Big brother van de winkelstraat

Voor Locatus heeft de Nederlandse winkelstraat niet veel geheimen. Maar steeds minder bedrijven willen voor die informatie betalen. Hopelijk bestaat er in het buitenland ook belangstelling voor een winkelatlas in Woerdense stijl. Door

Bedrijf

Locatus


Waar

Woerden


Sinds

2000


Aantal werknemers

24


Jaaromzet

3,3 miljoen euro


Ronald Dekker loopt door de Oosterdijk, een van de drukke winkelstraten van druilerig Sneek. Hij kijkt bij elke winkel naar binnen. Het is niet de koopwaar die hem interesseert, het zijn de winkels zelf. Bij elke zaak controleert Dekker of de gegevens nog kloppen met wat er in zijn computer staat. Hetzelfde doet hij bij cafés, restaurants, kapsalons en bankfilialen. Het is niet voor het eerst dat hij winkels hier inventariseert; Dekker komt al voor het elfde jaar achtereen in Sneek.


Meestal staat op de gevel nog dezelfde naam als vorig jaar, lijkt de afmeting die hij leest op het scherm van zijn handheld computer onveranderd en wordt er nog steeds hetzelfde verkocht. Bij Livera moet hij toch even naar binnen. 'De gegevens zijn nu vijf jaar oud. Dat is het maximum. Dus moet ik de zaak nu opnieuw opmeten.' De filiaalchef vindt het prima. Met zijn laserapparaatje meet Dekker snel lengte en breedte, telt de pashokjes erbij op, en constateert: 'Niets veranderd.'


Al twaalf jaar werkt Ronald Dekker voor Locatus, een bedrijf dat winkels inventariseert. Van alle 222 duizend verkooppunten in Nederland weet Locatus de branche en wat voor naam er op de gevel staat. Van elke winkel ook de oppervlakte. Van elke benzinepomp adres en merk. Wie wil weten hoeveel ramen er worden gebruikt voor prostitutie: vraag het Locatus. Hoe erg de leegstand is in Siddeburen: Locatus weet het.


Die enorme databank is het vervolg op een uit de hand gelopen adviespraktijk voor de detailhandel. Twee mannen - Baptist Brayé en Theo Makkink - stelden in de jaren tachtig en negentig regelmatig adviezen op voor gemeenten. Telkens moesten ze dan inventariseren wat voor winkels er waren. Op een gegeven moment besloten ze die gegevens te bewaren en te ordenen, en langzaam groeide de databank. De supermarkten besloten collectief hun gegevens af te staan in ruil voor een complete supermarktatlas van Nederland.


Nadat in 2001 Locatus werd verzelfstandigd, werd de databank compleet gemaakt. En nu is het bedrijf het enige in Nederland dat weet welk merk bier wordt geschonken in welk café. 'Want dat wilde InBev wel weten', zegt directeur Peter Nieland. 'En we zijn in gesprek met Heineken.' Beide brouwersconcerns zijn verwikkeld in een harde strijd om de gunsten van cafés, en hebben er groot belang bij overal mogelijke prooien te vinden.


Ook de strijd tussen supermarkten levert Locatus klanten op. 'Toen C1000 vorig jaar zou worden verkocht, wilde een aantal supermarktconcerns alles weten over die winkels. Daardoor hebben we goed verkocht, aan verscheidene partijen.' Grinnikend: 'Overigens niet aan de uiteindelijke winnaar, Jumbo. Die jongens doen alles op hun eigen gevoel.'


Locatus' grootste klanten zitten in de vastgoedhoek: projectontwikkelaars, vastgoedbeheerders, beleggers. Die willen voor ze ergens geld in steken, heel veel weten. Welke branches groeien, welke krimpen? Zitten er veel kledingketens in de buurt? Hoeveel staat er leeg? Wat is een effectieve mix van winkels?


Locatus inventariseert niet alleen de winkels, maar telt ook de passanten in de belangrijkste winkelgebieden. Dus dat het overal rustiger is geworden sinds men zich via het web oriënteert alvorens te gaan shoppen, dat viel Locatus als eerste op. En zo weet Locatus ook hoeveel mensen in Sneek langs de HEMA komen, en welk deel daarvan ook langs Blokker komt, zestig meter verderop aan de Oosterdijk.


In 2006 besloot Locatus zijn activiteiten uit te breiden naar België. In twee jaar werd het complete Belgische winkelbestand in kaart gebracht - tot vreugde van opnemers zoals Ronald Dekker, want dat betekende een paar keer een week België.


Het leverde interessante kennis op, zoals de ontkrachting van de mythe dat Nederland zo dichtbewinkeld is: België heeft met aanzienlijk minder inwoners bijna evenveel winkels. En we weten nu dat Belgen andere winkels hebben, zoals gespecialiseerde diepvrieswinkels.


Tot nu toe wilde in België vrijwel niemand voor deze wetenswaardigheden betalen. Maar daarin is dit weekend verandering gekomen. Gerard Zandbergen, sinds 2007 eigenaar van Locatus en nu de man die de internationale expansie voor zijn rekening neemt, heeft een contract gesloten met de Vlaamse overheid. 'Het gaat om een meerjarig contract waarmee die in één klap onze grootste klant is geworden.'


Vlaanderen wil dat alle verkooppunten elk jaar worden geïnventariseerd, intensiever nog dan in Nederland gebeurt. Zandbergen: 'Ze willen iets doen aan die winkels die opduiken langs die wegdorpen, die willen ze meer in centra hebben. En ze willen sneller kunnen ingrijpen bij leegstand.'


Ook met een verdere internationalisering is een begin gemaakt. De afgelopen jaren trokken de Locatus-opnemers regelmatig de grote steden van Europa in, weer tot vreugde van Ronald Dekker die dagenlang Valencia, Madrid, Barcelona en enkele Britse steden mocht doorkruisen.


In Duitsland lijkt dat vrucht te dragen. Zandbergen: 'Daar is interesse van vijf grote partijen. Maar dan moeten we het groter aanpakken. We hebben nu alleen enkele stadscentra geïnventariseerd, maar zij willen hele stadsregio's in beeld gebracht hebben.' Om die investering te kunnen doen, moet er wel een hechte samenwerking worden gesmeed met die vijf 'launching customers'. Zandbergen denkt dat daarover volgend jaar duidelijkheid komt.


Die nieuwe perspectieven zijn hard nodig, want de crisis heeft flink huisgehouden. Locatus' belangrijkste klanten zitten in zwaar getroffen sectoren: vastgoed en detailhandel. Directeur Nieland: 'En dan wordt het Hoofdbedrijfschap Detailhandel ook nog opgeheven - een van onze grote klanten.'


Afgelopen jaar moest Nieland al eenderde van zijn 36 medewerkers ontslaan. En de kosten moeten verder omlaag. Nu nog wordt werkelijk overal gespeurd naar winkels. Ronald Dekker kent daardoor zelfs de meest afgelegen hoek in zijn rayon, de noordelijke provincies, op zijn duimpje. Maar dat speuren in afgelegen gebieden is duur, en er zijn geen partijen die ervoor willen betalen.


Nieland overweegt daarom ermee te stoppen. Een lastige beslissing, want het is niet altijd te voorspellen waar de belangstelling van klanten vandaan komt. 'We hebben een keer een proefproject gedaan met de Belastingdienst. Die had wel interesse. Als winkels worden opgeheven, moet er met de belasting worden afgerekend. Op zo'n moment zegt de winkeleigenaar altijd dat het een rotwinkel was. Maar met onze gegevens kunnen ze kijken of dat inderdaad zo was.'


Dankzij Locatus' gegevens deed de fiscus een mooie vangst: in de databank zat warempel een coffeeshop die niet bekend was bij de fiscus. 'Ze zeiden: die databank van jullie, die is echt goed. Maar we hebben er geen budget voor.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden