Bijverdienen is symptoom

De publieke rol van de media wordt aangetast door een vermenging van belangen en functies. Dat geldt evengoed voor individuele journalisten, vindt Frank van Vree....

De vraag of journalisten mogen bijverdienen is niet alleen een kwestie van interne arbeidsverhoudingen bij de media, maar een zaak van maatschappelijk en politiek belang. Zij gaat de hele beroepsgroep aan en het getuigt daarom van weinig inzicht de nu losgebarsten discussie af te doen als een oprisping van afgunst of morele scherpslijperij.

Journalisten nemen in een open en democratische samenleving een bijzonder positie in. Net zoals artsen, advocaten en wetenschappelijke onderzoekers zijn zij gebonden aan dikwijls ongeschreven regels die richting geven aan hun beroepsuitoefening. Zo mag van een journalist worden verwacht dat hij of zij feiten natrekt, hoor- en wederhoor toepast en zich niet door derden laat betalen.

Tegenover deze verplichtingen staan evenwel ook bijzondere voorrechten waarop de journalist zich kan beroepen. Zo kan hij toegang krijgen tot informatiebronnen die voor anderen gesloten blijven en hoeft hij zijn bronnen - zelfs in strafzaken - niet te onthullen. En ook intern, binnen de muren van het eigen bedrijf, worden de vrijheid en de onafhankelijkheid van de journalist gerespecteerd. Redactiestatuten schermen zijn werk af tegen mogelijke druk van aandeelhouders, adverteerders en directies.

Wie terugkijkt in de geschiedenis weet dat er lang en hard is gestreden voor de erkenning van de journalistieke onafhankelijkheid van de media en de bijzondere positie van de beroepsgroep. Het belangrijkste argument daarbij was dat de democratische samenleving niet kan functioneren zonder vrije nieuwsgaring, belangenloze verslaggeving en open discussie. Alleen in onafhankelijkheid kunnen de media hun publieke functie vervullen - en het is precies in dit licht waarin het tumult over de nevenfuncties van journalisten zou moeten worden bezien.

Het moment is niet toevallig. De journalistiek heeft de afgelopen jaren al vaker onder vuur gelegen, te beginnen met de felle polemieken rond de dood van Pim Fortuyn. De media zouden te eenzijdig en te weinig onafhankelijk zijn, de journalistiek zou een wereld op zichzelf vormen, verslaggevers zouden elkaar napraten en overschrijven en de politieke cultuur corrumperen.

Maar wie verder kijkt dan de landsgrenzen zal al snel vaststellen dat het hier niet om een exclusief Nederlands verschijnsel gaat. Ook in andere landen, zoals de Verenigde Staten en Groot-Brittanniwoedt al langer een debat over het verval van de onafhankelijkheid en kwaliteit van de journalistiek.

Een terugkerend thema in al deze discussies is de groeiende invloed van de 'markt' op de media. De journalistiek - zo wordt betoogd - heeft zich laten meeslepen in een proces van ongebreidelde commercialisering. In een poging om meer kijkers te winnen of de neergang in abonnees te keren hebben televisiezenders en kranten hun formats, hun programmering en redactiebeleid aangepast. Serieuze journalistieke genres hebben daarbij vaak moeten wijken voor infotainment, shownieuws, lifestyle- en consu mentenrubrieken. En daar is het niet bij gebleven.

In de Verenigde Staten - maar ook in Nederland - kopen steeds meer bedrijven, organisaties en instellingen zich als het ware in de media in. Ze betalen mee aan informatieve en verstrooiende programma's, aan reiskaternen en glossy modereportages, zonder dat de kijkers of lezers daarvan weet hebben. In enkele sectoren, zoals de tijdschriften, lijken de grenzen tussen journalistiek en commercie zelfs geheel en al te vervagen.

De aanslag op het World Trade Centre en de oorlogen in Afghanistan en Irak hebben in Amerika geleid tot een serieus debat over de sluipende uitholling en ondermijning van de onafhankelijke, publieke positie van de media. Een groot aantal journalisten heeft zich de laatste jaren publiekelijk geschaard achter pleidooien voor een herstel van traditionele journalistieke normen en voor meer ernst en diepgang - met als doel de kwaliteit van de media en het publieke debat te versterken.

In Nederland liggen de verhoudingen misschien minder scherp, maar toch hebben de commerci vloedgolf, de concurrentie en een zekere professionele wankelmoedigheid de autonomie van de journalistiek aangetast. Ook in Nederland hebben bedrijven zich ingekocht in programma's en staan gerespecteerde kranten toe dat reisverhalen en andere rubrieken financieel worden gefaciliteerd door bedrijven en andere belanghebbende partijen. Dat zoveel journalisten er geen bezwaar in zien hun diensten aan te bieden aan bedrijven en overheden - niet in hun rol als journalist, maar als adviseur, trainer of uithangbord - is dan ook een teken aan de wand. Het is, kortom, geen incident maar een symptoom.

Het is volstrekt duidelijk dat een vermenging van belangen en functies - of zelfs maar de schijn daarvan - de publieke rol van de media aantast. Dat geldt voor de kranten, omroepen en tijdschriften als geheel, maar evengoed voor individuele journalisten. Van hen mag een grote terughoudendheid worden verwacht: het zou immers onbestaanbaar zijn wanneer journalisten zich menen te kunnen beroepen op hun bijzondere positie als het gaat om vrije nieuwsgaring en redactionele onafhankelijkheid, maar zich aan de andere kant uit persoonlijk gewin dienstbaar maken aan anderen.

Zo bezien is er eigenlijk maar een soort van nevenactiviteiten waarmee de journalist zijn geloofwaardigheid en autonomie niet op het spel zet: activiteiten waarin hij gewoon journalist kan blijven, zoals het deelnemen aan een studiecommissie of een openbaar debat over ontwikkelingen in de media. De journalistiek en het publieke debat kunnen daar zelfs van profiteren - en dat is dan ook de enige rechtvaardiging, niet het opdoen van contacten of het verkrijgen van informatie. Daarvoor staan de journalist andere wegen ter beschikking.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden