Bezorgdheid om een ijl symbool

Ooit is verkondigd dat Rotterdam twee monumenten heeft: het Groothandelsgebouw en de Van Nelle-fabriek. Nog wordt de laatste gebruikt waarvoor ze is ontworpen....

ER MOET zo links en rechts wat gevloekt zijn, toen Sara Lee/DE woensdag pardoes bekend maakte de Van Nelle-fabriek in Rotterdam te sluiten. Dat gebeurt weliswaar op termijn (rond 2000) en in zorgvuldig overleg, maar het feit ligt daar: wat te doen met een industrieel monument dat speciaal voor de koffie-, thee- en tabaksproduktie is gemaakt, een fabriek die hoort tot een van de topstukken van de wereldarchitectuur en daarom op de Unesco-monumentenlijst figureert?

Douwe Egberts, dat de grond en opstallen in 1989 van Van Nelle overnam, heeft de beslissing om 'efficiency-redenen' genomen, daarbij minder rekening houdend met het gebouw als monument. Nederlanders drinken niet zo bar veel extra koffie (en dat wordt eerder minder dan meer), van het buitenland is ook weinig groei te verwachten en er bestaat al een behoorlijke overcapaciteit.

Toen het Amerikaans-Nederlandse concern met afstrepen begon, kwam de Rotterdamse vestiging dan ook als eerste in aanmerking, omdat de Van Nellefabriek in tegenstelling tot andere vestigingen verouderd is. Het produktiesysteem is gebaseerd op een verticaal transport, over zeven verdiepingen, en met verpakkingslijnen die van links naar rechts lopen, waarbij de handarbeid een belangrijke rol speelt.

De balen koffie, tabak en thee werden via schuin gestoken bruggen van de fabriekshal naar de overkant, het expeditiecentrum, vervoerd. En daarachter lagen dan weer de schepen klaar om de genotsartikelen het land in te brengen. Die transportbruggen zijn in het verleden buiten gebruik gesteld of veranderd in drooglopen tussen de gebouwen.

De Van Nellefabriek mag dan nog zo strategisch liggen, dat voordeel weegt niet op tegen de ondoelmatigheid, de stookkosten en het onderhoud. 'Dat verticale transport is een obstakel', vat H. Bouwman van Sara Lee/DE de nadelen samen. 'Als het gebouw als fabriek geschikt zou zijn geweest, zouden we er niet zijn uitgegaan.'

Sara Lee/DE ontkent dat het concern een zorgverplichting voor het monument heeft, omdat het Van Nelle in 1989 heeft ingelijfd. Bouwman: 'Zorg, wel in termen van restauratie, natuurlijk. We zijn daar in 1991 mee begonnen en ronden het proces in 1996 af. De produktie verdwijnt niet voor 1998, waarna we de kantoren nog twee jaar zullen verhuren. Eind deze eeuw moet het gebouw leeg zijn. In de tussentijd zoeken we naar een passende bestemming, maar ik vermoed dat een functie in de industriële sfeer heel moeilijk zal zijn.'

Bij Monumentenzorg in Rotterdam was het al langer duidelijk dat de toekomst van de fabriek er zorgelijk uitzag. M. Bulthuis, hoofd monumentenzorg, viel het op dat er veel leegstond in het gebouw. De gemeente Rotterdam heeft driehonderdduizend gulden geïnvesteerd in de restauratie van de tearoom, de gezichtsbepalende bonbonnière op het dak, die in 1993 feestelijk werd heropend. Bulthuis gaat ervan uit dat de restauratie gewoon wordt voltooid, omdat er een overeenkomst ligt. Hij is het meest bevreesd voor het ogenblik dat de fabriek leeg komt, omdat dan het verval intreedt.

Wordt de Van Nelle-fabriek dan een tweede Zonnestraal, het afgedankte sanatorium bij Hilversum en een ander topstuk van het Nieuwe Bouwen? Bulthuis verwacht het niet.

'Zonnestraal is zo verwaarloosd: daar begin je helemaal weer bij nul. De fabriek staat er perfect bij. Ik denk ook dat er makkelijker een oplossing voor kan worden gevonden.

'Maar aan studentenhuisvesting moeten we niet denken. Het mooist zou zijn als je een functie vond die verband houdt met het idee van een fabriek die uitmuntte in moderne bedrijfsvoering en een symbool van het moderne bouwen.'

De Rotterdamse Monumentenzorg was tot dusver zeer te spreken over de inzet van Douwe Egberts. 'Toen ze Van Nelle kochten, hadden ze reden om te twijfelen aan de rendabele exploitatie. Daarna is de restauratie naar eer en geweten uitgevoerd. We kregen het gevoel dat ze er trots op waren: bij de opening van de tearoom was de directie present. Ze raadpleegden ons telkens als er een nieuwe fase in de restauratie aanbrak.'

A. Asselbergs, directeur van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, wil nog geen commentaar geven. 'De directie van DE heeft gezegd met ons te willen overleggen. Het heeft geen zin allerlei uitspraken te doen voor dat overleg er is geweest. Anders heeft zo'n gesprek geen zin.'

Maar Asselbergs laat wel doorschemeren dat het op zijn minst een pre is dat de sluiting bijtijds is aangekondigd. 'We hoeven nu niet lijdelijk toe te zien hoe het gebouw komt leeg te staan en de ruiten worden ingegooid, zoals je bij oude kerken ziet gebeuren.'

De Van Nellefabriek is met tussenpozen tussen 1926 en 1930 gebouwd door de architecten Brinkman en Van der Vlugt. De bouw werd vertraagd omdat de toenmalige directeur Van der Leeuw de modernste apparatuur en machines uit de Verenigde Staten in het gebouw wilde verwerken.

Revolutionair is de glazen vliesgevel die voor de stalen constructie hangt en ook nog een flauwe ronding beschrijft, waardoor de fabriek een elegant ijspaleis lijkt. Een dergelijke doorzichtige fabriek is zeldzaam, en het was dan ook een opgave voor de restaurateurs (het bureau Van den Broek en Bakema) om die ijlheid te handhaven.

Voor architectuurstudenten uit de hele wereld is de Van Nellefabriek een voorbeeld, studieobject en bedevaartsoord. En de huidige voorzitter van de Bond van Nederlandse Architecten, Carel Weeber, verkondigde ooit dat Rotterdam slechts twee monumenten kent: het Groothandelsgebouw en deze fabriek. Bestaat er gevaar voor sloop? Bulthuis: 'Dan neem ik ontslag.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden