Bij ASML is crisis een woord uit een ver verleden

De kredietcrisis hakte er flink in bij de maker van chipmachines, maar inmiddels stromen de orders weer binnen. 'Wij zijn economisch van groter belang dan de Tweede Maasvlakte.'

'Consumentenelektronica is een basisbehoefte geworden.' Peter Wennink, financieel directeur van de Veldhovense chipmachinefabrikant ASML, stelt het vast met een combinatie van tevredenheid en verbazing. Tevredenheid omdat het 'zijn' bedrijf bijzonder voor de wind gaat door de bijna onstilbare honger van consumenten naar tabletcomputers, laptops, smartphones, mp3-spelers en andere huis-tuin-en-keukenelektronica. Vandaag presenteert ASML naar verwachting de beste jaarcijfers uit het 26-jarige bestaan van de onderneming.


Verbazing, omdat het ook voor hemzelf nog steeds een vrij nieuw inzicht is. Dat mensen hun elektronica in grote delen van de wereld vrijwel net zo belangrijk zijn gaan vinden als elementaire zaken als eten en een dak boven hun hoofd, is 'een van de de belangrijkste lessen' die Wennink heeft geleerd van de kredietcrisis.


Hij is als volgt tot die conclusie gekomen: uit de ongekend krachtige groei van de chipindustrie in de laatste twaalf maanden kun je opmaken dat chipfabrikanten tijdens de crisis veel te hard op de rem hebben getrapt, stelt Wennink. Ze deden dat volgens hem op basis van historische verbanden tussen recessies en terugval in de vraag.


'Van vorige economisch mindere periodes wisten ze dat de verkoop van telefoons ongeveer een kwart inzakt en die van computers tot zo'n 10 procent. De enorme inhaalvraag die we nu hebben, laat zien dat de consument dit keer veel minder heftig heeft gereageerd.' Dat laatste punt wordt ondersteund door bevindingen van onderzoeksbureau Gartner, dat stelde dat tijdens de crisis de computerverkopen zelfs met 6 procent stegen.


Chips zitten ook in veel meer apparaten dan vroeger en per apparaat zijn het er ook steeds meer geworden. 'Iedereen heeft tegenwoordig wel een TomTom, een laptop, een smartphone of een pc. In een iPad zit al 50 keer zoveel chiptechnologie als in je oude pc.'


Als zijn inzichten kloppen, zullen chipfabrikanten bij de volgende economische storm veel terughoudender ingrijpen, verwacht Wennink. 'Het blijft een cyclische industrie, maar de dalen zullen veel minder diep zijn.' Gevolg daarvan is ook dat Wennink de flexibele schil van tijdelijke werknemers kleiner zal maken ten opzichte van de vaste krachten dan het bedrijf tot nu toe deed.


Het grote en nog steeds toenemende belang van elektronica in huishoudens en op de zakelijke markt wereldwijd, heeft de mensen in Veldhoven veel zelfvertrouwen gegeven. 'Dit bedrijf heeft grotere toegevoegde waarde voor de Nederlandse economie dan de Tweede Maasvlakte', verwoordt Wennink dat geloof in eigen kunnen. Zijn werkkamer op de twintigste etage van het ASML-hoofdkantoor kijkt uit over de A2 en de A67 en in de verte de Kempense plassen. In de uithoeken van het eigen bedrijfsterrein worden de laatste onbenutte vierkante meters volgebouwd met nieuwe productiefaciliteiten. Ook in die fysieke uitbreiding toont zich het geloof in de eigen toekomst.


'Dit bedrijf is een pure stimulans voor de Nederlandse economie', aldus de financieel directeur. Alleen de dure lenzen van Zeiss en de lasers voor zijn machines bestelt ASML in het buitenland. Vrijwel alle overige onderdelen komen bij bedrijven uit de directe omgeving vandaan. 'Bijna alles wat we uitbesteden, komt ten goede aan de Nederlandse economie. Onze winst blijft grotendeels hier, onze uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling en de belasting die we betalen ook. Van een omzet van 4 miljard euro blijft meer dan de helft in eigen land.'


Het verschil met nog geen twee jaar geleden kon bijna niet groter zijn. In januari 2009 bezocht toenmalig minister Donner van Werkgelegenheid het bedrijf. Gestoken in de vereiste werkkleding (een dunne blauwe overal, witte handschoenen, blauw mutsje en witte plastic schoenen) laat hij zich door de cleanroom van ASML rondleiden. De aanleiding voor het bezoek is het feit dat bedrijf het eerste is in Nederland dat gebruik maakt van de door de minister ingevoerde regeling voor arbeidstijdverkorting. Donner wil zien hoe de maatregel in de praktijk uitpakt.


