskamer staat een volledig opgetuigde kerstboom te stralen - al twee jaar lang.


Eten doet ze nauwelijks. Ze weegt nog 46 kilo. Ze is chronisch psychotisch, al meer dan dertig jaar. Op slechte momenten gaat ze wekenlang op bed liggen en vergeet ze te eten en te drinken. Afgelopen winter woog ze nog maar 38 kilo. Soms gilt ze 's nachts urenlang omdat ze zo bang is.


'Deze vrouw', zegt Hanraads, 'wordt niet meer beter. Ik zie haar nu drie keer in de week. Ze is totaal vereenzaamd. We praten vaak over gewone dingen. We moeten haar in het hier en nu houden, anders glijdt ze langzaam weg in de psychose. Dan komt ze er niet meer uit.'


Toch heeft Francine daar zelf andere ideeën over. 'Ik denk dat ik er wel aan toe ben om de hulp af te bouwen als die eigen bijdrage er komt', zegt ze. Haar scherpe blauwe ogen zijn wijd opengesperd, met pupillen zo klein als speldeknopjes.


Ggz Noord-Holland-Noord was de eerste instelling die begon met FACT. Het gevolg: het aantal crisisopnames daalt. In de regio zijn nu al 36 procent minder psychiatrische bedden dan in de rest van Nederland.


'Jaren geleden lagen deze patiënten allemaal in de goot', zegt psychiater Ronnet Kwant die middag tijdens een patiëntenbespreking. 'Al die overlast, de drugsverslaafden, de zwervers - dat is langzaam uit het straatbeeld verdwenen.' De meesten zitten nu in pensions, maar niet zelfstandig. Ze blijven in contact met de FACT-teams.


'Maar als je deze mensen een eigen bijdrage gaat vragen, zijn wij ze zo weer kwijt', zegt Kwant. 'Dan zijn we terug bij af. Het duurt misschien een tijdje, maar uiteindelijk komt die overlast dan terug.' Ze schat dat ze 40 procent van hun patiënten kwijtraken door de maatregel.


'Weet je', zegt Kwant, 'ik denk dat gewone burgers zich er geen voorstelling van kunnen maken hoe ziek deze mensen zijn.'


Een paar dagen later, Utrecht. Teammanager Harry Gras van het forensisch ACT-team van ggz Altrecht trekt geroutineerd zijn latex handschoenen aan. Het is weer zover. Het huis van patiënt Bert zit onder de poep. In slechts een paar dagen tijd heeft hij zijn vloer, zijn matras, zijn stoelen en zijn muur ondergesmeerd. Om over zijn wc nog maar te zwijgen.


Patiënt Bert wordt in de wandelgangen de komkommerman genoemd - naar de manier waarop hij zijn materiaal verwerft. 'Iets met zijn sluitspieren', heeft de verpleegkundige die ochtend besmuikt gemompeld.


Grijnzend neemt Bert, een man van in de 50, plaats op een stoel.


'Heb je gedronken?', vraagt de collega van Gras.


'Hmmm', zegt Bert. 'Wat een leuk yoghurtpakje heb je aan.'


'Hoeveel heb je vanochtend geblowd?'


'Anderhalf.' Bert draait met zijn ogen en kijkt gelukzalig. 'Met twee spaties heb je veel spreektijd', zegt hij dan.


'Ik schrik van je huis', zegt Gras vanachter het aanrecht. 'Het valt me echt tegen dat het er zo uitziet.' Hij doet de afwas en zoekt vergeefs naar een theedoek. Bert komt overeind uit zijn stoel en wijst vaag naar een kast. 'Je hebt boerenbloed', zegt hij tegen Gras, 'boeren werken hard.'


'Wat vind jij nou van de eigen bijdrage die je straks moet gaan betalen?', vraagt Gras.


'BenBits aan de klepel', zegt Bert. 'De kikker zegt kwark.'


Of patiënt Bert in staat of bereid zal zijn de eigen bijdrage te betalen, het blijft een raadsel. Duidelijk is wel hoe ziek hij is, en dat hij nooit uit zichzelf om zorg zou vragen. Met dat vraagstuk is hij nou niet bepaald bezig. Hij is schizofreen, psychotisch. In de kliniek was hij onhoudbaar.


Gras haalt ogenschijnlijk ontspannen de schimmel uit de pannen, maar hij is gespitst op elk signaal. De stemming kan zomaar ineens omslaan.


'Hij heeft ooit twee verpleegkundigen het ziekenhuis in geslagen', vertelt hij later. 'Hij is bovenop hen gaan zitten en toen tekeergegaan. Ze moesten hem er echt afhalen. Die verpleegkundigen hebben er allebei een posttraumatische stress stoornis aan overgehouden.'


Toch is Bert een kwetsbare man. 'Mensen maken regelmatig misbruik van hem. Als hij wat geld heeft, troggelen ze het van hem af. Onze klanten zijn net zo vaak dader als slachtoffer. Vroeger zat hij op het gymnasium, maar dat liep mis. Hij ziet allerlei rare beelden, die hij aan het nieuws koppelt. De tv staat dag en nacht aan. Hij drinkt veel. Alle incidenten gebeuren onder invloed van alcohol.'


Het team van Harry Gras doet sinds 2008 aan forensische ACT. Al hun klanten hebben te maken met justitie. Ze zijn een van de acht zwaarste teams van Nederland. Bij hen zijn er geen klanten die minder intensief behandeld kunnen worden.


Gras blijft zich - in onvervalst Utrechts - hardnekkig tegen iedereen aan bemoeien, met de negen man die hij onder zich heeft. 'Als het moet, komen we vier keer per dag bij iemand langs. We zijn 24 uur per dag bereikbaar. Daar worden we niet voor betaald, maar deze mensen houden zich niet aan kantoortijden. Eigenlijk mogen we na vijven niet eens meer naar mensen toe, maar dat doen we wel.'


In totaal hebben ze tachtig patiënten. Voordat ze in behandeling kwamen, waren de meesten 'zorgmijders', zoals dat heet. Mensen die vonden dat Harry Gras moest 'oprotten' met zijn zorg.


Toch kreeg hij zo veel mensen van de straat. Op zijn computer laat hij grafieken zien: 25 patiënten zijn in dertien jaar tijd in totaal 3.507 keer in aanraking gekomen met de politie. Soms als verdachte, soms als betrokkene, maar sinds ze boven op hun patiënten zitten, is het aantal politiecontacten sterk gedaald.


'Maar ze kunnen zich altijd weer gaan verzetten tegen ons', zegt hij. 'Dat gebeurt ook. Hun ziektebeeld is zo grillig. Juist dan moet je ter plekke zijn, meteen ingrijpen. Je moet ze niet laten ontsporen.'


Neem Tristan van der V, die het bloedbad aanrichtte in Alphen aan den Rijn. Hij had schizofrenie. 'Deze jongen is buiten beeld geraakt, maar dit zijn juist jongens die je niet mag loslaten. Als ik daar wapens had gevonden, had ik meteen aan de bel getrokken. Ik zeg niet dat het ons nooit was gebeurd, maar als het escaleert, dan zijn we er wel snel bij.'


Hij hoort ze bijna elke dag. Uitspraken 'waar de honden geen brood van lusten'. 'Onberekenbare jongens die lang in tbs hebben gezeten en die praten over welke nekken ze gaan breken. Wij doen ook wel risicotaxaties.'


'Ga weg, mens.'


Fred (40), de enige klant van Gras die voor de krant op de foto wil, gaat dreigend voor zijn vriendin staan. Ze is dronken. En dat kan Fred er vandaag niet bij hebben. Geduw, getrek, totdat iemand ertussen springt.


Fred is schizofreen. Hij hoort stemmetjes. 'Slagzinnen.' Op zijn 12de ging hij al naar de jeugdpsychiater. Twaalf lang was hij dakloos, verslaafd aan cocaïne. 'Ik sliep altijd bij de honden.' Om aan geld te komen, deed hij alles. Zo zette hij wel eens een ramkraak. Ook hield hij voorstellingen. 'Ze noemden me de radslagenkoning van Utrecht.'


Maar sinds een paar jaar kent hij het team van Harry Gras. En nu droomt hij van een huis met een groentetuin. 'Ik wil rust.' En van een baan, al weet hij dat dat lastig is met zo'n 'boeventronie'. Al vijf jaar slaagt hij erin om uit de kliniek te blijven, terwijl hij daarvoor vaste klant was. Van de cocaïne is hij af.


Fred maakt zich grote zorgen om de eigen bijdrage. Hij heeft schulden en nauwelijks geld. Per week een paar tientjes. 'Ik weet niet of ik dat kan betalen.'


Gras kan uittekenen wat er gebeurt als ze hem kwijtraken. Eerst gaat het een tijdje goed, maar dan gaat hij sjoemelen met zijn medicatie. Er komt chaos in zijn hoofd. Hij raakt in de war. Gaat domme dingen doen. Zijn brommer opvoeren. Met de verkeerde mensen mee. Cocaïne gebruiken. Zijn vriendin mishandelen. Mensen beroven. Tot hij wordt opgenomen. 'En dat is pas echt duur. Duizenden euro's per dag.'


'Waarom moeten mensen die niet gevraagd hebben om zo'n ernstige ziekte, daar ook nog voor betalen?', zegt Gras. 'De meeste klanten hebben echt geen rooie rotcent. Waarom geldt die bijdrage alleen voor psychische en niet voor lichamelijke ziekten? We gaan ze kwijtraken, straks. En dan gaat die hele duivelse cirkel weer draaien.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden