Bladergewoel

Een ijzeren horrorwet leert dat monsters vooral eng zijn zolang je ze niet of nauwelijks ziet. Een grom, een oog en een schaduw sorteren meestal veel meer effect dan een pontificale verschijning. Toen hij Jaws (1975) draaide, wist Steven Spielberg dit maar al te goed; het duurt dan ook ondraaglijk lang voordat je méér van de bloeddorstige haai ontwaart dan alleen een vin. Bovendien ligt het vooral aan de perfect opgebouwde spanning dat je in die mechanisch happende nepvis nog steeds een reële verschrikking ziet.


Een avonturenfilm als Jurassic Park werkt dan toch anders. Die drijft juist op spektakel en toont het monster dan ook in vol ornaat - zij het pas na een lange, zorgvuldige opbouw. Dat het hier om een eiland vol dinosaurussen gaat, wist de bioscooptoeschouwer destijds ook al van tevoren. Des te prikkelender dat het na de bloederige openingsscène, waarin al een oog en een klauw van een bijtgrage dino voorbijflitsen, toch afwachten is geblazen - keurig netjes volgens de regels van het genre, dus. Pas na twintig minuten aanschouwen de naar het eiland afgereisde paleontoloog Alan Grant (Sam Neill) en de zijnen hun eerste reuzenreptiel. En dan nog duurt het bijna een minuut eer wij mogen meekijken. Close-ups van verbaasde gezichten vormen de trage inleiding van het langverwachte en na twintig jaar nog altijd spectaculaire shot van een grazende brontosaurus. Precies zoals het hoort.


Hetzelfde trucje haalt Spielberg uit met de tyrannosaurus rex. Diens eerste tekens van leven zie je wanneer de eigenaar van het park, miljardair John Hammond (Richard Attenborough), een rund in de kooi van de rex laat zakken. Woelende bladeren, gekrijs en een verscheurde draagriem maken de kijker warm voor het moment waarop de rex echt te zien valt - een half uur later. Een klassiek geworden staaltje suggestie is dan het water in de drinkglazen dat door de dreunende stappen van de rex aan het trillen wordt gebracht. In het vervolg The Lost World, ook vanavond te zien, pakte Spielberg het minder subtiel aan: daar zijn de roofdino's al na drie minuten vol in beeld.


Jurassic Park (Steven Spielberg, 1993)

Jurassic Park: The Lost World (Steven Spielberg, 1997)

RTL7, 20.30-23.05 en 23.10-1.40 uur.

De gelukkige huisvrouw

(Antoinette Beumer, 2010) Lea, een ongeëmancipeerd Goois meisje, heeft van nature weinig moedergevoelens. En dat wordt er niet beter op wanneer ze een rampbevalling moet doorstaan. Het kind dat vervolgens in haar armen wordt gedrukt, zegt haar niets, en Lea (Carice van Houten) komt in een psychose terecht. De makers van De gelukkige huisvrouw zijn de zware kanten van Heleen van Royens boek niet uit de weg gegaan. Dat is dapper. Scenarioschrijvers Marnie Blok en Karen van Holst Pellekaan vonden een goede balans tussen humor en tragiek, en Beumers regiedebuut staat als een huis, met een prettig tempo, een zeer verzorgde aankleding en goed acteerwerk. Van Houten koppelt kwetsbaarheid aan een perfecte komische timing en weet als geen ander raad met botte grappen.


RTL8, 20.30-23.55 uur

.


The Lord of the Rings: The Fellowship of the Ring

(Peter Jackson, 2001) Proloog van een visueel overdonderend en aangrijpend avontuur. Hobbit Frodo (Elijah Wood) begint aan zijn expeditie om een kwaadaardige, magische ring te vernietigen. Tolkiens fantasiewereld werd bij Jackson een realistische setting voor een verhaal van zowel mythische als menselijke proporties.


Veronica, 20.30-23.55 uur

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden