INTERVIEW

'Bij twee uur varen moet het twee uur goed zijn'

Als eerste windsurfer kan Dorian van Rijsselberghe voor de tweede keer goud winnen. De kleurrijkste olympiër van Nederland lijkt nonchalant, maar is bloedfanatiek. 'Bij twee uur varen moet het twee uur goed zijn.'

Dorian van Rijsselberghe Beeld Klaas Jan van der Weij

Zijn gouden olympische medaille hing een jaar geleden nog aan een verwarmingsbuis in de keuken van zijn ouderlijk huis op Texel. Tot Dorian van Rijsselberghe (27) besloot dat het handiger is de plak mee de wereld over te nemen. De Amerikaanse douane neemt niet altijd voetstoots aan dat hij windsurfer is. Dat hij in Amerika een vrouw en dochter heeft en zelf officieel in Nederland woont, snappen ze ook niet overal.

In Rio de Janeiro kan Van Rijsselberghe volgende week zondag als eerste windsurfer in de geschiedenis voor de tweede keer olympisch kampioen worden. Veel is veranderd sinds hij op het water van Weymouth naar het goud voer. Hoe anders was zijn leven vier jaar geleden? Van Rijsselberghe schatert: 'Als je even niet uitkijkt heb je een dochter.'

In 2012 was hij nog vrijgezel, woonde hij bij zijn ouders op Texel en had hij niet eens de verantwoordelijkheid over een huisdier. Nu is hij getrouwd, deelt hij een huis in Amerika en heeft hij een dochter van bijna anderhalf. 'Huisje, boompje, beestje! Hoewel, beestje? Ja, eigenlijk wel. Mijn dochter is een beest!'

Laidback

Hij is de kleurrijkste olympiër van het Nederlandse team, nonchalant en laidback. In een soort clownspak verscheen hij eind 2012 op het jaarlijkse sportgala van NOC*NSF, als kanshebber op de titel sportman van het jaar. Er gaat geen dag voorbij zonder dat hij minstens vijf keer een gekke bek heeft getrokken.

Als hij een wielrenner mocht zijn, was hij Peter Sagan. 'Die is ook net even anders. Die hou je wel in de gaten.' Bij de gedachte aan Sagan die in de billen knijpt van een rondemiss begint Van Rijsselberghe hard te lachen. En als hij kon kiezen tussen een leven als een groot sportman of een bekende rockster, dan toch liever het laatste. 'Als je kijkt naar mensen die vol gas gaan, die geleefd hebben, dan zijn zij het. Geweldig.'

Als kinderen hem om een handtekening vragen, antwoordt hij dat ze dat vijf euro kost. Vervolgens lacht hij, zet hij natuurlijk zijn krabbel en geeft hij het kind een aai over de bol toe. 'Ik vind het leuk om een beetje te choqueren. Het hoeft niet altijd zoals iedereen zegt dat het moet. Anders kan ook succesvol zijn.'

Is het gespreksonderwerp te lang serieus? Dan spreekt Van Rijsselberghe een woord net even op een andere toon uit. Altijd maar ontregelen. Het grappen maken heeft hij van zijn vader. Vraag Marc van Rijsselberghe hoe de geboren en getogen Rotterdammer ooit op Texel belandde en hij vertelt bekenden en onbekenden: 'Er kwam geld vrij van een erfenis en mijn moeder zei: wat wil je? De wereld rond met een gek wijf of een huis kopen?'

Het werd het huis op Texel. 'En dat gekke wijf kwam later alsnog', zegt hij, over de moeder van de olympisch surfkampioen.

Waar Van Rijsselberghe ook is, hij kan niet zonder contact met het thuisfront. Zeker eens per dag spreekt hij zijn familie, hoewel hij de afgelopen jaren vier vaste verblijfplaatsen had: Texel, Laguna, in Los Angeles waar zijn Canadese vrouw haar bedrijf heeft, Nieuw-Zeeland, het land van zijn coach Aaron McIntosh en de olympische baai in Rio, waar hij zich voorbereidde op de Spelen die voor hem maandag beginnen. Zijn uitleg: 'Je moet de Yoda van Star Wars zijn, de superweet-ik-veel-wat die alles kan. De wijze oude man, die zoveel ervaring heeft dat hij met alle omstandigheden kan omgaan.'

Beeld EPA

Zijn dochter, zegt hij, is 'nu net een ventje dat alles kort en klein slaat, rent en stenen likt'. Hij ziet haar vaker via Facetime dan in het echt - dat lukt hem ongeveer elke drie weken. Als ze iets nieuws leert, is de kans groot dat haar vader het heeft gemist. Al groeit hij dankzij Facetime een beetje mee.

'Weet je wat het is: als je de hele tijd denkt dat je dingen mist, heb je de verkeerde keuze gemaakt. Moet je lekker thuis oppas gaan spelen. Ik heb het geaccepteerd.' Hetzelfde doet hij, zij het schoorvoetend, met de Mexicaanse nanny die strikken in het haar van zijn dochter doet. 'Verschrikkelijk.'

Zijn vader vindt hem beter in balans dan vier jaar geleden. Dat klopt, geeft Van Rijsselberghe toe, maar niet voordat hij eerst een gekke bek heeft getrokken. Dan weer serieus: focussen lukt hem makkelijker, hij heeft zichzelf ook beter in de hand. 'Mede door de commotie om mijn gebroken pols een jaar geleden. Dat je ziet: fuck, ik moet nu toch alles op alles zetten om aansluiting te houden en een stap vooruit te maken.'

Met zijn gouden medaille van de Spelen in Londen. Beeld anp

Het leven lijkt soms voor Van Rijsselberghe één grote grap, maar het tegenovergestelde is waar. 'Ik heb er een hekel aan mijn tijd te verdoen. Ga echt niet lopen kloten op het water. Bij twee uur varen moet het twee uur goed zijn, die druk leg ik mezelf en de rest van de groep op.'

Wat hem als surfer zo goed maakt? Hij weet wat hij wil. 'En Dorian kent de wind', zegt zijn vier jaar oudere broer Adriaan, ook een verdienstelijk windsurfer. Wanneer Adriaan nieuw materiaal wil testen, laat hij dat het liefst door zijn jongere broer doen. Het maakt niet uit waarmee hij vaart, Dorian weet er altijd het maximale uit te halen. Weet Adriaan meteen of hij goed spul in huis heeft.

Een kenner van de wind? Van Rijsselberghe moet er hard om lachen. 'Soms snap ik de wind heel goed. En soms snap ik de wind helemaal niet.'

Hij vertelt over een trainingsrace in Rio met teamgenoten in mei. Hij lag goed, ging overstag, deed precies wat hij moest doen. En plots lag hij stil. Een windwak. 'Ik keek om me heen en de moed zakte me in de blote voeten. De rest zag ik voorbij fluiten, zelf stond ik met mijn handen in de lucht te vloeken en te tieren.'

Normaal gesproken heeft zijn coach commentaar. Nu zei hij: 'Ik zou het ook niet weten.' Ja, daar kan ik niks mee, dacht Van Rijsselberghe. Maar dat is Rio. Daar kan de wind ineens oplossen. Komt door de Suikerbroodberg en de flatgebouwen. 'Best wel tricky.'

Het water en de wind in de olympische stad houden net zoveel van ontregelen als hij. Bij 20 procent van zijn trainingen in Rio dacht hij de afgelopen jaren: ik heb er de ballen verstand van, ik moet stoppen. Vier jaar geleden kon hij in Weymouth juist 'met twee vingers in de neus die baan rondkomen'.

Beeld anp

De meeste van de olympische races lag hij vanaf start tot finish vooraan. 'Een droomscenario natuurlijk, nu is dat niet reëel.' Daarvoor zijn de omstandigheden in Rio te lastig. Bovendien hebben veel concurrenten zijn kunstje gekopieerd en zijn ze op de olympische locatie gaan trainen. Vier jaar geleden deden alleen Van Rijsselberghe en zijn Britse concurrent Nick Dempsey dat in Weymouth.

Zondag maakte Van Rijsselberghe een filmpje van het kaalscheren van zijn hoofd. Niet uit bijgeloof - vier jaar geleden had hij hetzelfde kapsel -, maar de windsurfer vergelijkt het met het gevoel van een muts en een zonnebril op het hoofd. 'Dan ben je op een bepaalde manier geblokkeerd, toch? Alsof je afgezonderd bent van de wereld?' Nou, dat gevoel kan Van Rijsselberghe ook hebben met zijn haar: is het langer, dan voelt hij zich slomer. 'Ik wil de wind voelen. Prikkels binnenkrijgen. Zo kan ik beter opletten.'

Zijn moeder noemt hem een slapende leeuw en Van Rijsselberghe kan zich wel vinden in die karakterisering. Relaxen tot het moment daar is. Dan staat hij er. Zijn coach noemt zijn laidback-houding een hogere vorm van efficiëntie.

Over zijn toekomst na Rio wil Van Rijsselberghe zich pas na de Spelen uitspreken. Als het meezit kan hij dan de wereld rond met twee medailles op zak. Zoiets kan van pas komen, merkte de windsurfer toen hij laatst een 'heel aardige meneer' tegenkwam voor een vlucht van Los Angeles naar Amsterdam.

De man werkte als douanier en het vliegtuig was al vertraagd toen Van Rijsselberghe als laatste in de rij kwam aangesjokt. Teenslippers over zijn sokken, joggingbroek, petje op. 'Je zou 'm een kwartje geven', aldus de windsurfer over zichzelf. En ja hoor, natuurlijk dwong die aardige meneer hem te stoppen.

Een spervuur aan afgemeten vragen volgde. Wat hij moest, waar hij woonde, wat hij was. 'Olympisch windsurfer, meneer.' De blik die hij als antwoord kreeg, gaf weinig hoop op een snelle uitkomst: ja, ja, dat kan iedereen zeggen. Een telefoontje volgde: de koffers van de windsurfer moesten uit het vliegtuig en worden onderzocht. 'En laat ook meteen je rugzak zien', kreeg hij medegedeeld. Een stewardess schoot door de tijdnood in de stress.

Niet dat Van Rijsselberghe zich druk maakte. Bij machtsvertoon moet je net hem hebben: 'Prima joh, ga jij toch lekker door die tas. Is het erg als ik een slok water neem?' Hij keek toe. Tot hij medelijden kreeg met de stewardess en zich tot de douanier richtte: 'Beste man, als u in dat vakje kijkt, ziet u een olympische medaille.'

Onverstoorbaar bleef de man eerst alle andere vakken van zijn tas inspecteren. Na een paar minuten was er nog maar een vak over. De douanier trok de gouden medaille van Londen 2012 eruit, keek er even naar en stopte het ding zwijgend terug.

De koffers van Van Rijsselberghe hoefden het ruim niet meer uit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden