Blazers, walsers en kinderen verslaan het Weens Hoi hoi

Van Strauss tot House, heette de matinee waar het Nederlands Blazers Ensemble en de VPRO de lont in staken ter inluiding van het nieuwe jaar, en even was er zoveel house dat het leek of de Blazers voor spek en bonen zouden meedoen....

Van onze verslaggever

Roland de Beer

AMSTERDAM

Hun intocht in de Grote Zaal werd opgeluisterd door een choreografie van slangachtige danswezens en ging vergezeld van een elektronische beat, die trompettisten deed huppelen, hoboïsten liet hinkelen en een fagotblazende dirigent Minkowski inspireerde tot een goedmoedige shuffle uit de mindere club. Te horen waren de Blazers niet, het geacheveerde house-opus Radio Tokio van Justin Billinger liet dat niet toe.

Maar jawel, daar kwam uit de vloedgolf een unplugged Wiener Blut tevoorschijn, en in de deuropeningen bovenaan de Concertgebouwtrappen verschenen zwierige walsparen naar eerste divisie-stijldansmodel.

Dat moeten mooie plaatjes zijn geweest op Nederland 3. Eindelijk kwam het er eens van: het instituut Blazers-nieuwjaarsmatinee, live op de televisie. Toch iets anders dan de bekende nieuwjaars-Eurovisiebeelden van het ballet van de Weense Staatsopera, met Straussklanken van de Wiener Philharmoniker en commentaar van Joop van Zijl.

De walsenkoning Johann Strauss had in deze nieuwjaarsmatinee van het Nederlands Blazers Ensemble overigens maar weinig in de melk te brokken. Om nog te zwijgen van de Straussen Josef Strauss, Eduard Strauss, Johann Strauss I of Johann Strauss III: de Blazers ze gevoeglijk over aan de Weners op Nederland 2.

Op de keper beschouwd bleek zelfs de driekwartsmaat een zeldzaam goed, zondagmiddag bij het NBE. In Sjostakovitsj' revue-suite met de prettig onheilspellende titel Hoogstwaarschijnlijk vermoord komt geen wals voor. Wel een vliegende Galop en een Bacchanalia met een voortijlende xylofoonpartij - speciaal gearrangeerd voor de malletvirtuoos Peter Prommel, zo leek het wel. In ieder geval niet voor Stehgeiger Willy Boskovsky.

Het gitaar-, strijkers- en blazersstuk Are you experienced van de Amerikaanse componist-gitarist David Lang is verworteld in de rock en de klassieke avantgarde. Prommels knallende solo op de grote trom, en het in- en uitademen via de tuba door Hendrik Jan Renes: in Are you experienced zat opvallend weinig dat tendeerde naar Mein Lebenslauf ist Lieb' und Lust.

Iets meer driekwartsmaat zat in de nieuwe songs van de Amsterdamse cultzangeres La Pat. Maar het ging in dit geval toch meer om voorbeelden uit de contreien van de valse musette en het Berlijnse cabaretwezen. Vertolkt met broeierige contra-alt, en begeleid door blazers, een mandoline, een accordeon en een on-Weense zingende zaag; een feest zonder Walzertakt.

De titels Mars uit Muziek voor een Imaginair Toneelstuk (Alfred Schnittke) en Muziek voor de begrafenis van Koningin Mary (Henry Purcell) spraken al voor zichzelf. En Ligeti's Mysteries of the Macabre, een bewerking van sopraanfragmenten uit de operakomedie Le Grand Macabre, is iets om heel vrolijk van te worden, misschien zelfs heiter. Zeker als een Marcus Stockhausen de trompetpartij voor zijn rekening neemt. Maar alweer: geen Straussknuffelarij en geen Straussbijterij.

Maar het was een aardige, schetterende en kwetterende, gemene en ontroerende Nieuwjaarsmatinee. Het was, eerlijk is eerlijk, weer vlekkeloos ingestudeerd en het was weer een visitekaartje van de Nederlandse blazerscultuur.

En zeg nu zelf, de Wiener Philharmoniker hebben hun ingevroren Heiterkeit ook niet van Johann Strauss II meegekregen. Gedirigeerd door Zubin Mehta, gevolgd door een miljard televisiekijkers, en toegejuicht door onder anderen president Klestil distribueerden ze zondag via 130 tv-stations weer een bijzondere portie Walzertakt, en een geestig in de maat geroepen 'Hoi hoi, ho ho' in de polka Auf Ferienreisen.

Maar wie weet nog dat de walsenkoning pas decennia na zijn dood salonfähig werd geacht door de Philharmoniker; dat het tot 1929 moest duren voor die een heel Strauss-programma aandurfden?

Pure behoedzaamheid. Dat zal het zijn geweest bij die Nederlandse Blazers - dat ze het walscompartiment in hun Van Strauss tot House grotendeels overlieten aan het kind onder ons. Aan het scheppende VPRO-kind. Walsen van Wilbert Bulsink (11) uit Doetinchem, Tatevik Martirosjan (12) uit Pannerden en Erwin Weerstra (7) uit Leiden; met een Strauss House van Erik Jan Grob (14) uit Bennekom waren ze uitgekozen uit 110 inzendingen van toondichtende Villa Achterwerk-kijkers. Afgestudeerde pedagogen onder het matineepubliek zullen misschien even de adem hebben ingehouden. Maar de serieusheid waarmee het NBE het jeugdwerk arrangeerde en uitvoerde (de elfjarige was al zo ver dat hij de orkestratie zelf voor zijn rekening nam) was wel aanstekelijker dan de barse kop van Zubin Mehta.

En toen een vrouwelijkse NBE-orkestbediende zich ontpopte tot de kirrende soubrette Wiebke Göetjes, en met een schrammelorkestje het Wiener Blut aanhief dat de grotemensencomponiste Sofia Goebajdoelina verwerkte in Ein Walzerspass; ja, toen de eerste divisie-walsparen de zaal inzwermden voor een publieke Aufforderung zum Tanz, toen moest men inzien: hier kunnen Niki Lauda, president Klestil en Hoi hoi, Ho ho niet tegenop.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden