Bijlmerboy Van Gijzel wordt burgemeester

Hij was altijd al maatschappelijk bewust, maar opereerde politiek soms te geëngageerd. Hij is wijzer geworden...

Driemaal is scheepsrecht voor Rob van Gijzel. Twee keer eerder stond hij op de nominatie voor een bestuursfunctie in de vijfde stad van Nederland.

Vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen in 2002 schoof de Eindhovense PvdA-fractie, onder leiding van het huidige Tweede Kamerlid Van Dam, hem naar voren als toekomstig wethouder en stemmenkanon. Maar de sociaal-democraten verloren de verkiezingen – Leefbaar Eindhoven won – en bleven buiten het stadsbestuur.

Een jaar later was hij in de race voor het burgemeesterschap, dat al drie decennia in handen was van een PvdA’er. Maar tot teleurstelling van de PvdA-fractie gaf een meerderheid van de raad de voorkeur aan de VVD’er Alexander Sakkers.

Maar het is dan toch gelukt. ‘Ik wil niet zomaar burgemeester worden van een stad’, zei hij herhaaldelijk tijdens de campagne voor het burgemeestersreferendum. ‘Ik wil alleen burgemeester worden van mijn stad.’

Gesjeesd
Rob van Gijzel (53) is geboren, opgegroeid en sinds zijn vertrek uit de Kamer opnieuw woonachtig in Eindhoven. Hij is de jongste telg van een gezin met vijf kinderen, waarin volgens hem de ‘maatschappelijke betrokkenheid met de paplepel werd ingegoten’. Zijn vader was journalist voor Het Vrije Volk, zijn moeder huisvrouw.

Hij was als jongen al actief lid van de PvdA. In 1975 richtte hij in Eindhoven de jongerentak van de partij (Jonge Socialisten) op. Hij volgde de onderwijzersopleiding van de pedagogische academie in Eindhoven en ging daarna andragologie studeren in Amsterdam. Die studie maakte hij niet af. Hij werd voorzitter van de Jonge Socialisten en lid van het partijbestuur.

Van Gijzel begon zijn loopbaan als persmedewerker bij het Europees Parlement. Vervolgens ging hij bij de gemeente Amsterdam werken. De jonge ambtenaar groeide uit tot hoofd van het stafbureau volkshuisvesting, ruimtelijke ordening, grondbeheer en milieubeheer van de deelraad Amsterdam-Noord. Dat bleef hij tot hij in 1989 in de Tweede Kamer werd gekozen.

Carrière door ramp
Aanvankelijk viel de jonge parlementariër nauwelijks op in de bankjes. Hij kwam zelfs ooit uit de bus als het meest onbekende Kamerlid. Maar dat veranderde toen in oktober 1992 een vliegtuig van El Al zich in een flatgebouw in de Amsterdamse Bijlmermeer boorde, waarbij 43 doden vielen.

Van Gijzel beet zich vast in de vliegtuigramp. Hij bleef er vragen over stellen, vaak tot irritatie van collega-Kamerleden, ook binnen de PvdA-fractie. ‘Hé Bijlmerboy, moet je geen vragen stellen?’, kreeg Van Gijzel vaak ter begroeting te horen als hij collega’s in het Kamergebouw tegenkwam.

Bijlmerboy werd zelfs zijn geuzennaam, tegen wil en dank. Zijn niet aflatende pleidooi voor een onderzoek naar de Bijlmerramp kreeg pas zes jaar later respons, toen de Kamer tot een parlementaire enquête besloot. Maar tot zijn teleurstelling bleef de enquête zonder politieke gevolgen.

Van Gijzel drong vergeefs aan op het vertrek van D66-minister Borst van Volksgezondheid vanwege de falende opvang van slachtoffers en families in de jaren na de ramp. Zelfs zijn fractie stemde in meerderheid tegen de motie van afkeuring. ‘Ik heb me vaak eenzaam gevoeld’, zei hij in een interview.

Bouwfraude
Twee jaar later kwam hij opnieuw in botsing met zijn eigen collega’s, toen fractievoorzitter Melkert hem het woordvoerderschap over de bouwfraude afpakte.

Van Gijzel trok, samen met CDA’er Leers, fel ten strijde tegen sjoemelende bouwconcerns met hun schaduwboekhoudingen en corrupte ambtenaren.

Toen bleek dat het ministerie van Justitie een schikking had getroffen met bedrijven die hadden gefraudeerd bij de aanleg van de Schipholtunnel, was hij des duivels. Melkert vreesde dat hij het kabinet te hard wilde aanpakken en legde hem het zwijgen op. Van Gijzel wilde niet verder als ‘met een slot op de mond’. En na ruim 12 jaar verliet hij de Kamer.

‘Hij gaat voor z’n principes, weet wat hij wil’, zegt Leers, inmiddels burgemeester van Maastricht, over Van Gijzel. ‘Hij trekt een streep, tot hier en niet verder. Dat zag je in de strijd met Melkert. Zo’n houding kan ik wel waarderen.’

'Verrekt goed'
Van Gijzel is een vechter die niet snel opgeeft. Daarmee heeft hij ook veel mensen tegen de schenen geschopt. Zijn gedrag riep irritaties op, buiten en binnen zijn fractie. ‘Hij kon een verrekt lastig ventje zijn’, memoreert Leers. ‘Zo lastig dat je hem wel achter het behang wilde plakken.’

Van Gijzel noemt zijn tijd in de Kamer ‘een geweldige en enerverende periode’. Na zijn vertrek besloot hij terug te keren naar zijn geboortestad. Met zijn vrouw Irene richtte hij het adviesbureau Politea op en groeit uit tot een populaire dagvoorzitter op congressen.

Nu wil hij een warm burgemeester zijn ‘zoals Gerd Leers of Job Cohen’. Volgens Leers zal Eindhoven ‘een verrekte goeie burgemeester’ aan hem hebben. ‘Hij heeft een netwerk, een goed politiek gevoel en een echte drive. Hij is open en benaderbaar. Burgemeester zijn is een lifestyle. Dat ambt hang je niet even om zes uur ’s avonds aan de kapstok. Ik ben geen technocraat, en dat zal hij ook niet zijn.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden