BESTUURLIJK ONGEDULD

JE moet toch iets doen om de natie wakker te schudden en democratie en rechtsstaat van de ondergang te redden....

KEES SCHUYT

Organisaties die zichzelf durven opheffen hebben bij mij een streepje voor. Maar omdat er sinds Provo geen organisatie meer is geweest die dat gedaan heeft, kan men met een kalm oog de idee van de opheffing van Nederland bezien.

De groep die zichzelf tooit met de naam Het Kapittel - herinnerend aan de gelijknamige weinig democratische rooms-katholieke kerkorganisatie - wil Nederland laten opgaan in een federatie van negen gewesten, samen met België en Luxemburg. Hiermee en met nog een aantal andere hervormingen zou de crisis in democratie en rechtsstaat bezworen kunnen worden.aar

Zowel bij de oplossing als in de diagnose ontbreekt het niet aan schromelijke overdrijving. Laat ik eerst iets over de oplossing zeggen.

Als Nederland zo nodig moet worden opgeheven, waarom dan geen aansluiting gezocht bij de Bondsrepubliek Duitsland? Waarom worden we niet gewoon één van de Duitse Länder? Economisch gezien lijkt het mij veel verstandiger dan aankloppen bij een federatieve staat die alle moeite zal moeten doen om niet van bestuurlijke ellende uiteen te vallen. Als Nederland, om begrijpelijke redenen, niet gedacht kan worden als provincie van Duitsland dan duidt dit er op dat er toch nog steeds zoiets bestaat als de Nederlandse identiteit en natie. Gelukkig maar.

De opheffing van Nederland wordt ingegeven door de gedachte dat gelijktijdige schaalvergroting en schaalverkleining de oplossing is voor de problemen waar een nationale democratie mee worstelt. Aan de ene kant is Nederland te klein, want er wordt steeds meer in Brussel beslist; aan de andere kant is Nederland te groot, want de regio's vormen belangrijke nieuwe knooppunten van bestuur en economie.

Deze veelgehoorde gedachte lijkt een zekere logica te hebben, maar vanuit het oogpunt van democratisch gehalte van een gemeenschap is een continuïteit van bestaande verbanden (bijvoorbeeld Amsterdam en Rotterdam als eeuwenoude gemeenten) minstens zo belangrijk als een geforceerde creatie van een nieuw regio-gevoel. Net zo min als de wijkgedachte ooit tot bloei kwam, zullen regio's levende werkelijkheden worden.

Dan de diagnose. Is deze wel juist gesteld? Deugt de stelling dat er iets grondig mis is met democratie en rechtsstaat? Gezien de hoge opkomstcijfers bij Tweede-Kamerverkiezingen en de lage opkomstcijfers bij Europese verkiezingen hebben kiezers in Nederland zeer goed door wat politiek voor hen betekent. Europa is zeer weinig democratisch en dat weten de meeste kiezers. De nationale schaal leeft daarentegen nog steeds en men geeft ook regelmatig te kennen dat men van het gevoerde beleid niet gediend is.

Wat burgers cynisch maakt over de politiek is niet het politiek stelsel als zodanig, maar het gedrag van de huidige generatie politici, die vóór de verkiezingen verzwijgen wat ze na de verkiezingen zullen doen. Of die niet in staat zijn de kiezers een heldere politieke keuze voor te leggen door vóór de verkiezingen bekend te maken met wie ze willen regeren (bijvoorbeeld CDA en VVD tegenover D66 en PvdA).

De analyse van de beweerde malaise in de democratie van de Kapittel-groep steekt in kwalitatief opzicht wel erg schril af tegen die van twee Leidse politicologen H. van Gunsteren en R. Andeweg die in hun recente boekje Het grote ongenoegen, over de kloof tussen burgers en politiek (uitgeverij Aramith) nu juist het bestaan van een dergelijke kloof relativeren. Ze stellen juist een hoge betrokkenheid van burgers bij de politiek in Nederland vast. En tevens analyseren ze de eeuwige behoefte bij politici om steeds maar weer over de kloof te klagen.

De moeite die de Kapittel-groep vervolgens heeft met one-issue-bewegingen verraadt de ergernis van (ex-)bestuurders over de hinderkracht van groepen van burgers die in verzet komen tegen de meestal overhaast genomen en vaak zeer eenzijdig tot stand gekomen beslissingen van bestuursorganen. Inspraak van en overleg met burgers is geen zwakte van de democratie maar een nuttig correctief tegen bestuurlijke arrogantie. Het hele pamflet lijkt wel uit bestuurlijk ongeduld en ergernis geschreven te zijn.

Net als democratie is ook politieke legitimiteit een verschijnsel dat vele lagen kent. Slechts aan de oppervlakte doen zich afbrokkelingsverschijnselen voor, maar in de kern is de steun voor de nationale democratie en de beginselen van de rechtsstaat helemaal niet in acuut gevaar.

Wie een stem in het kapittel wil hebben, doet er beter aan nog eens een hoofdstuk uit Das Kapital te lezen om de werkelijke problemen van Europa te leren kennen. Op het lezen van dat boek berust tegenwoordig een groter taboe dan op de opheffingsuitverkoop van de BV Nederland.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden