'Bij ultieme bijbelvertaling kan ik mij niets voorstellen

'Vertalers zijn verraders', luidt een Italiaanse zegswijze. En aan de Bijbel mogen zij zich al helemaal niet vergrijpen. Dat ondervond de bijbelvertaler William Tyndale in 1536....

De vraag of het woord Gods zich leent voor modernisering, actualisering of parafrasering houdt de gemoederen nog altijd bezig. Zelfs in het geseculariseerde Nederland.

Elke nieuwe bijbelvertaling is goed voor een richtingenstrijd en polemieken in de kerkbladen. Maarten 't Hart leverde hieraan ooit een vertwijfelde bijdrage met de suggestie de Bijbel te laten voor wat hij is: 'een ouderwets, raar boek', waarvan het nageslacht hoe dan ook niets begrijpt.

En de theoloog dr. Sijbolt Noorda, voorzitter van de begeleidingscommissie Nieuwe Nederlandse Bijbelvertaling (NBV), omschreef zijn eigen missie als 'onmogelijk, maar niet onhaalbaar'.

De exegeet Karel Deurloo, boegbeeld van de zogenoemde Amsterdamse School, is het met die kenschets eens. 'Bij een ultieme bijbelvertaling kan ik mij niets voorstellen. Ik zie meer heil in een permanent debat.'

Zaterdag nam Deurloo afscheid als hoogleraar bijbelse theologie aan de Universiteit van Amsterdam. Een beladen afscheid. Want met hem verdwijnt de predikantenopleiding van de UvA. Tot voort kort waren er nog zes van dit soort domineescholen. Maar hun cliëntèle liet het afweten. In 1979 waren er in Nederland nog bijna 2500 theologiestudenten, nu nog amper duizend. Reden voor de minister van Onderwijs om een halvering van de opleidingscapaciteit te gelasten.

De Samen-op-Weg-kerken gaven morrend en ruziënd gevolg aan deze opdracht. En de meest oecumenische opleiding, die van de UvA, werd het eerst geofferd.

Deurloo heeft zich ermee verzoend. 'Het is onderhand oud nieuws, en de beide Amsterdamse universiteiten richten samen een nieuw Centrum voor Theologie en Religiestudies op. Dat laat onverlet dat de predikantenopleiding verdwijnt, en dat de kerk daar geen traan om heeft gelaten.'

Aan het bestaansrecht van een niet-kerkelijke theologieopleiding twijfelt hij geen moment. 'Onder mijn studenten bevonden zich de laatste jaren al vele niet-kerkelijken. En voor hen was het Oude Testament werkelijk een openbaring. Ze dachten bij God aan de Hellenistische oppergod, zoals die bijvoorbeeld weleens in NRC Handelsblad figureert. Dat godsbeeld heeft een functie: je kunt je er zo heerlijk verlicht bij voelen. Maar het Oude Testament is iets totaal anders. Het ademt engagement, het doet een beroep op je. Het is begaan met de armen en verdrukten.'

Om die reden gold de Amsterdamse School in de jaren zeventig onder behoudende theologen als 'de CPN in gebed'. Door het impliciete verwijt dat Deurloo zijn maatschappelijk engagement op de Bijbel projecteerde, heeft hij zich nooit aangesproken gevoeld. Hij heeft het Oude Testament, integendeel, als uitgangspunt genomen, en heeft zich - overeenkomstig het credo 'de tekst mag het zeggen' - naar de intenties van de auteurs gevoegd. Zijn vertalingen waren, in kerkelijk Nederlands, 'brontekstgetrouw'. Wat voor critici een eufemisme is voor 'onleesbaar Nederbreeuws'.

Deurloo erkent dat zijn bijbelvertalingen, anders dan de NBV van Noorda, 'enige uitleg' behoeven. Maar daardoor zijn ze in het liturgisch gebruik wel zo interessant, meent hij. 'Neem Genesis 23. De NBV volstaat met de zakelijke mededeling dat Sara op 127-jarige leeftijd kwam te overlijden. Punt. Maar in de brontekst wordt gezegd dat het leven van Sara zeven en twintig en honderd jaren besloeg. Daarmee heeft de auteur, heel kenmerkend voor Genesis, zijn ontzag tot uitdrukking willen brengen. Daarvan moet je je als vertaler bewust zijn.'

Ook in zijn datering van het Oude Testament neemt de Amsterdamse School een afwijkend standpunt in. 'Wij denken dat het Oude Testament pas na de Babylonische ballingschap in een betrekkelijk korte tijd door een soort schrijverscollectief is geschreven in een poging de identiteit van het joodse volk te definiëren. Onze collega's van de Kopenhaagse School maken het nog bonter. Zij situeren het Oude Testament in de Hellenistische tijd. Maar dat lijkt me toch een beetje laat.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden