Interview The last post of de taptoe tijdens Dodenherdenking

Blazen (of playbacken) tijdens Dodenherdenking: ‘Er hangt echt wat vanaf’

Bij veel monumenten worden op 4 mei de twee minuten stilte ingeleid door een plechtige muzikale groet aan de gesneuvelden. Van kleinschalige ceremonies tot het monument op de Dam, in bijna elke Nederlandse gemeente vinden één of meerdere herdenkingen plaats. Alleen in Amsterdam zijn het er al veertig. Officieel klinkt daar dan de Taptoe, op sommige plaatsen wordt het internationale signaal de Last Post gespeeld. Vier blazers over hun dodenherdenkingsnoten.

Nick ten Tusscher (22), verstopt in het bos. Beeld Marcel van den Bergh

Net voordat Nederland stil is, moet elke noot perfect zijn. De handen mogen niet trillen en er moet minutieus worden geteld. Voor de hoornblazers van dienst zijn het elk jaar weer zenuwslopende minuten. De trompettist van de herdenking op de Dam in Amsterdam was zelfs zo zenuwachtig dat hij vrijdag geen interview kon geven.

Kees ter Ham.

Kees ter Ham (66), playbackt de Last Post, in de live-uitzending van de Waalsdorpervlakte

‘In 1973 kwam iemand van de Koninklijke ­Militaire Kapel op de Waalsdorpervlakte die de Last Post wel even zou ­blazen. Door de kou was het zó vals dat we besloten om het voortaan te playbacken.

‘Ik heb dat jaar een bandje ­ingespeeld dat we nu over de speakers afspelen. Zelf hoor ik de muziek in een oortje, ik probeer met mijn lippen de band zo goed mogelijk na te spelen.

‘Echt zenuwachtig ben ik niet, maar het is wel even opletten wanneer je aanzet. Dat moet op het juiste moment, anders klopt het beeld niet met het geluid. Het is al drie keer misgegaan. Eén keer ­waren de snoeren van de speakers eruit gelopen, ik stond klaar met dat instrument aan mijn mond, maar het publiek hoorde niks. Dan moet je improviseren. Ik ben blijven staan en heb het hele lied in mijn hoofd afgespeeld. Op de televisie kwam de ­muziek erbij dus de mensen thuis hebben niks gemerkt maar aan het publiek hadden we wel wat uit te leggen. Of ik het stuk in het echt nog zou kunnen spelen? Dan moet ik eerst heel goed oefenen.’

Nick ten Tusscher (22), speelt de Last Post, De Vloedbelt, Zenderen

‘Vijf minuten voor 8 loop ik 30 meter het bos in. Ik zet mijn lessenaar neer, adem een paar keer in, neem een slok water – ik heb altijd een droge mond als ik zenuwachtig ben –, haal nog één keer adem en dan begin ik.

‘In Zenderen kunnen de toeschouwers de trompettist niet zien. Dat is traditie geworden omdat een van mijn voorgangers het te spannend vond om voor de mensen te spelen. Hij verstopte zich in het bos. Ik heb dat overgenomen.

‘Als je de noten van de Last Post ziet, is het simpel, maar dat je voor veel mensen staat, maakt het moeilijk. Dan kun je het vijf of vijftig keer oefenen, maar het gaat om het moment. Mijn grootste angst is dat het stilvalt of dat ik bepaalde noten niet haal. Er hangt echt wat vanaf, dat moet je niet onderschatten. Het is maar eens per jaar, iedereen in Zenderen weet dat ik het speel en verder is het compleet stil. Het is niet dat ik er nu al dagen van wakker lig hoor, de echte zenuwen komen meestal pas om kwart voor 8.’

Luca Vaneman.

Luca Vaneman (16) – speelt de Taptoe bij de Nationale Kinderherdenking, Madurodam

‘Op 4 mei sta ik ­boven in een vuurtoren op 30 meter hoogte bij de ingang van Madurodam. Het wordt niet zo goed weer, behoorlijk koud. Daarom heb ik al bedacht dat ik het mondstuk van mijn trompet van tevoren in mijn broekzak stop om het warm te houden. Het speelt dan ­beter. Waarom dat zo is, weet ik ook niet precies.

‘Het is heel bijzonder dat ik dit mag doen. Alleen militairen mogen de Taptoe spelen, bij officiële ceremonies. Er is voor mij een uitzondering gemaakt.’

‘Het stuk is niet zo moeilijk. Maar er zitten lange noten bij. Het kan soms lastig zijn die vol te houden. Het belangrijkste is dat ik er een gevoel bij krijg. Het moet heel natuurlijk gaan als ik daar sta. Daarom heb ik elke dag geoefend.

‘Om maar niet te veel aan het moment zelf te denken heb ik bewust veel gewerkt deze meivakantie. Dan ben ik er niet zo mee bezig. Als ik niks doe, spookt het door mijn hoofd en word ik zenuwachtig. Dat kan ik op dat moment niet gebruiken.’

Cees Polfliet. Beeld Boaz Timmermans

Cees Polfliet (73) - speelt al meer dan vijftig jaar de Last Post, Sas van Gent

‘Als ik de Last Post speel, voel ik de emotie. Ik denk dan aan alles wat er gebeurd is in de Tweede Wereldoorlog. De jongemannen die hier hebben gestreden voor onze vrijheid.

‘De omgeving waar ik woon is bevrijd door de Canadezen en de Polen. Veel soldaten uit verschillende landen zijn hier gesneuveld. Ik kies ook voor de Last Post omdat we daarmee hen kunnen herdenken. Voor mij beperkt de Nationale Dodenherdenking zich niet alleen tot Nederland.

‘Ik heb de Last Post ook ­gespeeld bij de begrafenis van medemuzikanten en goede kennissen. Ik ben begonnen toen ik 22 was. De mensen ­weten dat, dus ze vragen mij soms speciaal voor gelegenheden.

‘Het is voor mij meer dan een muziekstuk. Het is een laatste groet. Dat voel ik ook. Ik kan er veel van mezelf in kwijt. Dat is ook het mooie aan de Last Post, het is muzikaal treffender dan de Taptoe. Vooral het einde vind ik mooier.’

De bladmuziek van de Last Post en de Taptoe.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden