Blauwe envelop

Als het aan staatssecretaris Weekers ligt, gaat de blauwe envelop van de Belastingdienst verdwijnen en wordt die vervangen door een e-mail. Het bericht stemde me weemoedig. Weer een slachtoffer van de vooruitgang.


Zo denk ik ook met een gevoel van heimwee terug aan het spaarbankboekje van de gemeentegiro, dat al vroeg in mijn leven kwam, als een toegangsbewijs tot de grote wereld. Eerst stopte je de stuivers, dubbeltjes en kwartjes, die in je bezit waren gekomen door je zakgeld niet in z'n geheel te besteden en met bijdragen van vrijgevige ooms en tantes, in het spaarvarken, zaliger gedachtenis. Dan kwam er een dag dat je de munten met veel schudden en behulp van een mes in de gleuf uit de buik van het varken bevrijdde. Voorzien van je spaarbankboekje toog je naar het postkantoor en vervroegde je aan het loket, waar een meneer van de post je spaargeld natelde, het bedrag bijschreef in je boekje en zijn gewichtige verrichtingen met een ferme klap van zijn stempel bezegende. Nu had je geld op de bank staan. Je was een jongen in bonis.


Van jongen in bonis naar man in bonis was een zevenmijlsstap. Er was meer voor nodig dan een spaarbankboekje. De blauwe envelop, die op een zekere dag ten teken van je volwassenheid bij je in de bus viel, vormde een gevreesde sta-in-de-weg. Kapitaalaanwas werd en wordt er ernstig door belemmerd. De Belastingdienst is de eerste om dit toe te geven. 'Leuker kunnen we het niet maken', adverteert ze van mijn belastingcenten.


Als beginnende belastingplichtige ging mijn pad de eerste jaren niet over rozen. De blauwe envelop betekende onheil. Geld kwam in die periode maar mondjesmaat binnen en voor de belasting schoot niets over. Op het laatst opende ik de blauwe enveloppen niet meer, maar schoof ze uit het zicht onder stapels oude kranten. Toen de nood het hoogst was ontweek ik naar België, waar ik een tijd belastingvrij leefde.


Bij terugkeer uit dit aangename land, waar het leven nonchalanter wordt geleefd, sloeg de belasting genadeloos toe. Men deelde mij mee dat ik, inclusief mijn potten en pannen, in het openbaar verkocht zou worden. De opkopers - een groezelig stelletje mannen met bakfietsen - stonden reeds voor de deur, toen mijn uitgever op het laatste moment ingreep. De bakfietsers dropen teleurgesteld af en ik zwoer een dure eed dat me dit nooit meer zou overkomen. En zo geschiedde.


Ik ben gewend geraakt aan de blauwe envelop die op mijn deurmat ligt. Ik open hem zonder angst en beven. De blauwe envelop bevestigt mijn deelname aan de maatschappij en herinnert me eraan - hardhandig soms - dat ik besta en dat ik niet de enige ben die bestaat. Dankzij de blauwe envelop ben ik een keurig burger geworden. Bovendien blijkt elk jaar, nadat degene die mijn inkomsten en uitgaven bijhoudt aan het rekenen is geweest, dat ik te veel vooruit heb betaald, zodat ik een blauwe envelop met teruggave kan verwachten. Even leef ik dan in de blije illusie dat de Belastingdienst het leuker maakt en me iets cadeau geeft.


Ik zal de blauwe envelop dus missen, als iets dat een onderdeel van mijn le-ven is. E-mail is dat niet. Ik lijd aan de ziekte van het digibetisme. Tussen de computer en mij is een korte, maar hevige strijd gevoerd die eindigde met mijn smadelijke aftocht.


Staatssecretaris Weekers beseft 'dat er mensen zijn in de samenleving die niet de beschikking hebben over de benodigde vaardigheden en middelen elektronisch te kunnen communiceren'. Het schaamrood stijgt me naar de kaken, vooral vanwege de volgende zinsnede uit de mededeling van Weekers: 'Deze burgers zal gerichte ondersteuning geboden worden.' Waar die ondersteuning uit bestaat is me nog niet duidelijk. Voorlopig beweeg ik me gehandicapt door belastingland, in afwachting van de krukken die de staatssecretaris me zal aanreiken.


Er stond nog iets in de missive van Weekers dat me enigszins van mijn apropos bracht. 'Het einddoel is volledig papierloos communiceren.'


Voor een schrijver is dat geen aantrekkelijke gedachte.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden