Bij de perfecte imitatie moeten mensen denken: dat trekje viel me nooit op, maar nu zie ik het ook

Net dat trekje vinden dat iemand herkenbaar maakt en zo commentaar leveren. Acteur Owen Schumacher over hoe hij dat aanpakt.

Beeld Jérôme Schlomoff

'Iedereen vindt het leuk als mensen met een hoge status onderuit worden gehaald. Dat is ook leuk om te doen. Mijn imitaties zijn vooral karikaturen, het doel is een kenmerk zo sterk uitvergroten dat anderen nooit meer hetzelfde naar iemand kunnen kijken. Ze moeten denken: dat trekje viel me nooit op, maar nu zie ik het ook. Daarnaast probeer ik onderliggende drijfveren bloot te leggen, zoals ijdelheid of ambitie. Door dat niet te benoemen maar te laten zien, hoop ik dat mensen het herkennen.

'Neem mijn eerste imitatie voor Kopspijkers, van Frank de Grave, die toen minister van Defensie was. We bedachten: Nederland is een land dat mee wil doen met de grote jongens maar niet helemaal serieus wordt genomen. Laten we van hem zo'n jochie maken dat heel erg probeert erbij te horen op het schoolplein. Hij was heel enthousiast en praatte vol bewondering over Colin Powell en wat die allemaal tegen hem zei. Om het extra aan te zetten gaven we hem een glaasje sinas met een rietje. Mensen herkenden het beeld dat we schetsten, dat maakte het grappig. In die zin zijn imitaties gespeelde spotprenten.

'De voorbereiding bestaat vooral uit filmpjes kijken en meepraten, zoekend naar de intonatie, het woordgebruik, dat typerende maniertje dat ik kan uitvergroten. Tegenwoordig is online veel te vinden, maar toen we begonnen met Kopspijkers moesten we videobanden aanvragen. Dan kreeg je een paar fragmentjes en daar moest je het maar uit halen.

Owen Schumacher

Owen Schumacher (1967) is acteur, komediant, presentator en tekstschrijver. Hij deed imitaties van bekende Nederlanders voor televisieprogramma's als Koefnoen en Kopspijkers - waarvoor hij het format met imitaties als gast aan tafel bij Jack Spijkerman bedacht. In 2016 speelde hij Bart Chabot in Chez Brood, een musical over het leven van Herman Brood.

'Ik ben ontzettend afhankelijk van grimeurs en stylisten. Voor Koefnoen wilden we Willem Holleeder bij College Tour doen die vragen van BN'ers beantwoordt, zoals Jolande Sap die wil weten hoe je een organisatie runt waarin constant iemand een mes in je rug wil steken. Paul Groot en ik twijfelden de hele week wie hem nou moest spelen. We zagen er ook een beetje tegenop, je weet niet of zo'n man erom kan lachen en hij was toen op vrije voeten. Uiteindelijk kreeg ik een neus en een kin opgeplakt en jeetje, nooit gedacht dat ik daar zo op kon lijken. Dat is leuk hoor, je krijgt echt iets cadeau. Jezelf voor de spiegel zien transformeren is af en toe gewoon magisch. Als het lukt, geeft dat vleugels bij het spelen. Het werd een behoorlijk goed gelukte imitatie, al zeg ik het zelf.

'Een andere favoriet is mijn imitatie van Bart Chabot twee jaar geleden, in een stuk over Herman Brood dat Bart zelf had geschreven. Ik hoef alleen een bril op te zetten en een beetje Haags te praten en ik lijk er al op. Zelf zei Bart tijdens repetities telkens: 'Het mag wel een beetje minder, je maakt er toch weer een karikatuur van'. Toen kwamen zijn vrouw en zoon kijken bij de première. Zij zeiden: 'Maar pa, dat ben je wél'. Dat de directe familie je imitatie herkent is wel het fijnst mogelijke compliment.'

Beeld Jérôme Schlomoff
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden