Nieuws Treinkaping

Bij onvoldoende bewijs wil Zegveld Dries van Agt horen als getuige in treinkapingszaak

Advocaat Liesbeth Zegveld wil in de treinkapingszaak oud-minister van Justitie Dries van Agt horen, als het tot dusver ingebrachte bewijs niet voldoende overtuigt dat treinkapers in 1977 onrechtmatig zijn geëxecuteerd. Ook moeten de betrokken commandanten van destijds dan komen getuigen, stelt Zegveld op basis van nieuwe getuigenissen.

Liesbeth Zegveld (rechts) komt met haar team aan bij de rechtbank in Den Haag. De man in het midden is cliënt Chris Uktolseja, een van de nabestaanden van de Molukse treinkapers. Beeld Raymond Rutting/de Volkskrant

Dit bleek dinsdag tijdens Zegvelds pleidooi in dit civiele proces, dat gaat over de vraag of Molukse treinkapers in 1977 in strijd met internationale verdragen zijn doodgeschoten terwijl ze ongewapend en zwaargewond waren.

Volgens nieuwe getuigen was er een geweldsinstructie van staatswege die stelde dat het maken van krijgsgevangenen ongewenst was. Zo verklaart de zoon van oud-directeur-generaal De Graaf van Binnenlandse Zaken, die ten tijde van de kaping deel uitmaakte van het overheidscrisisteam, dat zijn vader te horen kreeg van de commandant dat de bevrijdingsactie ‘niet helemaal geslaagd’ was, ‘want de kapers hadden allemaal dood gemoeten’.

Ook drie nieuwe getuigen stellen dat een commandant verklaarde dat geen krijgsgevangenen mochten worden gemaakt. Die bewering wordt volgens de advocaat bevestigd door een document van de Britse geheime dienst (de Britten werkten met de Nederlandse militairen samen) dat ‘de mariniers zo veel mogelijk kapers moesten doden, om juridische problemen achteraf te voorkomen’. Ook wilde de overheid, zegt Zegveld, voorkomen dat de kapingsleider en de vrouwelijke kaper in een proces als martelaren zouden worden vereerd.

Tot dusver stoelde Zegveld haar stelling dat mariniers – in opdracht van de staat – onrechtmatig kapers doodschoten op autopsierapporten, geluidsbanden, getuigenissen van verhoorde mariniers en het technisch rapport naar kogels en kogelbanen. ‘Wij zijn ervan overtuigd dat het handelen van de mariniers is ingebed in een goedvinden van de staat’, aldus de advocaat. De aanklacht van nabestaanden is dan ook niet gericht tegen de mariniers die de trein moesten ontzetten, maar tegen de Nederlandse staat.

Landsadvocaat Bert-Jan Houtzagers vindt dat Zegveld, door nog meer getuigen van hoger niveau te willen horen, van dit proces ‘een circus maakt om nog meer onrust te zaaien’. Zegvelds opmerking dat oud-minister van Justitie Van Agt onder ede moet komen verklaren ‘hoewel hij wel vaker in dit dossier heeft gelogen’, noemt de landsadvocaat een stoot onder de gordel.

Volgens Houtzagers hebben alle nieuwe getuigen hun informatie van horen zeggen, en niet van de commandanten zelf. Zegveld bestrijdt dat.

De rechtbank neemt op 25 juli een besluit: hetzij een eindoordeel, hetzij een tussenvonnis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.