Hoe goed de crisismaatregel de chipmachinemaker uitkomt, blijkt tijdens de rondgang. Activiteiten waren er begin 2009 nauwelijks op de werkvloer; ASML had een groot deel van zijn werknemers tijdelijk naar huis gestuurd. In nog geen twee maanden tijd was de vraag naar chipmachines stilgevallen.


Sindsdien is de situatie radicaal veranderd. In de cleanroom van ASML lijkt het woord arbeidstijdverkorting nu een term uit een ver verleden. De vraag naar de machines die ASML maakt, is het afgelopen jaar geëxplodeerd. In elk hoekje van de inmiddels fors uitgebreide fabriekshal zijn werknemers druk met de productie van chipmachines. Zelfs collega's van de onderzoeks- en ontwikkelingsafdeling zijn ingeroosterd om te helpen bij de productie.


In krap twee jaar tijd is ASML van het diepste dal uit zijn geschiedenis opgeklommen naar de hoogste top. Tijdens de laatste piek, voor het uitbreken van de crisis in 2008, had het bedrijf wereldwijd 6,800 vaste werknemers in dienst en 1,500 flexibele krachten.


Als gevolg van de crash zag ASML zich genoodzaakt afscheid te nemen van 1,000 werknemers uit de laatste categorie, waarvan 700 in Nederland. Daarvan is inmiddels ruim de helft alweer terug. De andere helft heeft elders werk gevonden. Wereldwijd heeft de chipmachinefabrikant nu 9.500 man in dienst, waarvan 2.000 op tijdelijke contracten.


Paniek is er tijdens de crisis nooit geweest, zegt Wennink nu. Niet bij hem, en ook niet bij topman Eric Meurice. 'Natuurlijk was de klap enorm en hadden we een omzetdaling van die omvang nog niet meegemaakt. Maar sinds ik hier binnen kwam, heb ik al twee keer heel forse omzetdalingen meegemaakt, een in 1999 en een in 2002.'


Hij was er, met andere woorden, wel aan gewend in een industrie te werken die tot dan toe gekenmerkt werd door de afwisseling van hoge pieken en diepe dalen. Consumenten kopen nu eenmaal minder elektronica in economisch mindere tijden, luidde op dat moment de algemene branchewijsheid.


Niettemin meldde het bedrijf zich direct bij Donner voor de arbeidstijdverkorting. Een illustratie van het feit dat de problemen dit keer groter waren dan waarmee rekening was gehouden.


Wennink behield de rust dankzij een les die hij van een van zijn leermeesters had onthouden. 'Hij leerde mij dat je altijd geld moet binnenhalen op het moment dat het goedkoop is. Als je het gaat zoeken als je het nodig hebt, is het nooit te vinden, of het is heel duur.'


Vanuit die gedachte voerde Wennink in 2007 een volledige herfinanciering door in het bedrijf. 'Eric en ik zeiden tegen elkaar: het geld is nog nooit zo goedkoop geweest. Toen hebben we de hele boel opnieuw gefinancierd tot 2017.'


Dankzij dit kapitaal kon ASML blijven investeren in onderzoek, in tegenstelling tot concurrenten zoals Nikon en Canon. 'Net als in de jaren daarvoor hebben we daar in 2009 500 miljoen euro aan uitgegeven.'


Na het topjaar 2010 en met de wetenschap dat elektronica steeds belangrijker wordt, is Wennink dan ook bijzonder optimistisch over de komende jaren. De groei in opkomende markten biedt het Veldhovense bedrijf ook al een wenkend perspectief. 'De vraag naar elektronica in landen als China zal per hoofd van de bevolking van 22 dollar per jaar in 2008 groeien naar 45 dollar in 2013', aldus Wennink.


Het is een zekerheid dat zijn bedrijf gaat profiteren van die groei. Van de totale omzet in de lithografiemarkt had ASML in 2010 77,8 procent in handen, schatte analist Robert Castellano van Information Network vorige week. In 2009 was dat nog 61,2 procent. De twee overgebleven concurrenten van enig formaat zijn Nikon en Canon.


Die consolidatiegolf is ook onder chipfabrikanten, de klanten van ASML, nog niet ten einde. Dit komt onder meer doordat investeringen in nieuwe ontwikkeling in deze industrie enorm kostbaar zijn. Van de dertien partijen die in 2007 nog zogenaamde DRAM-chips produceerden, zijn er maar vier over, waarvan Samsung de grootste is. Ook het aantal partijen dat NAND-flashchips produceert, is hard teruggelopen. Voor Logicchips zal de consolidatie vooral de komende jaren gebeuren, denkt Wennink. 'Er zijn steeds minder partijen die de chips nog zelf maken. Bedrijven als Apple, Texas Instruments en NXP ontwerpen de chips nog zelf, maar besteden de productie uit.'


Voor ASML zal het de komende jaren een veel overzichtelijker speelveld opleveren met veel minder, maar grotere klanten, die overigens allemaal in het buitenland zitten. 'Honderd procent van wat het bedrijf maakt, wordt naar het buitenland geëxporteerd', vertelt de financieel directeur. 'Daarvan gaat 95 procent naar Azië en de VS.'


Is die export geen goede reden om zelf ook te verhuizen naar het buitenland? Nog voordat de vraag volledig is gesteld, antwoordt Wennink met een resoluut nee. 'Wij hebben een zeer bewuste keuze gemaakt voor Nederland. De infrastructuur, de kennisindustrie en de toeleveranciers zijn allemaal van hoge kwaliteit. De fijnmechanica die we in Nederland maken, is van wereldklasse.'


Wennink en bestuursvoorzitter Meurice mogen geen plannen hebben Nederland te verlaten, dat wil niet zeggen dat er geen ruimte is voor verbeteringen. Vooral de manier waarop Den Haag omgaat - of beter: niet omgaat - met zijn bedrijf, stoort Wennink. 'Brainport is na de havens en de luchthaven de belangrijkste economische regio in Nederland. Als je dat weet, is het onbegrijpelijk dat daar geen gericht beleid voor is. Wij zouden hier net zulk gefocust industriebeleid moeten voeren als ze in Azië doen. Maar er worden geen keuzes gemaakt.'


'Brainport' zou wat Wennink betreft verder moeten worden uitgebreid. 'Laat bedrijven virtueel onderdeel worden van Brainport als ze een bepaald percentage van hun omzet aan research en development in de regio uitgeven en minstens een bepaald aantal mensen in de regio werk verschaffen. Geef ze in ruil daarvoor een accountmanager bij de overheid, die hen helpt met bouwvergunningen, arbeidsvergunningen, dat soort zaken. In Singapore is dat het eerste wat ze doen, als je als bedrijf binnenkomt.'


Ook als dat gerichte industriebeleid uitblijft, zal ASML in Nederland blijven, verzekert Wennink. Voor het onderzoek heeft het bedrijf nu eenmaal de kennis nodig die hier aanwezig is. En het uit elkaar halen van ontwikkeling en productie is het domste wat je kunt doen, vindt de financieel topman. 'De baas van de ontwikkelingsafdeling is de grootste vijand van de baas van de fabriek, want de eerste bedenkt altijd allemaal dingen die helemaal niet gemaakt kunnen worden. Daarom moet je die twee bij elkaar houden.'


Dat devies neemt het bedrijf dezer dagen wel erg serieus, nu het dus de ontwikkelaars en onderzoekers laat meewerken aan de productie.


Op de werkvloer staan overal kleine groepjes mannen in blauwe pakken rond de nieuwste apparaten. Slechts bij hoge uitzondering zie je een vrouw. Trots laat Rob van Vliet van ASML de nieuwste NXT-scanner zien. In een ruimte achter hem staan zes manshoge lenzen op pallets te wachten op installatie. Ze zien eruit als de lenzen van een spiegelreflexcamera, maar dan twintig tot dertig keer zo groot.


Aan het eind van de gang is de nieuwbouw van de extra productieruimte in volle gang. De heipalen voor de fundering worden niet de grond in geheid, maar geboord. Trillingen die met heiwerk gepaard gaan, gaan niet samen met het precisiewerk dat op de aanpalende werkvloer wordt uitgevoerd.


'De nieuwe fabriek wordt nóg schoner en nóg ruimer', zegt Van Vliet trots. 'Op die manier kunnen we nog grotere machines maken en in de schoonst denkbare omgeving.' Deze zogenoemde EUV-machines zullen pas in 2012 massaal toegepast worden door de markt, weet Van Vliet. 'Tot die tijd kunnen we samen met klanten die prototypes hebben staan, de kinderziektes eruit halen.'


Tot dat moment komt de omzet vooral uit de verkoophit van dit moment, de Twinscan NXT-1950. Als de voortekenen niet bedriegen, zal de verkoop van met name deze machine ASML voor 2010 helpen aan een 10 tot 15 procent hogere omzet dan in het recordjaar 2007.


Het jaar voor de crisis werd afgesloten met een omzet van 3,8 miljard euro. Voor 2010 zal deze uitkomen rond de 4,3 miljard euro. Van Vliet: 'Je kunt wel zeggen dat de crisis voor ons voorbij is'.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden