INTERVIEW

'Bezwerende' gitaarmuziek uit de Afrikaanse woestijn

De Nigerse toeareggitarist Bombino slecht de grenzen tussen wereldmuziek, blues en pop. Zijn muziek, vrijdag te beluisteren op het Best Kept Secret-festival, wordt op handen gedragen door bands als The Black Keys. Wat maakt zijn muziek zo meeslepend en hip?

Omara Moctar, 'Bombino' Beeld Marije Kuiper

Het regent en het is koud in Parijs. Omara Moctar (36), beter bekend als Bombino, gitarist en zanger van de gelijknamige band uit Niger, heeft een deken om zijn kobaltblauwe gewaad geslagen. Vooral zijn voeten zijn koud, hij is net aangekomen uit Niamey, de hoofdstad van Niger, en daar was het zo warm dat hij even niet aan ander schoeisel dan sandalen dacht.

'Op dit soort dagen verbaas ik me er extra over dat Afrikanen met zulke enorme aantallen naar Parijs komen, op zoek naar een beter leven. De kou in de lucht zit ook in de mensen hier. We zijn niet echt welkom. Ja, om muziek te maken of ander amusement te bieden, maar daarna moeten we weer snel voortmaken. Als ik mijn broeders zo over straat zie slenteren, denk ik echt: wat zoeken ze hier? Ik heb ook veel armoede gekend, honger zelfs. Maar ik kan me niet voorstellen dat je er thuis zo slecht aan toe bent dat je hierheen komt.'

Voor Bombino is thuis een rekbaar begrip. Hij behoort tot de Toeareg, een Berberstam uit de Sahara in Noordwest-Afrika, die zich de afgelopen eeuwen, vaak noodgedwongen, verspreidde over Niger, Mali, Tsjaad en Libië. Toen hij 10 was, woonde Omara Moctar met zijn familie in Tidene, 80 kilometer van de grote stad Agadez vandaan, toen hij op de vlucht moest voor regeringstroepen die de Toeareg vijandig gezind waren.

Hij belandde in Algerije, waar hij voor het eerst een gitaar zag. 'Ik raakte volledig door het instrument gebiologeerd', zegt hij. 'Een oom leerde me spelen. In plaats van naar school gaan, verstopte ik me en ging zoveel mogelijk oefenen. Mijn oma wist het, maar stond het gitaarspelen toch toe. Daar leerde ik meer van, vond ze. En daar ben ik haar nog altijd dankbaar voor.'

Invloeden

Toen het in 1995 weer veilig was, ging hij - mét gitaar - terug naar Agadez. Hij raakte verslingerd aan cassettebandjes van Jimi Hendrix en Dire Straits die hij van familieleden kreeg toegespeeld, en zocht aansluiting bij andere, oudere muzikanten. Die gaven hem de bijnaam Bombino, een verbastering van het Italiaanse bambino (jongetje).

Hij maakte zich snel een stijl eigen waarin invloeden van zowel Hendrix, Santana en Mark Knopfler te horen waren. Ook Ibrahim Ag Alhabib was een groot voorbeeld, de charismatische, Bob Marley-achtige voorman van de legendarische, Grammy-winnende Malinese Toearegband Tinariwen, die een erg gitaargedreven geluid heeft.

'Daar keken we echt tegenop. Een Toeareggroep die ook in het buitenland kon spelen. Ik begon te beseffendat je met gitaar spelen een leven kon opbouwen en er misschien wel de wereld mee over kon.'

Moctars buitengewone talenten blijven niet onopgemerkt. In 2007 ontmoet hij in Burkina Faso documentairemaker Ron Wyman, die hem aanbiedt een echt album te financieren, als dank voor geleverde documentairebijdragen. Die plaat, Agadez (2011), wordt internationaal opgepikt. Er is bewondering voor de unieke muziekstijl, vooral voor het vingervlugge spel van Bombino: kleine, speels getokkelde motiefjes die, veelvuldig herhaald, iets bezwerends krijgen. In combinatie met zijn trage, wat luie zang over een stevige laag dreinende percussie, roept dit gaandeweg een gevoel van trance op.

Live werkt de muziek van Bombino nog beter, vooral op festivals, waarvoor uit de hele wereld uitnodigingen binnendruppelen. Bombino's tweede grote internationale albumrelease, het door gitarist Dan Auerbach van The Black Keys geproduceerde Nomad (2013), heeft dit nog versterkt.

'Die hebben we in Nashville opgenomen', zegt Bombino. 'Te snel, vond ik eigenlijk, en achteraf ben ik ook niet zo blij met het geluid. Ik heb me te veel aan Dan overgeleverd. Maar ik was ook een beetje door hem geïntimideerd. Het is zo'n grote jongen en dan ook nog in een stad met historie als Nashville...'

Internationaal succes

Auerbach, die bij The Black Keys naam maakte met een rauwe rock-'n-rollvariant op de blues, hoorde ook bij Bombino een uniek bluesgeluid. 'Maar hij drong zijn visie te veel op. Na drie dagen zei hij al dat het goed was, terwijl ik nog het gevoel had dat we demo's aan het maken waren.'

Ondanks Moctars twijfels werd Nomad een groot internationaal succes en dat opende nog meer deuren voor zijn muziek - daar is hij dan wel weer erg blij mee.

'Twee jaar geleden speelden we in Central Park in New York. Na afloop kwam er iemand naar me toe van een andere band die ik niet kende, de Dirty Projectors. David Longstreth heette hij en hij wilde graag met mij de studio in, dus ik ben eens goed gaan luisteren.'

Bombino op het Roskilde Muziek Festival in 2013 Beeld anp

Het kwartje viel snel. De New Yorkse Dirty Projectors maakten zelf dan wel wat springerige rockliedjes, ze hadden ook zo'n twinkelend, Afrikaans aandoend gitaartje. 'Daar kon ik wat mee.'

Het album Azel dat uit deze samenwerking voortkwam, nam Bombino op in Upstate New York. 'Een studio op een soort boerderij, waar we ook allemaal sliepen. Een beetje zoals thuis, tussen kippen en geiten. Heel vertrouwd.'

Maar zo vertrouwd als de omgeving op de band overkwam, zo anders moest de muziek worden. 'Ik wilde wat meer met reggaeritmes doen, mijn eigen variant toeareggae; die had ik live wel uitgeprobeerd, maar nog niet op de plaat. En ik wilde werken met meerstemmige zang. Vocale harmonieën, die nieuw zijn voor Toearegmuziek.'

Dat laatste kon vooral Longstreth hem goed leren. In diverse liedjes hoor je de fraaie tweede stem van zangeres Mama Walet Amoumene, die Bombino's muziek een nieuwe dimensie geeft. Azel sprankelt meer en kent meer afwisseling dan eerdere Bombino-albums.

De ontmoetingen met buitenlandse - westerse -muzikanten hebben zijn muzikale horizon flink verbreed, zegt Bombino. 'Niet alleen de muzikanten, ook de andere mensen die ik op onze reizen ontmoette hebben daaraan bijgedragen. Eigenlijk best vreemd dat ik, opgegroeid in de woestijn en dus behoorlijk afgesloten van de buitenwereld, nu in steden als Parijs, New York en Amsterdam kom.'

Een bevoorrechte positie, vindt hij, en die wil hij nooit in de toekomst productief maken. 'Ik moet mijn mensen thuis iets geven van wat ik hier aan ervaringen en kennis opdoe. Aan jullie kan ik alleen muziek geven, verder niks. Maar in Niger is nog zo veel te doen.'

Geboortegrond

Daar, in zijn geboorteland, is de situatie nu al bijna tien jaar stabiel. Toch heerst er angst. Voor IS en aanverwante terreurgroepen en voor de gevolgen van een sterke economische terugval.

'Bijna 90 procent van de Toearegs in ons land is werkloos. We moesten het hebben van het toerisme. De woestijnen waren een tijdlang een geliefde vakantiebestemming en betere gidsen dan Toearegs zijn er niet. Maar de laatste jaren durft niemand meer naar Niger te komen. De situatie in omringende landen als Libië is te onveilig.'

En dus wil Bombino terug naar zijn geboortegrond, zo veel en zo vaak hij maar kan. 'Precies het omgekeerde van weggaan, wat ik Afrikanen zie doen. En als ik straks met mijn muziek hier alles heb gegeven, vestig ik me voor het leven in Niger. Om er een muziekschool te bouwen en les te geven bijvoorbeeld. Er is in Afrika nog zo veel te doen. Jullie hebben alles en wij hebben niks. Ik wil graag geven, maar heb jullie straks niks meer te geven. Daarom ga ik dus terug.'

Toearegrock

De Toeareg is een Berberstam uit de Sahara, die verspreid leeft over diverse West-Afrikaanse landen. Vooral de elektrische gitaar is bij hen een geliefd instrument. De eerste Toearegband die internationaal doorbrak was Tinariwen uit Mali, die al meer dan dertig jaar bestaat. Sinds hun internationaal uitgebrachte album Aman Iman (2007) is de dansbare, door rockgitaren gedreven muziek van de band ook op Nederlandse festivals te horen geweest. Tinariwen heeft in Bombino een goede opvolger, die het voor Toearegmuziek kenmerkende gevoel van verlangen en heimwee ('assouf') overbrengt. Andere Toearegbands die recentelijk buiten Afrika naam maakten met sterke albums zijn Kel Assouf (thans opererend vanuit België) en Imarhan (Algerije).

Bombino speelt 17/6 op het Best Kept Secret Festival in Hilvarenbeek.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden