Column

Bij antropologen leiden dubieuze bronnen moeiteloos tot conclusies

Het werd het pikante slot van een toch al pikant drieluik over de zogeheten 'cyberjihad' - de virtuele pogingen van Nederlandse jihadsympathisanten om zieltjes te winnen voor de zaak.

IS-strijders met de vlag van het kalifaat. Beeld afp

Dinsdag publiceerde Andreas Kouwenhoven in NRC Handelsblad een portret van Aysha Navest, tot voor kort als junior onderzoekster verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. (Uw krant schreef er woensdag over.) Deze 'toegewijde moslima' chatte uitvoerig met 22 Belgische en Nederlandse geloofsgenotes die ooit besloten af te reizen naar het kalifaat. Met jonge vrouwen, kortom, die wilden leven onder een van de gruwelijkste en moorddadigste regimes die de mensheid op dit moment kent.

Haar 'verkennend' onderzoek - onder auspiciën van hoogleraar hedendaagse moslimsamenlevingen Annelies Moors en van cultureel antropoloog Martijn de Koning - leidde in april 2016 tot een artikel in het tijdschrift Anthropology Today. Belangrijkste bevindingen: de betrokken vrouwen kozen bij hun volle verstand voor de islamitische heilstaat, ze verlangen heus niet om mee te doen aan de strijd noch om anderen daartoe aan te zetten, maar zien zichzelf als 'responsible for domestic life and attempt to normalize life under IS rule'.

De NRC-redacteur onthulde dat de onderzoekster zich op internetfora onder pseudoniem profileert als hardcore fan van het kalifaat. Als dat klopt, zou dat inderdaad niet mals zijn. Schokkender evenwel vond ik het inkijkje dat hij bood in het antropologisch wetenschapsbedrijf.

Zo bleek het geen punt dat de vrouwen alleen wilden meedoen aan de sessies als ze hun ware naam geheim mochten houden - óók voor de junior onderzoekster zelf. In een reactie op de publicatie in de NRC verdedigde hoogleraar Moors de werkwijze met verve. Dat zelfs zij en medebegeleider De Koning de identiteit van de 22 respondentes niet kenden, had volgens haar te maken met 'ethische codes' - het stond er echt. Anders dan journalisten, legde ze geduldig uit, kennen antropologen geen 'wettelijk recht' op bronbescherming.

Dat is juist. Maar geen fatsoenlijke journalist zal genoegen nemen met een fake-identiteit. Zo kun je immers belazerd worden waar je bijstaat. Zwicht je al voor de eis van een geïnterviewde om een valse naam te gebruiken, dan mag dat alleen als de hoofdredactie mét jou weet wie er werkelijk achter schuilgaat.

Terzijde: het ontbreken van wettelijke bronbescherming is een overweging waarvan De Koning voorheen niet wakker lag. In september 2015 weigerde hij bij de rechtbank in Amsterdam de identiteit te onthullen van sommige hem bekende jihadsympathisanten omdat hij 'tot bepaalde kringen' toegang had gekregen 'op voorwaarde van anonimiteit van zijn contacten'. De Koning kwam ermee weg. En dan zou nu ineens het gebrek aan bronbescherming een onoverkomelijk probleem zijn?

Is dit alles al van een grote treurigheid, nog treuriger vind ik dat onder antropologen dubieuze bronnen blijkbaar moeiteloos kunnen leiden tot harde conclusies. In haar repliek herhaalde Moors doodleuk dat de betreffende uitreizigsters 'veelal (...) geen militante activisten' zijn. 'Ze houden zich voornamelijk met de zorg voor man en kinderen bezig, en nemen weinig deel aan andere activiteiten.'

Hoe weet de hooggeleerde dat zo zeker? En trouwens, zelfs als de moslima's tijdens de chatsessies de waarheid spraken, zelfs als ze zich uitsluitend zouden bezighouden met hun echtgenoot behagen, kinderen baren en koekjes bakken - dan nog gaat het niet aan ze af te schilderen als onschuldige lammetjes. Ze lijken sprekend op hun verre zusters die destijds in woord en daad sympathiseerden met de nazi's. Ook die zorgden heel braaf voor het huishouden, opdat de mannen hun vermoeiende uitroeiingswerkzaamheden konden volhouden.

Anders gezegd: wie willens en wetens verkiest te leven onder een genocidaal regime maakt zich medeplichtig aan de instandhouding ervan. Je hoeft geen bloed aan je handen te hebben om bloed aan je handen te hebben.

Geheel naar verwachting probeerde Moors in haar repliek ook nog even de NRC-redacteur in diskrediet te brengen. Als de boodschap je niet bevalt, nietwaar, is de boodschapper besmeuren de eerste reflex. Volgens haar had hij zich bezondigd aan 'een handelwijze die niet past bij een kwaliteitskrant'.

Ik zou zeggen: werp eens een blik in de spiegel, mevrouw. U ziet daar geen wetenschapper. U ziet daar een apologeet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden