Bevallen boven de Siberische taiga in de ambulancehelikopter

In het afgelegen Siberische district Jenisejsk zijn de 23 duizend inwoners voor hun medische zorg afhankelijk van de arts Maxim Andrejev. Met zijn ambulancehelikopter bestrijkt hij een gebied drie keer zo groot als Nederland.

Een zwaargewonde houthakker, die een boomstam op zijn rug gekregen heeft, wordt gestabiliseerd voor transport. Er worden meteen wat voorraden achtergelaten voor het lokale veldhospitaal. Beeld Yuri Kozyrev/Noor

Bevallen in een helikopter is ingewikkeld, elke keer weer. Communiceren is nauwelijks mogelijk door het geraas van de rotor. En als er een sneeuwstorm opsteekt – en dat gebeurt nog weleens hier in de Siberische taiga – dan schommelt de kraamkamer alle kanten op. ‘Bevallen kun je het best op de grond’, had arts Maxim Andrejev gezegd voordat de MI-8 de lucht in wiekte. Naast hem op het bankje in de helikopter staat de oranje doos met medische instrumenten voor bevallingen. Het toestel scheert over eindeloze oerbossen, elandenkuddes en bevroren riviertjes, op zoek naar de jonge vrouw die 112 gebeld heeft.

Andrejev en zijn helikopter vormen de enige medische nooddienst voor het district Jenisejsk, een gebied ter grootte van ongeveer drie keer Nederland. De moeilijkheid is niet zozeer het aantal mensen dat in het district woont: het zijn er maar 23 duizend. Het zijn de afstanden en weersomstandigheden die levensbedreigend zijn.

De 40-jarige Andrejev kijkt op zijn horloge. Het noodtelefoontje kwam vanochtend van 300 kilometer verderop. Anderhalf uur heen, anderhalf uur terug. Krap, weet hij na 19 jaar in de helikopter.

Ziekenwagens hebben geen zin in de meeste delen van Siberië. Kijk door de ronde raampjes naar beneden en je begrijpt waarom. Er zijn geen wegen hier, alleen richtingen.

Vorig jaar rukten ze 271 keer uit, de helikopter, Maxim Andrejev en diens vervanger Sergej. Voor de hele provincie (oppervlakte: ongeveer zestig keer Nederland) gaat het om duizenden vluchten per jaar. Door nieuwe olie- en gasprojecten en toenemende scheepvaart in de smeltende Noordelijke IJszee is in het noorden steeds meer te doen.

Het dorp Krivlyak, in de Siberische taiga, hiervandaan kwam de noodoproep voor een jonge vrouw. Beeld Yuri Kozyrev/Noor

Noordelijke bonus

Voortdurend speelt hier de discussie hoeveel een leven waard is. Helikopters en vlieguren zijn duur: 500 miljoen roebel (7 miljoen euro) per jaar, alleen voor deze provincie. ‘Als mensen dat horen, zeggen ze altijd dat je we meer ziekenhuizen moeten bouwen, maar dat is nog duurder’, zegt directeur ­Jegor Kortsjagin van het ziekenhuis in provinciehoofdstad Krasnojarsk. Ondanks de hoge druk van de helikopters op de begroting heeft hij nog nooit een noodvlucht geweigerd. ‘We moeten hier nou eenmaal via de lucht werken. Het zijn onze mensen die in deze gebieden wonen, onze burgers.’

De gewonde houthakker wordt naar het ziekenhuis in Krasnojarsk gebracht. Beeld Yuri Kozyrev/Noor

Om de kosten te beperken wordt er alleen gevlogen bij noodgevallen. En om de risico’s te beperken zo min ­mogelijk ’s nachts – de omstandigheden zijn al gevaarlijk genoeg.

Problemen met Andrejevs helikopter zijn er de laatste jaren niet geweest. Maar hij kent de gevaren – afgelopen oktober stortte er in het noorden van de provincie nog eenzelfde MI-8 neer.

Wie hier gestationeerd is, krijgt de ‘noordelijke bonus’. Een flinke aanvulling op het salaris voor werknemers in de koudste gebieden van Rusland. In tegenstelling tot de minder extreme gebieden kan medisch personeel hier rondkomen zonder ‘dankbaarheid’ aan te hoeven nemen van patiënten. Andrejev neemt hoogstens een pot ­lokale honing aan, zegt hij.

De MI-8 functioneert volgens hem probleemloos tot 55 graden onder het vriespunt. Dat de ervaren piloot Andrej mee is, zorgt voor houvast. ‘Andrej is van hier, die raakt de weg niet kwijt. Invallende piloten uit de stad verdwalen.’

Andrej, de piloot, is opgegroeid in de regio. Beeld Yuri Kozyrev/Noor

Altijd is onduidelijk wat Andrejev zal aantreffen. Bij oproepen met satelliettelefoons diep uit de naaldwouden is het de vraag of er wel een plek is om te landen. Soms is het uren speuren naar de patiënt. Ook de toestand van de patiënt is onvoorspelbaar. Snel overleggen met een collega over een ingreep is er niet bij in de helikopter. Andrejev staat er alleen voor.

Op de heenweg schrijft hij gedichten, als het niet te hard waait. Voor zijn vrouw en zijn twee dochters. Hij leest Russische klassiekers en dissidentenboeken uit de Sovjet-Unie. En hij kijkt naar buiten, vooral in de lente, als de beren ontwaken uit hun winterslaap, de rivieren beginnen te stromen en wit verandert in groen, geel en goud.

Injectienaalden

De vlucht naar de zwangere vrouw is de tweede reddingsoperatie van de dag. ’s Ochtends vroeg haalde hij een zwaargewonde houthakker uit Novonazimovo, een van die vele gehuchten langs de ­Jenisej-rivier. Boomstam op zijn rug gekregen. Andrejev had snel nog even 24 liter appelsap, acht potten tomatenpuree en een paar honderd ­eieren meegenomen voor de medewerkers van het veldhospitaaltje in Novonazimovo en daarna de houthakker gestabiliseerd en afgeleverd op de operatietafel in Jenisejsk, de thuisbasis van de reddingsdienst.

Als de MI-8 de landing inzet boven een sneeuwveld naast een groepje houten huizen, ziet Andrejev dat een jeepje met de zwangere vrouw al klaarstaat – dat scheelt tijd. In razend tempo draagt Andrejev de vrouw de helikopter in onder het kabaal van de rotor. Twee sporttassen met kleding naar binnen en omhoog. Het wordt de eerste bevalling voor Galina, 23 jaar. Twee ­weken te vroeg.

Galina (23) moet met spoed naar de kraamkliniek, arts Maxim Andrejev stelt haar gerust. Beeld Yuri Kozyrev/Noor

Haar man maakt gelukkig geen aanstalten om mee te gaan. Echtgenoten in de lucht heeft Andrejev niet graag. Die willen weleens in paniek raken als het begint te bloeden in de helikopter of er injectienaalden gezet moeten worden. Andrejev heeft meegemaakt dat mannen een medische ingreep probeerden te voorkomen. Uitleggen kan nauwelijks wegens het lawaai. Dan kan het tot een handgemeen komen.

Andrejev steekt zijn duim omhoog naar Galina: er klopt een hartslag in haar buik. Hij steekt twee vingers op. Nog twee uur tot het begin van de bevalling, schat hij, het is anderhalf uur vliegen. De kraamkliniek op de grond lijkt haalbaar.

Ook fijn: Galina blijkt te beschikken over een paspoort en verzekerings­papieren. Dat is hier geen zekerheid. De taiga langs de Jenisej is de habitat van Oudgelovigen, christenen die in 1666 hervormingen van de Russisch orthodoxe kerk afkeurden en naar Siberië vluchtten om afgesloten te leven. Paspoorten hebben zij vaak niet, satelliettelefoons voor noodoproepen wel.

De brancard blijft nog steken in de sneeuw, maar Galina haalt de kraam­kliniek voor de bevalling begint. Later op de dag, als Andrejev eindelijk tijd heeft om te eten, gaat de telefoon weer. Dit keer geen noodoproep uit het naaldwoud, maar bericht uit de kraamkliniek. ‘46 centimeter, 2.600 gram.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden