Bevroren stilte

Per Ole Lund is getrouwd met zijn schip. En als de walvissen het toelaten, blijft dat zo. Zijn schip is een oud marinevaartuig dat Strønstad heet, bouwjaar 1955. Per Ole is een oude visser uit ongeveer hetzelfde bouwjaar, dus dat past mooi bij elkaar. Ook zijn ze allebei kort en breedgeschouderd. De juiste verhoudingen om een Noorse winterstorm te weerstaan.


Het liefst staat Per Ole in het stuurhuis van zijn schip. Dan klapt hij een raampje open en leunt op zijn elleboog, die half naar buiten steekt. Zo kan hij urenlang de zee bekijken, als een menselijk radar, in de hoop dat er iets te zien is.


De mobiele telefoon van Per Ole heeft als ringtone een startende scheepsdiesel. De vissers, de veerbootkapiteins en de vuurtorenwachters bellen hem als ze iets hebben gezien. Of hij belt ze zelf. Hij kent ze allemaal. Zoveel mensen wonen er niet op de Lofoten. Als Per Ole aanlegt in een haven, is er altijd wel iemand die komt helpen.


Hij stuurt zijn boot de haven van Narvik uit. Er ligt sneeuw op de trossen. Het is bijna nacht, en het is zeven uur varen door het fjord. Enkele vissers hebben wat gezien, zegt hij. We moeten er morgenochtend vroeg bij zijn. Gaan jullie slapen, dan vaar ik door.


Die ochtend ligt de boot in Lødingen. Het dorp is stilgevallen nu de winter zich erover heeft ontfermd. Er is niets meer dat beweegt. De boot is bevroren; uit de ramen komt geel licht. Nog even en de poolnacht is compleet; nu schemert het tot in de middag. Het is een donkerblauwe schemer die windstil boven de eilanden hangt. Traag kruipen wolken langs de bergen naar beneden.


Per Ole heeft goede hoop. Meer vissers hebben wat gezien. De radars draaien. Boven het voordek is een kraaiennest gelast. Je moet letten op de meeuwen, zegt Per Ole. Waar meeuwen zijn op zee, is iets aan de hand. En zoek naar een vin. Zoek niet naar zo'n fontein van water; hun fonteinen zijn niet groot en verwaaien in de wind.


Per Ole is altijd aan het varen geweest. Eerst bij de marine, daarna op de koopvaardij tussen het hoge Noorden en Rotterdam. Het ging zo goed, dat hij twee eigen schepen kocht en reder werd. Totdat hij de walvissen ontdekte, en in 1990 als eerste Noor met zeesafari's begon. Potvissen in de zomer, in het ruige noordoosten van de Lofoten en van Vesterålen. Orka's in de winter. Als ze er zijn, zal hij ze zien.


Zijn boot heeft een paar hutten en ruimte voor vijftien gasten. Aan boord zijn Catarina en Magdalena, die gravad lax maken in de kleine kombuis, en Arctic Beer serveren. Catarina speelt ook graag fiddle-liedjes op haar viool.


Hier varen, zegt Per Ole, is het mooiste dat er is. Je hoeft geen walvissen te zien, om van dit landschap gelukkig te worden.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden