Blijf van mijn lijfrente

Bezitters van koopsommen voor lijfrente zoeken naar de verzekeraar of bank die het meeste waar biedt voor dit geld. De AFM waarschuwt voor 'zorgelijke advisering'.

De tweede helft van de jaren negentig verschenen eind van het jaar steevast paginagrote advertenties van verzekeraars om de lezers wakker te schudden. 'Stort nog snel een fiscaal aftrekbare koopsom', luidde de boodschap. Een bedrag tot zo'n 6.000 gulden kon je in die tijd ongeacht je pensioensituatie van je inkomen aftrekken. Ook verzekeringsadviseurs verkochten enthousiast deze koopsommen. De fiscale behandeling was een perfect verkoopargument.


Deze reclame miste zijn uitwerking niet. Jaarlijks stortten honderdduizenden mensen koopsommen voor lijfrentes. Veel van die lijfrentes hebben een looptijd van vijftien jaar en komen dit jaar en de komende jaren tot uitkering. De bezitters krijgen een zak geld die ze moeten omzetten in een uitkering. De opbrengsten zijn vaak behoorlijk omdat te koopsommen zijn gestort toen de gegarandeerde rendementen tussen de 4,5 en 6 procent lagen.


De kapitalen moeten worden omgezet in een lijfrente (periodieke uitkering van minimaal vijf jaar). Over de uitkeringen moeten de ontvangers inkomstenbelasting betalen, omdat de storting destijds aftrekbaar was.


De stroom lijfrentes naar particulieren is de afgelopen jaren fors gestegen. In 2011 ging het om bijna 8 miljard euro en dat bedrag zal de komende jaren blijven groeien. Ter vergelijking: jaarlijks keren pensioenfondsen een kleine 30 miljard euro uit.


Voor de Autoriteit Financiële Markten (AFM) reden deze groeimarkt onder de loep te nemen. De toezichthouder is ontevreden over de gang van zaken. Veel verzekeraars informeren hun klanten onvoldoende en te laat over de mogelijkheden die ze hebben als hun koopsom afloopt. Ze moeten er op wijzen dat je je lijfrente niet hoeft af te sluiten bij de verzekeraar waar je zit. Verzekeraars hebben laten weten hun klanten in het vervolg ten minste drie maanden voor de einddatum (expiratiedatum) te waarschuwen. Dan hebben die verzekerden voldoende tijd op zoek te gaan naar een gunstige aanbieding.


Dat vergelijken loont, blijkt onder andere uit cijfers van onderzoeksbureau Moneyview. Wie een koopsomkapitaal heeft van 50 duizend euro en een uitkering met een looptijd van 10 jaar wil hebben, is duizenden euro's beter af bij de bank met de hoogste maanduitkering. Per maand scheelt het een paar tientjes, maar na 10 jaar is het ruim 4.000 euro.


De consument kan kiezen tussen een lijfrente van een verzekeraar of van een bank(dochter). Vrijwel altijd bieden banken hogere uitkeringen. 'Dat is te wijten aan de hogere kosten bij verzekeraars en de hogere rente die banken bieden', zegt Rick Hoogeboom, onderzoeker bij MoneyView.


Bij een vergelijking is het altijd slim de verzekeraar waar het geld staat te vragen hoe hoog een lijfrente gaat uitvallen. Sommige verzekeraars geven bestaande klanten een blijfbonus: ze krijgen een hogere uitkering dan klanten die elders kapitaal hebben opgebouwd. Zo proberen verzekeraars klanten binnenboord te houden.


Op het eerste gezicht lijkt het een groot verschil dat verzekeraars levenslange uitkeringen aanbieden en banken alleen lijfrentes met een van tevoren vastgestelde looptijd. Een verzekeraar blijft bij de levenslange variant ook geld overmaken als je 110 wordt.


Volgens Hoogeboom is het verschil in de praktijk niet zo groot. 'Banken hebben tijdelijke lijfrentes met looptijden die oplopen tot dertig jaar. Als je een lijfrente met looptijd 30 jaar afsluit op je 65ste ontvang je een uitkering tot je 95ste. Gezien de levensverwachting zal dat voor de meesten een levenslange uitkering zijn.'


De behandeling van het opgebouwde vermogen bij overlijden is een ander verschil tussen verzekerings- en bankproducten. Bij een verzekeraar stopt de uitkering als de verzekerde dood gaat. De nabestaanden ontvangen niets als er geen aparte verzekering is afgesloten. Bij een bankproduct gaat het geld dat nog in de pot zit naar de erfgenamen.


Koopsombezitters kunnen kiezen tussen een doe-het-zelf-aanpak of aankloppen bij een adviseur die geld vraagt voor zijn diensten. Bij relatief kleine kapitalen (onder circa 10.000 euro) is zelf doen vaak de aangewezen weg. De AFM, die de kwaliteit van de advisering zorgelijk noemt, stelt dat een uitgebreid advies dan niet in het belang is van de klant omdat de impact op de financiële situatie gering is.


Adviesketen Meeùs zegt dat veel polissen die zijn afgesloten in de jaren negentig die nu tot uitkering komen een waarde hebben tussen de 20 en 30 duizend euro. De meeste klanten kiezen voor een tijdelijke lijfrente met looptijden die variëren tussen de vijf en vijftien jaar.


Volgens Meeùs proberen veel consumenten zelf een voordelige aanbieder op te sporen op internet, maar lopen ze vast omdat ze het te ingewikkeld vinden. Dan gaan ze alsnog naar een adviseur. De kosten van een advies zijn afhankelijk van de complexiteit en beginnen bij enkele honderden euro's en kunnen oplopen tot ruim duizend euro.


miljard euro ging in in 2011 aan lijfrentes naar particulieren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden