Biografische anekdotes zijn niet alle even betrouwbaar

Biografische anekdotes zoals Arjan Peters las over Lehmann, Toonder en Bach, zijn niet alle even betrouwbaar.

Beeld Eva Roefs en Io Cooman

Een mooi verhaal, dat zeker waar is. Het gaat over de surrealistische dichter, scheepsarcheoloog en tangodanser Louis Th. Lehmann (1920-2012), over wie zijn vrouw Alida Beekhuis schrijft in Hollands Maandblad (nr. 2; Stichting Hollands Maandblad; euro 7,50). Vanwege geheugenproblemen stond de 84-jarige dichter onder controle van Mentrum in Amsterdam. Beekhuis was getuige toen een verpleger hem vroeg om tot tien te tellen. Dat ging prima. Toen vroeg de verpleger: 'En nu terug.' Louis zei: 'Neit, negen, thca, nevez...'. Surrealisme is vaak niets anders dan consequent doorgevoerd realisme, want de dichter deed wat hem werd gevraagd.

Een mooi verhaal, over de eerste levensjaren, maar herinnerd door de auteur op diens 88ste, dat is twijfelachtiger. Het is van Marten Toonder (1912-2005), uit het complete proza deel 3, Alleen maar papier, uitgegeven door Klaas Driebergen (euro 19,99).

Mini-Marten ligt in de wieg. 'Ik zie nog duidelijk voor me dat de kanten gordijntjes die de overkapping sierden opzij geschoven werden om doorgang te verlenen aan een groot, onbekend gelaat dat mij schrik en afkeer inboezemde. 'Daaa daaa!' zei het gezicht terwijl het me aankeek door sterk vergrote ogen achter een bril met dikke glazen. 'Vuilak!' riep ik met door ontzetting gezwollen stem.' Dat was het tweede woord dat hij zich - na mama - had eigen gemaakt. Later zal zijn moeder zeggen: 'Tante Jo was een heel lieve vrouw', om daar peinzend aan toe te voegen: 'Maar ze was niet mooi.'

Een verhaal over het eerste woord dat is opgetekend uit de mond van de 20-jarige Johann Sebastian Bach, maar dan wel pas bekend sinds 1904, toen de componist anderhalve eeuw dood was - hoe betrouwbaar is dat? In het herziene Johann Sebastian Bach (Arbeiderspers; euro 19,99) van Maarten 't Hart staat een hilarisch hoofdstuk met alle varianten waarin de anekdote is overgeleverd. Bach had mot met de drie jaar oudere fagottist Geyersbach, en bij een opstootje op straat had die hem uitgemaakt voor hondsvot, waarop Bach repliceerde met 'Zippelfagottist'.

Beeld Eva Roefs en Io Cooman

Over de betekenis bestaat geen eenduidigheid. 'Geitenfagottist', 'schavuit van een fagottist', 'fagottist die scheten laat na het eten van een groene ui'? Of bedoelde Bach misschien 'discipel-fagottist'?

Maarten neigt ertoe dirigent en Bachkenner John Eliot Gardiner bij te vallen: 'Bach noemde Geyersbach gewoon een lul.'

Noteren we dat, maar niet zonder voorbehoud: vroegst bekende woord van Bach, Arnstadt 1705: lul-fagottist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden