Column

Bij Wim Brands was ik bang geen antwoorden te hebben

Remco Campert
null Beeld
Beeld

'Mijn liefde voor haar begon als een geloof. Ze was er op een dag, daarna volgden

bedremmeld de redenen:

haar licht loensende ogen, hoe ze sprak

'Nee, 's middags zwem ik in de Noordzee.'

Hoe in dat water haar armen nauwelijks

bewogen. Eenvoudig. Achteraf is alles

altijd eenvoudig.

Dit gedicht staat in de Verzamelde gedichten van Wim Brands (Van Oorschot, 2017). Brands had een televisieprogramma dat VPRO Boeken heette. Daar nodigde hij mij ook een keer voor uit. Hij stelde me vragen. Ik wist weinig van hem af. Ik wist bijvoorbeeld niet eens dat hij ook dichter was.

Ik was bang voor vraaggesprekken, bang dat ik geen antwoorden zou hebben. Bang dat men mij een geheim zou ontfutselen dat zelfs voor mezelf een geheim was.

Die angst berustte op niets, was pure aanstellerij. Misschien toch geen aanstellerij, maar angst om woordeloos te blijven. Voor niet alles zijn woorden te vinden. Misschien alleen in een gedicht. Achter Brands hing een kunstwerk van Wim T. Schippers. Ik klemde me eraan vast.

Op Brands' vragen ratelde ik maar wat voor me uit. Dat geratel bleek nog zinnig te zijn ook. Soms keek Brands naar buiten. Hij dacht na over de formulering van zijn volgende vraag. Dan keek hij mij weer aan en stelde die volgende vraag. Zijn blik was dwingend en niet te ontwijken.

Om hem eer te bewijzen volgen hier nog twee gedichten van Brands. Eerst 'De jas':

Maar eerst is er een oude jas. Nu hangt hij

aan de kapstok, binnenkort wordt hij

verbannen naar het hok.

En eerst is er een avond waarop ik aarzel

naar buiten te gaan. Buiten is het koud.

In gedachten trek ik voor het eerst

die oude jas aan. Ik ben alleen op straat.

Wie had durven hopen. Ik kijk

in de ruiten en zie

voor het eerst mijn vader in deze stad lopen.

'Waar ga je heen?' 'Nergens heen.'

'Dan gaan we dezelfde kant op.'

En:

Een zaterdagavond. De televisie stond aan./ Mijn ouders waren thuis. Ik hoorde ze praten, maar kon ze niet verstaan./ Een zaterdagavond: de televisie aan,/ mijn ouders pratend, en ik die niks van dat alles/ kon verstaan. Het stemde vrolijk/ die zaterdagavond: zo zou het me ook/ in die andere wereld vergaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden