Bijzondere architectuur nieuw Haags stadhuis brengt speciale problemen met zich mee Ambtenaar met hoogtevrees krijgt briefje voor gewone lift

Eindelijk mag het Haagse publiek dan in het grote, witte gebouw, dat alweer enige tijd het centrum van de stad domineert....

Van onze verslaggeefster

Aukje van Roessel

DEN HAAG

Aan het Haagse stadhuis, een ontwerp van de Amerikaanse architect Richard Meier, zal altijd de ruzie blijven kleven tussen de PvdA-wethouders Adri Duivesteijn en Gerard van Otterloo. De politieke tegenstelling tussen de twee mannen leek zich op het laatst te concentreren rond het atrium. Daar waar Duivesteijn vindt dat deze immense, lichte en open ruimte de democratie symboliseert, bekritiseerde Van Otterloo het ontwerp van Meier. Het atrium zou hem doen denken aan een kathedraal waar de mens zich nietig voelt tegenover de overheid. Beide wethouders overleefden in 1987 hun ruzie niet.

Maar Duivesteijn kreeg, ondanks zijn aftreden, wel zijn zin. De gemeenteraad koos voor het gebouw van Meier. De eersten van de 2300 ambtenaren konden enkele weken geleden hun intrek nemen in een van de twee vleugels aan weerszijde van het atrium. De gehele verhuisoperatie duurt tien weken. Er moeten zo'n veertigduizend dozen worden versjouwd, waarvoor achthonderd verhuiswagens nodig zijn. Begin juli moet het allemaal achter de rug zijn.

Onder de ambtenaren wordt veel geklaagd over de verhuizing, zoals gebruikelijk bij mensen die van hun vertrouwde plek weg moeten. Zo zouden ze niet genoeg kastruimte krijgen in hun nieuwe kamers: slechts tweeëneenhalve meter plank. Voor een ambtenaar die al jaren op zijn kamer stukken verzamelt, is dat een ramp, want hij ziet zich genoodzaakt orde aan te brengen in de chaos.

Wat per se bewaard moet blijven, gaat het centrale archief in. Het verhaal doet nu al de ronde dat in dat archief niet genoeg ruimte is voor de vele dossiers. Dit wordt ten stelligste ontkend. Onder het stadhuis bevindt zich achttien strekkende kilometer aan archiefruimte.

Ook het achterblijven op de oude werkplek van de planten doet velen pijn. Maar dat er van de architect Meier totaal geen planten in het gebouw zouden mogen, wordt afgedaan als roddel. Volgens J. Schmitz, technisch directeur van de facilitaire dienst, is ervoor gekozen geen oude planten met bruine bladeren en verouderde potgrond-met-ongedierte in het gebouw neer te zetten. Er komt dus nieuw groen.

Ook het meubilair is spiksplinternieuw. Met de keuze daarvan heeft de architect zich wèl bemoeid. Want een man die vindt dat zelfs in de toiletruimten de naden van de vloertegels moeten doorlopen in die van de wandtegels, is een perfectionist. Meier wilde dan ook niet dat zijn gebouw zou worden bezoedeld door vloerbedekking, bureaus, stoelen en kasten die niet in zijn witte interieur passen. Hij heeft gekozen voor de kleuren wit, zwart en antraciet. Eigenlijk is de enige schakering daarin het blanke beukehout van het blad van de bureaus. En wie goed kijkt, ziet dat op de zwarte telefoons een plaatje zit voor de toetsen waarvan de kleur aarzelt tussen bordeauxrood en paars.

De verhuizing is nog niet afgerond, maar de eerste gebreken aan het gebouw zijn al geconstateerd. De spreekkamertjes van de sociale dienst zouden te gehorig zijn. Woedende klanten die hun stem verheffen, zouden hun vloeken tot bij de buren doen horen. Er is al besloten een geluidstest te houden en dan eventueel in te grijpen.

Een probleem lijkt ook het ontbreken van zonwering. Niet bij de kamers op het zuiden aan de buitenkant van het gebouw. Nee, bij de zonnige kamers aan de binnenkant van het atrium. Even vergeten dat de zon door het glazen dak de hal schijnt en dus in de kamers.

Het nieuwe gebouw heeft niet alleen dit soort aanloopgebreken. De bijzondere architectuur brengt ook bijzondere problemen met zich mee. Zo is er een aparte regeling voor mensen met hoogtevrees. Zij hoeven niet over de smalle loopbruggen als ze van de ene kant van het atrium naar de andere kant moeten. Ook worden ze niet gedwongen met de glazen, snelle liften te gaan. Zij mogen met de dichte goederenlift naar beneden, over de begane grond naar de andere vleugel lopen en daar weer met een goederenlift omhoog. Voorwaarde is wel dat de bedrijfsarts een attest heeft uitgeschreven. Tot nu toe is door één ambtenaar zo'n hoogtevreesbriefje aangevraagd.

Ook het schoonhouden van het gebouw wordt een vak apart. Niet alleen is het bijzonder dat het hele gebouw, dus niet alleen de ramen, maar ook de witte tegels aan de buitenkant, vier keer per jaar worden ontdaan van vuil en zeezout. Het schoonhouden van de binnenkant vraagt ook nog om bijzondere technieken. Schmitz denkt erover om daar één keer in de anderhalf, twee jaar een happening van te maken: alpinisten die met touwen langs de wanden gaan, terwijl het publiek vanuit het atrium toekijkt.

Het zou een van de vele evenementen in het atrium kunnen worden. Want in de grote hal zullen Haagse burgers niet alleen een paspoort kunnen aanvragen, maar er ook kunnen uitgaan. Er is een aparte stichting in het leven geroepen die de bespeling van het atrium gaat regelen: in de planning zitten toneel, muziek en lezingen. In Den Haag heet het atrium dan ook wel 'het plein bij nacht'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden